Lerende beweging voor langdurige en levensbrede ondersteuning en zorg

Sommige kinderen, jongeren en gezinnen hebben langdurige en levensbrede behoefte aan ondersteuning en zorg. We weten heel veel over wat zij nodig hebben en wat voor hen werkt. Toch lukt het in de praktijk niet altijd om hen passende ondersteuning te bieden. Op deze pagina lees je wat er nodig is om kennis om te zetten in een lerende beweging. 

Wat houdt langdurige en levensbrede ondersteuning en zorg in?

Sommige kinderen, jongeren en gezinnen hebben jarenlange ondersteuning en zorg nodig op meerdere levensgebieden. Bijvoorbeeld hulp bij vervoer, persoonlijke verzorging, opvoedondersteuning of mentale steun voor alle gezinsleden. 

Wat hun situatie vaak kenmerkt:

  • Meerdere levensgebieden spelen tegelijkertijd een rol. Zoals zorg, onderwijs, wonen, gezin en financiën.
  • Veranderingen in het leven van het gezin vragen voortdurend om afstemming en samenwerking.  
  • Er is meestal geen sprake van één duidelijke oplossing of afgebakend traject.

Waarom lukt het niet altijd om passende ondersteuning te bieden?

Kinderen, jongeren en gezinnen lopen in de praktijk vaak vast in een versnipperd stelsel. 

In het huidige systeem ontbreekt het aan:

  • Samenhang in uitvoering tussen wetten en domeinen zoals de Jeugdwet, Wmo, Wlz, Zvw, Participatiewet.
  • Langetermijnaanpak bij langdurige vragen.
  • Vaste contactpersonen door veel wisselingen bij professionals en betrokken organisaties.


Met als gevolg dat:

  • Gezinnen vaak te veel verantwoordelijkheid dragen om zelf regie te houden in een complex systeem.
  • Hulp vaak laat of versnipperd op gang komt.
  • Gezinnen en professionals overbelast raken.
  • Er verhoogd risico is op escalatie, vastlopen van de ondersteuning en inzet van zwaardere zorg.

Wat hebben deze gezinnen nodig?

Deze kinderen, jongeren en gezinnen redden het op de lange duur niet alleen. Het is voor hen extra belangrijk dat professionals goed inschatten wat de aard en de ernst is van wat er speelt. En dat het gezin in hen een bondgenoot vindt. Gezinnen hebben het nodig dat professionals samen met hen tijdig en langdurig de juiste ondersteuning en hulp regelen. Hierbij gaat het niet alleen over zorg of losse interventies, maar over aansluiten bij het leven van mensen. Met oog voor zoveel mogelijk volwaardig meedoen in de maatschappij. En met aandacht voor alle gezinsleden en naasten. 

Dit betekent:  

  • Meebewegen met wat er speelt. 
  • Ondersteunen in plaats van oplossen.
  • Aansluiten bij wat in het dagelijks leven echt nodig is.

Drie werkzame elementen

Deze gezinnen hebben niet te maken met enkelvoudige vragen of problemen, maar met een samenhangend levensvraagstuk dat meerdere domeinen raakt. Daarom zijn drie werkzame elementen van groot belang:

  1. Integrale plannen: werken over levensgebieden heen, vanuit het geheel van het leven van een gezin. 
  2. Continuïteit: zorg en ondersteuning die blijft, ook bij wachttijden, wisselingen van professionals of overgangen, zoals van 18-/18+. 
  3. Langdurige ondersteuning waar nodig: met een toekomstbestendige blik en ruimte om mee te bewegen. 

Deze drie elementen behoren tot de belangrijkste werkzame factoren uit de praktijkcheck langdurig en levensbreed. Ze maken in de praktijk het verschil voor kinderen, jongeren, volwassenen en gezinnen met een langdurige ondersteuningsbehoefte.

Wat is er nu nodig?

Het is van groot belang dat gemeenten oog hebben voor mensen met langdurige en levensbrede ondersteunings- en zorgbehoeften. En dat zij actief de juiste randvoorwaarden creëren voor passende ondersteuning. Deze verantwoordelijkheid is ook vastgelegd in nationale en internationale verdragen en opgenomen in de Landelijke Hervormingsagenda Jeugd.

Gemeenten kunnen dit niet alleen. Dit vraagt om samenwerking met gezinnen en hun netwerk en met wijkteams, aanbieders, ervaringsdeskundigen en landelijke partners. Door ervaringskennis, praktijkkennis en beleidservaring te verbinden, ontstaat beter zicht op wat werkt en wat anders nodig is.

Voor een goede implementatie van de drie belangrijkste werkzame elementen zijn nodig:

  • Duidelijke beleidskeuzes.
  • Een gezamenlijke visie en ambitie.
  • Heldere kaders die richting geven aan het dagelijks handelen.
  • Ruimte om te leren, onderzoeken en verbeteren.

Hoe komen we van kennis naar een lerende beweging?

De kennis die we hebben over mensen met langdurige en levensbrede ondersteunings- en zorgbehoeften, moet worden omgezet in een lerende beweging. Deze beweging ontstaat niet vanuit één organisatie, maar vanuit het gezamenlijke gevoel dat het anders kan. Samen kunnen we bijdragen aan verandering in het dagelijks leven van kinderen, jongeren en gezinnen. Want verandering ontstaat niet in systemen, maar in de dagelijkse praktijk. Zodat kennis, ervaringen en initiatieven elkaar versterken binnen één gezamenlijke lerende beweging.

Wie draagt deze beweging?

Gemeenten, landelijke partners en kennisorganisaties bewegen mee, door de actieve inzet van de Vereniging Nederlandse Gemeente (VNG), het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS), de Vereniging gehandicaptenzorg Nederland (VGN), Netwerkorganisatie Kwaliteit en Blijvend Leren (KBL), Ieder(in), Balans, het Nederlands Jeugdinstituut, het Landelijk Kenniscentrum LVB en het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie. Met daarbij inzet van Movisie, het Kenniscentrum zeer ernstige verstandelijke en meervoudige beperkingen (ZEMVB) en andere betrokken partijen.

Langdurig en levensbreed: praktijkonderzoek naar de toegang in gemeenten (Movisie)Ondersteuning van kinderen, jongeren en gezinnen met een levenslange en levensbrede hulpvraag

De werkzame elementen maken deel uit van de bredere set van 15 werkzame elementen bij de ondersteuning van inwoners, voor de toegang en de uitvoering (Movisie).

Esther Kooymans

Esther Kooymans

inhoudsdeskundige Passende hulp
e.kooymans [at] nji.nl