• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Pleegzorg

Cijfers

Kerncijfers

In 2017 hebben 23.206 kinderen en jongeren gebruik gemaakt van pleegzorg. In 2016 ging het om 26.684 jeugdigen. Het betreft het aantal unieke pleegkinderen die voor kortere of langere tijd in een pleeggezin hebben gewoond. 

Sinds 2000 groeit het aantal jeugdigen in de pleegzorg gestaag. Sinds 2014 is de groei van de pleegzorg echter gestabiliseerd. In december 2000 ging het om circa 8.000 jeugdigen die pleegzorg ontvingen. In 2015 is het aantal gegroeid naar 18.865 jeugdigen. Sindsdien is het weer iets gezakt naar 18.273 jeugdigen op 31 december 2017.

46 procent van de pleegkinderen is geplaatst bij bekenden, bijvoorbeeld grootouders, tantes en ooms, maar ook onderwijzers of buren. Ten opzichte van 2016 is het percentage jeugdigen die bij bekenden zijn ondergebracht licht gedaald. Toen ging het om 48 procent van de pleegkinderen. 

In 2017 waren er 16.655 pleeggezinnen. 2.647 nieuwe pleegouders zijn geaccepteerd en 2.620 zijn gestopt (Pleegzorg Nederland, 2018). 

Laatst bewerkt: 3 juli 2018


Gebruikte publicaties

  • Pleegzorg Nederland (2018). Factsheet pleegzorg 2016. Utrecht: Pleegzorg Nederland.

Jeugdbescherming en vrijwillige hulpverlening

Bij 58 procent van de pleegkinderen is in 2017 sprake van een jeugdbeschermingsmaatregel. Voor 23 procent van deze kinderen is sprake van Onder Toezicht Stelling (OTS) en voor 35 procent van de pleegkinderen ligt de voogdij bij een Gecertificeerde Instelling. 31 procent van de kinderen verblijft bij een pleeggezin zonder jeugdbeschermingsmaatregel en valt daarmee binnen de vrijwillige hulpverlening. Er is een afname van het aantal pleegkinderen met een jeugdbeschermingsmaatregel. In 2016 2016 ging het om 64 procent van de pleegkinderen (Pleegzorg Nederland, 2018).

Laatst bewerkt: 3 juli 2018


Gebruikte publicaties

  • Pleegzorg Nederland (2018). Factsheet Pleegzorg 2017. Utrecht: Pleegzorg Nederland.

Pleegzorg voor korte of langere tijd

Pleegzorg kan tijdelijk zijn of voor langere tijd. Van alle pleegkinderen die in 2017 de pleegzorg hebben verlaten woonde 44 procent langer dan een jaar bij pleegouders. Daarvan woonde 28 procent langer dan twee jaar bij pleegouders. In 2016 ging het om respectievelijk 51 procent en 33 procent. Het percentage jeugdigen dat langere tijd in een pleeggezin verbleef in 2017 is dus gedaald. Het aandeel jeugdigen dat korter dan een jaar in een pleeggezin woonde is daarentegen gestegen van 49 procent naar 56 procent van het totaal aantal beëindigde plaatsingen.

Van de nieuwe plaatsingen is in 2017 12 procent deeltijdpleegzorg, vooral weekend- en vakantieopvang. De meeste plaatsingen, 83 procent, betreffen voltijdpleegzorg . In 5 procent van de gevallen gaat het om een combinatie van deeltijd en voltijd pleegzorg (Pleegzorg Nederland, 2018).

Laatst bewerkt: 3 juli 2018


Gebruikte publicaties

  • Pleegzorg Nederland (2018). Factsheet pleegzorg 2017. Utrecht: Pleegzorg Nederland.

Leeftijd van pleegkinderen

Het aantal pleegkinderen dat in 2017 werd geplaatst, kan onderverdeeld worden in de volgende leeftijdsgroepen:

0 - 4 jaar: 31 procent
5 - 11 jaar: 35 procent
12 - 14 jaar: 16 procent
15 jaar en ouder: 17 procent
18 jaar: 1 procent

Evenals voorgaande jaren zijn in 2017 zijn iets meer meisjes dan jongens bij pleegouders geplaatst: 52 procent meisjes en 48 procent jongens (Pleegzorg Nederland, 2018). 

Laatst bewerkt: 3 juli 2018


Gebruikte publicaties

  • Pleegzorg Nederland (2018). Factsheet pleegzorg 2017. Utrecht: Pleegzorg Nederland.
Vragen?

Mariska de Baat is contactpersoon.

Foto Mariska de Baat
Dit dossier is tot stand gekomen in samenwerking met:
  • Kinderpostzegels

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.