Aantal gezinnen in Nederland

In 2019 zijn er ruim 2,6 miljoen gezinnen met thuiswonende kinderen, waaronder bijna 1,9 miljoen met een jongste kind onder de 18 jaar. Het aantal gehuwde paren met thuiswonende kinderen bedraagt ruim 1,5 miljoen en is daarmee in de meerderheid. Het aantal niet-gehuwde paren met kinderen bedraagt 440.959. In 2019 zijn er 582.106 eenoudergezinnen (22 procent van de gezinnen), waarbij het in de meeste gevallen gaat om een alleenstaande moeder met een of meer kinderen.

De afgelopen tien jaar is het aantal gezinnen met kinderen toegenomen met ruim 70.000. Hierbij neemt het aantal ongehuwde paren met kinderen geleidelijk toe. Het aantal gehuwde paren met kinderen neemt daarentegen af. In 2009 waren er 314.566 ongehuwde paren met kinderen. In 2019 zijn het er 440.959. Ook het aantal eenoudergezinnen stijgt gestaag. In 2009 waren er 474.909 eenoudergezinnen. In 2019 gaat het om 582.106 gezinnen met een of meer kinderen (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2020).

Laatst bewerkt: 2 april 2020


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

Kindertal per type gezin

Nog steeds geldt voor de meeste gezinnen met kinderen dat de ouders gehuwd zijn. In 2019 gaat het om bijna 1,6 miljoen gehuwde paren met kinderen. Dat is ruim 60 procent van alle huishoudens met thuiswonende kinderen. Bij zowel gehuwde stellen als ongehuwde stellen bestaan de meeste gezinnen uit ouders met twee kinderen. In beide groepen heeft circa 45 procent van de gezinnen twee thuiswonende kinderen. Bij eenoudergezinnen heeft bijna 30 procent twee kinderen (Centraal Bureau voor de Statistiek, 2020).

Laatst bewerkt: 2 april 2020


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

Definitie

Een gezin bestaat uit een ouder(paar) met één of meer kinderen. Het kan gaan om een gehuwd of ongehuwd ouderpaar, of een alleenstaande ouder. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) omschrijft gezinnen als huishoudens waar volwassenen met kinderen samenwonen, waarmee ze een ouder-kind relatie hebben. Adoptie- en stiefkinderen worden daarbij wel meegeteld, pleegkinderen niet. Het gaat om gezinnen die samen in een huis wonen en als zodanig staan ingeschreven bij de gemeente. Weekendgezinnen van ouders met een omgangsregeling worden hierbij dus niet meegeteld. Overigens kan een gezin ook bestaan uit ouders en hun volwassen kinderen. Maar als het over opgroeien en opvoeden gaat, gaat het om gezinnen met minderjarige kinderen of thuiswonende kinderen tot 25 jaar.

Bron

  • Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS)

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies