‘Geef interventies de kans zich te bewijzen’

Sommige media berichten dat staatssecretaris Maarten van Ooijen van VWS voortaan alleen bewezen effectieve interventies in wil zetten. Dat concluderen ze uit zijn brief aan de Tweede Kamer van 13 mei. Maar dat is niet wat er staat in die brief. Interventies waarvan niet duidelijk is of ze effectief zijn, mogen in de toekomst nog steeds gebruikt worden. Wel is het dan zaak onderzoek te doen naar de werkzaamheid.

Ter voorbereiding op het commissiedebat Jeugd van 18 mei 2022 informeerde Van Ooijen de Tweede Kamer over de visie van zijn departement op de hervormingen die nodig zijn in het jeugdzorgstelsel. Hij baseerde die visie onder andere op de gesprekken over de zogenaamde hervormingsagenda die het Rijk, de VNG, clientorganisaties, beroepsverenigingen en werkgevers in het najaar voerden. Een van de leidende principes daarbij is de verbetering van de kwaliteit en effectiviteit van de jeugdzorg.

Naar aanleiding van de Kamerbrief berichten diverse media dat de staatssecretaris wil stoppen met zorg die niet bewezen effectief is. Dat is echter niet wat er in de Kamerbrief staat. De plannen van de staatssecretaris sluiten aan bij wat de betrokken partijen in het najaar hebben afgesproken: als onbekend is of een interventie werkt, moet dat worden onderzocht. Ook is afgesproken dat interventies die werken, meer worden toegepast. Maar het gebruik van interventies die bewezen niet-effectief zijn, moet stoppen.

Weinig zicht op wat werkt

Er is op dit moment te weinig zicht op wat werkt in de jeugdhulp en daarom kan hierop moeilijk worden gestuurd. Bovendien wordt de kennis die er wel is te weinig gebruikt. De staatsecretaris wil werken aan eenduidige kwaliteitskaders voor de zorg. Hij verwijst in zijn brief naar de databank Effectieve jeugdinterventies, beheerd door het Nederlands Jeugdinstituut, waarin kennis over de effectiviteit van interventies is gebundeld.

'Het zou mooi zijn als het jeugdveld de kennis uit de databank Effectieve jeugdinterventies meer gaat benutten dan nu gebeurt', zegt Inge Bastiaanssen, projectleider van de databank. 'Maar het gebruik van de databank is niet de enige weg die leidt naar betere zorg voor kinderen, jongeren en ouders. De jeugdzorg effectiever maken is een gezamenlijke uitdaging voor gemeenten en zorgaanbieders. Door bijvoorbeeld te monitoren, krijgen ze zicht op de uitkomsten van de hulp en kunnen ze al lerende verbeteringen doorvoeren.'

KamerbriefVWS-bericht over hervormingsagendaVolkskrant-interview met staatssecretaris Van Ooijen

Lees ook

Pers

Ben je journalist? Dan kun je:

  • je vraag stellen via pers@nji.nl
  • bellen met 06 – 25 66 07 57 (op werkdagen tussen 8.30 en 17.00 uur)