Hoe vul ik mijn voorbeeldfunctie in?

Als professional draag je bij aan het mediawijs opvoeden van kinderen. Wees je bewust van het voorbeeld dat je geeft aan kinderen, maar ook aan ouders. 

Geef het goede voorbeeld aan ouders

Neem ouders mee in nieuwe ontwikkelingen op het gebied van digitale media. Vraag daarbij ook wat hun verwachtingen zijn. Wat verwachten zij van de organisatie rond mediaopvoeding? Wat doen ouders zelf thuis? Maak gezamenlijk afspraken die aansluiten bij de visie van jouw organisatie.

Geef het goede voorbeeld aan kinderen

Jouw mediagebruik op je werk is voorbeeldgedrag voor de kinderen met wie je werkt. Wanneer je als professional zelf veel met media bezig bent, kunnen kinderen het beeld krijgen dat veelvuldig mediagebruik normaal is. Zorg dus voor een goede balans voor de kinderen en houd je daar zelf ook aan.

Begeleid kinderen in hun mediagebruik

  • Praat erover
    Praat en stel vragen over wat jullie zien en laat kinderen reageren. Wees oprecht nieuwsgierig. Stel vragen. Wat houdt ze bezig? Waar maken ze zich zorgen over? Wat vinden ze lastig? Praat ook met kinderen over hun gedrag op internet en sociale media. Wees hierin nieuwsgierig en open.
  • Wees kritisch
    Bespreek met kinderen welke berichten op internet waar en niet waar zijn en hoe ze daar achter kunnen komen.
  • Zorg voor een goede balans
    Zorg voor een balans tussen online en offline activiteiten. Koppel wanneer mogelijk een digitale activiteit aan een fysieke activiteit.
  • Maak duidelijke afspraken
    Maak afspraken over het (zelfstandig) gebruiken van media. Bespreek samen hoe lang en wanneer ze wat mogen bekijken of welk spel ze mogen spelen. Maak ook afspraken over welke apparaten ze mogen gebruiken.

Pas je begeleiding aan aan de ontwikkeling van de kinderen

Hoe jonger het kind, hoe meer begeleiding er nodig is bij mediagebruik.

Vanaf 6 jaar

Vanaf 6 jaar worden kinderen steeds zelfstandiger en willen ze zelf kiezen naar welk programma ze kijken of welk spelletje ze spelen. Hierbij blijft begeleiding belangrijk, om ervoor te zorgen dat ze media gebruiken die geschikt zijn voor hun leeftijd, ontwikkelingsniveau en interesses.

  • Help bij het opstarten
    Begeleid de kinderen bij het opstarten en gebruik media samen waar mogelijk.
  • Toon interesse
    Toon regelmatig interesse in wat kinderen doen op internet, en vraag wat ze vinden van wat ze zien en lezen. Wat vinden ze prettig en minder prettig? Vraag kinderen ook regelmatig om te laten zien of uit te leggen wat ze graag online doen.
  • Blijf alert
    Spreek met kinderen af dat ze het altijd melden wanneer ze iets zien dat ze vreemd of niet prettig vinden. Wees alert op reacties van kinderen tijdens het mediagebruik en speel daarop in.

Vanaf 12 jaar

Hoe ouder het kind, hoe belangrijker mediagebruik wordt bij het ontwikkelen van zijn of haar identiteit. De online en offline wereld komt steeds meer los te staan van ouders en professionals. Denk bijvoorbeeld aan meer online contact met vrienden en het ontdekken van nieuwe interesses. De kinderen bepalen nu voornamelijk zelf hun eigen mediagebruik. Maar ook op deze leeftijd blijft begeleiding belangrijk.

  • Zorg voor een open gesprek
    Informeer niet op een wantrouwende manier naar wat de kinderen online beleven. Toon oprechte interesse in wat er online gebeurd. Zo geef je de kinderen het gevoel dat ze bij je terecht kunnen als er iets vervelends gebeurt.
  • Voorkom dat je controleert
    Jongeren kunnen meekijken en controleren ervaren als invasief. Vraag, kijk mee en toon interesse.
  • Maak duidelijke afspraken
    Maak regels en afspraken in overleg met elkaar. Als je bij oudere kinderen te strikt bent, kan dat averechts werken.

Meer informatie

Meer informatie over mediagebruik en mediaopvoeding vind je op gezondekinderopvang.nl

Lees ook

Peter Nikken