• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Cijfers over Jeugd en Opvoeding

Gamen

Gamen is het spelen van video- of computerspellen.

Er zijn drie soorten games:

  • Offline games: Een offline game is het meest bekende type game. De speler speelt hierbij zonder internet (offline) op een computer of spelcomputer ('console'). Meestal zonder sociaal contact ('single player'), maar soms ook met meerdere mensen achter één systeem. Voorbeelden zijn 'Patience' of 'The Sims'.
  • Browser games: Met de opkomst van het internet is het mogelijk geworden om laagdrempelig en gratis kleine spelletjes op websites te spelen in de webbrowser.
  • Multiplayer online games: Multiplayer online games zijn spellen waarin je online - dus via internet - met (anonieme) anderen samen speelt. Een voorbeeld hiervan is 'World of Warcraft'.

Gameverslaving

Er komen steeds meer mensen die gameverslaafd zijn, zowel onder jongeren als onder volwassenen. Een gameverslaving lijkt op een gokverslaving. Men is zo bezig met het gamen dat andere aspecten van het leven ondergesneeuwd worden. Dit wordt ook 'compulsief gamen' genoemd. Compulsief gamen leidt onder andere tot afhankelijkheid, preoccupatie met het gamen, verstoring van relaties en matig functioneren op school of werk.

Bronnen

  • Rooij, T. van, Schoenmakers, T., Meerkerk, G., ... [et al.] (2008). 'Factsheet videogames en Nederlandse jongeren : monitor internet en jongeren'. Rotterdam: IVO, wetenschappelijk bureau voor onderzoek over verslaving, leefwijzen, maatschappelijke ontwikkelingen

Kerncijfers

In 2015 gamen 33 procent van de basisschoolleerlingen en 27 procent van de 12 tot en met 16 jarige leerlingen in het voortgezet onderwijs dagelijks. Als er gegamed wordt besteed 64 procent van de 12-16 jarigen daar per keer 1-4 uur aan. 12 procent besteed per keer meer dan 4 uur aan het gamen. Onder basisschoolleerlingen gaat het om respectievelijk 53 procent (1-4 uur) en 10 procent (> 4 uur) van de gamers.

Gamen komt onder jongens veel vaker voor. Ook besteden ze er meer tijd aan. Onder de 12 t/m 16 jarigen komt dagelijks gamen bij 44 procent van de jongens en 9 procent van de meisjes voor. 72 procent van de gamende jongens doet dit 1-4 uur per keer. Bij meisjes gaat het om 47 procent.  Deze gegevens zijn afkomstig uit het Peilstationonderzoek onder scholieren (Van Dorsselaer e.a., 2016). 

Laatst bewerkt: 2 maart 2018


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

  • Dorsselaer, van S., Tuithof, M., Verdurmen, J., Spit, M., Van Laar, M. & Monshouwer, K. (2016). Jeugd en Riskant gedrag 2015. Kerngegevens uit het Peilstationonderzoek scholieren. Utrecht: Trimbos instituut.

Gameverslaving onder jongeren

In 2015 is bij 3,3 procent van de jongeren in het voortgezet onderwijs (12 t/m 18 jaar) sprake van risicovol gamen. Onder 12-16 jarigen gaat het om 3,2 procent en onder 17-18 jarigen 4,5 procent. Risicovol gamegedrag komt beduidend vaker voor onder jongens dan meisjes. Zo is bij 5,6 procent van de jongens van 12-16 jaar sprake van risicovol gamen terwijl bij meisjes het om 0,8 procent gaat. Deze gegevens zijn afkomstig uit het Peilstationonderzoek Scholieren 2015. Om na te gaan of er bij jongeren sprake is van risicovol (problematisch) gamen is gebruik gemaakt van de Compulsive Internet use Scale en Video games addiction scale. Symptomen die duiden op problematisch game gedrag zijn onder andere het moeilijk vinden te stoppen met gamen, slaap tekort door gamen,  zich onrustig of geïrriteerd voelen als er niet gegamed kan worden en het liever gamen dan tijd met anderen doorbrengen (Van Dorsselaer e.a., 2016).

Laatst bewerkt: 2 maart 2018


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

  • Dorsselaer, van S., Tuithof, M., Verdurmen, J., Spit, M., van Laar, M. & Monshouwer, K. (2016). Jeugd en Riskant gedrag. Kerngegevens uit het Peilstationonderzoek Scholieren. Utrecht: Trimbos Instituut.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies