• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Voor- en vroegschoolse educatie (vve)

Financiering

Scholen en gemeenten krijgen extra budget voor het bevorderen van de ontwikkeling van leerlingen met risico op onderwijsachterstand.  De verdeling van het budget daarvoor vindt plaats op basis van de gewichtenregeling voor het onderwijs.

Gewichtenregeling onderwijs

Schoolbesturen krijgen extra financiering voor leerlingen van wie de ouders (volgens eigen opgave bij de school) een relatief lage opleiding hebben genoten. Op grond daarvan krijgen de leerlingen een zogenoemd leerlinggewicht toegekend.

Er worden twee gewichten onderscheiden:

  • Gewicht 0,3: beide ouders hebben niet meer dan het niveau praktijkonderwijs of voorbereidend beroepsonderwijs van de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg.
  • Gewicht 1,2: één ouder heeft alleen basisonderwijs en de andere maximaal praktijkonderwijs of voorbereidend beroepsonderwijs van de basis- of kaderberoepsgerichte leerweg.

Bij de gewichtenregeling is een drempel ingebouwd. Er worden alleen middelen uitgekeerd aan de schoolbesturen, als de som van de gewichten ten minste 6% van het totale aantal leerlingen uitmaakt. Er is ook een plafond. Er wordt voor maximaal 80% aan extra gewicht uitgekeerd.
Naast de gewichtenregeling is er de Regeling vaststelling impulsgebieden. Deze regeling houdt in dat er extra geld wordt toegekend aan scholen in postcodegebieden, waar het gemiddelde inkomensniveau laag is en de werkloosheid hoog. De basisscholen krijgen het extra bedrag naar rato van het aantal leerlingen met een leerlinggewicht. Voor dit bedrag geldt geen drempel en geen plafond.

De gewichtenregeling gaat in 2018 veranderen.

Budget bestrijding onderwijsachterstanden voor gemeenten

Gemeenten ontvangen eveneens budget voor het bestrijden van onderwijsachterstanden. De hoogte van het budget voor het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (goab-middelen) is afgeleid van de gewichtsfactoren van de basisscholen en dus ook gebaseerd op de opleiding van ouders. Gemeenten dienen deze goab-middelen primair in te zetten voor voorschoolse educatie, (minimaal voor 10 uur vanaf 2,5 jaar) met een actief streven naar 100% doelgroepbereik. De middelen kunnen daarnaast besteed worden aan het bevorderen van ouderbetrokkenheid, schakelklassen, zomerscholen en eventuele overige taalvoorzieningen.

Vragen?

Hilde Kalthoff is contactpersoon.

Foto Hilde  Kalthoff

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.