Signalen van suïcidale gedachten herkennen en hulp inschakelen

Het is niet zichtbaar dat een jongere aan zelfdoding denkt. Waar let je op als professional? Hoe praat je erover met de jongere? En hoe regel je de juiste hulp?

Signalen van denken aan zelfdoding

Wees alert op veranderingen in het gedrag of de stemming van een jongere, bijvoorbeeld als die: 

  • zich terugtrekt uit contacten 
  • minder goed op school of werk functioneert, of vaak niet opdaagt 
  • last heeft van stemmingswisselingen en prikkelbaar of agressief reageert  
  • slecht voor zichzelf zorgt  
  • dingen zegt of schrijft als 'Ik zie geen toekomst meer' en 'Mijn leven is niet de moeite waard' 
  • persoonlijke spullen weggeeft
  • meer alcohol drinkt of drugs gebruikt
  • grotere risico's neemt, zichzelf beschadigt of ongelukjes heeft zonder daar van te schrikken
  • wegloopt of zwerft
  • met de dood bezig is
  • verontrustende berichten op sociale media plaatst, zoals over depressiviteit, zelfbeschadiging en suïcidaliteit
  • vaak met vage klachten naar de huisarts gaat, zoals hoofdpijn, buikpijn, somberheid en angst
  • na een sombere periode opeens weer zichzelf lijkt te zijn

Bij zulke signalen is het soms onduidelijk of de jongere echt zelfmoordgedachten heeft. Of iemand laat deze signalen niet zien, terwijl de gedachten er wel zijn. Vertrouw daarom op je eigen niet-pluisgevoel of onderbuikgevoel. Let goed op als er iets gebeurt wat de jongere uit balans brengt. En ga erover in gesprek.

Praten met jongeren over zelfdoding 

Wees niet bang: praten over zelfdoding brengt een jongere niet op ideeën. Het lucht juist op en de jongere voelt zich meer gehoord en gezien. Tips voor het gesprek zijn:

  • Vertel dat je je zorgen maakt en benoem de signalen die je ziet. Praat hier rustig over.  
  • Vraag:   
    • of de jongere aan zelfdoding denkt en wanneer dat gebeurt.
    • hoe vaak de jongere die gedachten heeft en hoe sterk deze zijn. 
    • of de jongere concrete plannen heeft om zichzelf iets aan te doen. 
    • of de jongere eerder suïcidale gedachten had en wat toen hielp.
  • Luister aandachtig, erken de gevoelens van de jongere en vraag door. Dit helpt bij het onder woorden brengen van gedachten en gevoelens. 
  • Maak problemen niet kleiner en geef niet direct oplossingen of adviezen.
  • Oordeel niet en voorkom schuldgevoelens. Zeg dat je het dapper vindt dat de jongere met jou over gedachten en gevoelens durft te praten.
  • Probeer te achterhalen hoe de jongere suïcidale gedachten kan verminderen of verdragen. Vraag bijvoorbeeld wat een fijne afleiding is.
  • Beloof niet dat je het geheimhoudt. Maar wees wel open over wat je doet en waarom. 
  • Moedig de jongere aan om samen hulp te zoeken. Bespreek meteen wat er moet gebeuren. Bijvoorbeeld de ouders bellen, ggz inschakelen, het opbergen van gevaarlijke spullen, ergens heengaan om te kalmeren of samen wandelen. Laat de jongere niet alleen als je je zorgen maakt. 
  • Als je rustig met een jongere over zelfdoding wil praten, is het belangrijk dat je zelf ook rustig bent. Zorg daarom goed voor jezelf en zoek steun bij je collega's.

Juiste hulp inschakelen 

Volg de afspraken over suïcidepreventie die gemaakt zijn in je organisatie. Een paar tips: 

  • Overleg met een collega of bel de collegiale overleglijn van 113 Zelfmoordpreventie.  
  • Bespreek de suïcidaliteit van de jongere in teamvergaderingen. Vraag om hulp als je ergens over twijfelt.
  • Vraag aan de jongere wie de belangrijkste familieleden en vrienden zijn en op welke manier zij betrokken kunnen worden. Ze kunnen je extra informatie geven en helpen in de zorg. Bespreek wel vooraf met de jongere wat je vertelt.  
  • Wil de jongere geen familieleden betrekken? Probeer te ontdekken waarom dat zo is. Leg uit dat ze het juist fijn vinden als de jongere hen in vertrouwen neemt en waarschijnlijk ook goed weten wat helpt. 
  • Bespreek met alle betrokkenen de mogelijkheden voor hulp. Maak geen beloftes die je niet waarmaakt. Wees eerlijk en duidelijk over wachtlijsten.  

Lees meer over suïcidaal gedrag in de gesloten jeugdhulp

Wil de jongere geen hulp, maar ben jij er niet gerust op? Beoordeel met een collega wat er moet gebeuren. Bespreek daarna met de hulpverleners en familieleden van de jongere wie wat doet en hoe je elkaar op de hoogte houdt. Leg met de jongere in een signaleringsplan vast wat er gebeurt bij oplopende spanning en wat dan helpt. Zet de afspraken over wat de jongere en familieleden moeten doen bij een crisis in een veiligheidsplan.  

Kennisdossier Suïcidepreventie bij jongerenLeidraad suïcidepreventie bij jongeren (113.nl)113 Zelfmoordpreventie: JeugddomeinVraag maar-training 'In gesprek met een jongere'Handreiking suïcidepreventie bij jongeren met een lvbHandreiking suïcidepreventie bij jongeren met persisterende suïcidaliteit (113.nl)Online training: Weet jij hoe het ècht gaat met je leerlingen? (Movisie.nl)

De inhoud van deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met 113 Zelfmoordpreventie en Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie.  

Esther Kooymans