Financiering Voor- en vroegschoolse educatie (vve)

Gemeenten en scholen krijgen geld van de Rijksoverheid voor het bestrijden van onderwijsachterstanden. Daaruit wordt onder meer voor- en vroegschoolse educatie gefinancierd, maar ook bijvoorbeeld startgroepen, zomerklassen en ouderbetrokkenheid.

Voorheen werd het beschikbare budget verdeeld volgens de 'gewichtenregeling', die gebaseerd is op het opleidingsniveau van de ouders. In de nieuwe regeling wordt rekening gehouden met meer kenmerken van de omgeving van het kind:

  • het opleidingsniveau van beide ouders;
  • het herkomstland van de moeder;
  • de verblijfsduur van de moeder in Nederland;
  • het gemiddelde opleidingsniveau van alle moeders op de school;
  • of de ouders in de schuldsanering zitten.

Op basis van deze indicatoren berekent het CBS ieder jaar hoe groot het risico op onderwijsachterstand van een peuter en een leerling is. Dit wordt de onderwijsscore genoemd. Op basis van deze anonieme schoolscores van kinderen tussen de 2 en 4 jaar en basisschoolleerlingen, wordt de achterstandsscore voor een gemeente berekend en het budget bepaald. Voor kinderen met een hoger risico op een onderwijsachterstand ontvangen scholen en gemeenten een hoger bedrag dan voor kinderen met een lager risico.

Meer informatie

Besluit specifieke uitkeringen gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid

Jolyn Berns