Wat werkt bij hechtingsproblemen?

Als professional kun je ouders ondersteunen bij het voorkomen van hechtingsproblemen. En als er al hechtingsproblemen zijn, kun je ouders helpen bij het opbouwen van een band met hun kind.  

De betekenis van het begrip hechting verandert met de leeftijd van een kind. Bij baby’s en jonge kinderen worden hechtingsproblemen vooral opgevat als een kenmerk van de ouder-kindrelatie. Hoe ouder een kind wordt, hoe meer hechtingsproblemen een persoonskenmerk van het kind worden. Als die problemen zeer ernstig zijn, kan er sprake zijn van een kinderpsychiatrische stoornis. 

Wat werkt bij hechtingsproblemen is dus afhankelijk van de leeftijd van het kind en de ernst van de problemen. Bij baby’s en jonge kinderen kan een professional proberen hechtingsproblemen te voorkomen. Zijn kinderen ouder en de problemen ernstig, dan is specialistische jeugdhulp aan de orde.

Voorwaarden van hechting

Voor het voorkomen en behandelen van gehechtheidsproblemen zijn drie dingen belangrijk:

  • Sensitief reageren: de ouder moet openstaan voor signalen van het kind en daar positief op reageren.
  • Continuïteit: er moeten zoveel mogelijk dezelfde volwassenen voor een kind zorgen en niet veel wisselingen zijn.
  • Mentaliseren: de ouder kan zich verplaatsen in het kind en benoemt wat hij of zij ziet. Bijvoorbeeld: ‘Ik zie dat je moe bent, zullen we even samen een boekje lezen?’ Of: ‘Ik zie dat jij steeds bozer wordt, laten we even afkoelen.’ 

Als er problemen zijn in het gezin die voor stress zorgen, bijvoorbeeld schulden, dan is het ook belangrijk om daarmee aan de slag te gaan. 

Hechtingsproblemen voorkomen

Om hechtingsproblemen te voorkomen kunnen jonge ouders effectief opvoedgedrag leren.

  • Hebben ze een baby, dan kun je vooral aandacht schenken aan sensitief opvoedgedrag. Daarmee maak je ouders alert op de signalen van hun kindje en hoe ze daarop kunnen reageren, bijvoorbeeld door het op te pakken, te troosten, gerust te stellen of te spelen.
  • Preventieve interventies zijn vooral effectief als zij starten als het kind ouder is dan zes maanden en als ze gebruikmaken van videofeedback
  • Na het eerste jaar kun je ouders leren effectief om te gaan met lastig gedrag van hun kind. Daarvoor is positief gedrag tegenover het kind belangrijk: complimenten geven en zorgen voor leuke momenten samen. Lastig gedrag moeten ouders zoveel mogelijk negeren. Ook is het belangrijk dat ze niet of nauwelijks straffen.

Lees meer over wat belangrijk is bij opvoeden

Omgaan met hechtingsproblemen

Niet alle kinderen die onveilig gehecht zijn ontwikkelen hechtingsproblemen. Maar is dat wel het geval, dan is het belangrijk om te weten dat aan betere hechting gewerkt kan worden. Het vertrouwen van het kind kan hersteld worden door te werken aan de band tussen ouder en kind.

Als professional kun je ouders ondersteunen bij het aansluiten bij hun kind, erop letten dat zoveel mogelijk dezelfde volwassenen voor het kind zorgen en de ouder helpen met zich verplaatsen in het kind.

Wanneer kinderen lastig gedrag vertonen door de hechtingsproblemen wordt het moeilijker voor ouders om positief op hun kind te reageren. Ondersteun ouders door dat te erkennen. Bespreek naast de moeilijke momenten ook de momenten waarop het wel goed is gegaan, bijvoorbeeld wanneer het gelukt is om te genieten van elkaars gezelschap.

Hechtingsstoornissen behandelen

Het belangrijkste voor kinderen met een hechtingsstoornis is dat zij positieve interacties kunnen hebben met iemand die emotioneel beschikbaar is. Voorwaarde daarvoor is dat kinderen zeker zijn van een veilige en stabiele woonplek.  

Kinderen met een hechtingstoornis kunnen ook agressief en oppositioneel gedrag vertonen. Hiervoor hebben zij extra behandeling nodig. Meer informatie hierover kun je terugvinden op de NJi-pagina's over gedragsproblemen.

In de residentiële jeugdhulp kun jij als professional zorgen voor een sensitieve benadering van kinderen met een hechtingsstoornis. Dat kan moeilijk zijn wanneer die kinderen ook gedragsproblemen hebben. In de werkkaarten van de richtlijn over hechtingsproblemen vind je tips over hoe om te gaan met opstandig gedrag, bijvoorbeeld met boze, opstandige of agressieve gevoelens.

In de richtlijn ernstige gedragsproblemen vind je een werkkaart voor opvoedtips voor beroepsopvoeders.  

Voor kinderen met een lichte verstandelijke beperking kun je de handreiking diagnostiek en behandeling van jeugdigen met een lvb raadplegen.

Niet effectief maar gevaarlijk

Bewezen niet effectief en zelfs gevaarlijk zijn interventies die gehechtheid willen bewerkstelligen door:

  • dwang
  • het ‘doorwerken’ van trauma zonder deskundige begeleiding
  • het bevorderen van regressie oftewel teruggaan naar het verleden, zoals therapeutisch vasthouden en rebirthing-therapie

De effectiviteit van dit soort interventies is niet bewezen. Bovendien zijn ze in tegenspraak met de gehechtheidstheorie die het belang van sensitief gedrag van de ouders benadrukt. Deze interventies kunnen zelfs schadelijk zijn voor kinderen.

De inhoud van deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met Landelijk Kenniscentrum LVB en Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie.

Alle pagina’s over hechting en hechtingsproblemen

Naar het overzicht

Paula Speetjens

Paula Speetjens

senior medewerker inhoud