Mediagebruik van kinderen
Kinderen van 6 tot 10 jaar vinden het nog moeilijk om het verschil te zien tussen realistische en onrealistische media-inhoud. Door samen media te gebruiken, kunnen kinderen meer leren over zichzelf en anderen. Op deze pagina vind je een overzicht van wat we tot nu toe weten over mediagebruik bij kinderen in deze leeftijdsfase. Ook lees je over de voordelen en nadelen van media rond vier ontwikkelingsgebieden: denken en leren, lichamelijk, sociaal-emotioneel en spel en fantasie.
Alles over Mediaopvoeding
In het kort...
Onderbouwde adviezen voor mediagebruik van kinderen van 6 tot 10 jaar:
- Voor kinderen van 4-8 jaar geldt het advies van maximaal 1 uur schermtijd per dag.
- Voor kinderen van 8-10 is 1,5 uur het aanbevolen maximum aan schermtijd per dag.
- Zorg voor voldoende activiteiten zonder media. Zoals buitenspelen, slapen, contact met anderen en rustmomenten. Mediagebruik kan deze activiteiten niet vervangen.
- Begeleid kinderen bij het kiezen van geschikte inhoud en bij het vertalen van de betekenis naar het echte leven.
Mediagebruik van kinderen van 6 tot 10 jaar
Vanaf 6 jaar willen kinderen media steeds vaker zelfstandig gebruiken. Denk aan filmpjes kijken, spelletjes spelen en apps gebruiken op tablets en smartphones. Hoewel kinderen zelfstandiger willen worden, is het op deze leeftijd nog steeds goed dat ouders en opvoeders vooral samen met hun kind media gebruiken en daarover praten. Een eigen smartphone is op deze leeftijd nog niet aan te raden.
Kinderen hebben in deze fase meer sociaal contact en worden hechter met klasgenootjes. Ze vinden het daarom vaak leuk om media samen met andere kinderen te gebruiken. Hun media-interesses veranderen ook. Ze ontdekken wie ze zijn en wat bij hen past. Ze denken vaak in tegenstellingen om de wereld beter te begrijpen, en vinden tegenstellingen in media ook prettig. Zoals het duidelijke verschil tussen helden en schurken in een film. Ook hun gevoel voor humor verandert. Ze lachen bijvoorbeeld om filmpjes waarin iemand per ongeluk iets omstoot. Ook taalgrapjes vinden ze vaak leuk. Ze gebruiken ook zelf vaker humor als ze praten met anderen. Deze taalontwikkeling zie je terug in het mediagebruik en de voorkeur voor bepaalde media.
Educatieve programma's vinden kinderen op deze leeftijd soms saai. Ze kiezen liever voor snellere filmpjes met actie en karakters waarin ze zich herkennen of waar ze naar opkijken. Ook vinden ze realistische verhaallijnen vaak interessanter dan fantasieverhalen. Wel zien ze soms nog niet goed wanneer mediaverhalen realistisch zijn en wanneer niet. Als kinderen ouder worden, hebben ze eerder door dat een verhaal niet klopt, of dat een acteur overdreven nep speelt. Dit komt doordat ze zich beter kunnen concentreren en beter gevoelens kunnen herkennen. Ook begrijpen ze steeds beter wat er gebeurt in een verhaal.
Hoewel kinderen steeds zelfstandiger worden en hun eigen voorkeur voor media ontwikkelen, is het belangrijk dat ouders en opvoeders betrokken blijven bij het mediagebruik. De manier waarop kinderen op deze leeftijd met media omgaan, vormt een basis voor later. Ouders en opvoeders kunnen daarbij helpen door goede gewoontes op te bouwen, samen met hun kind media te gebruiken, erover te praten en duidelijke afspraken te maken.
Denken en leren
In het kort
Kinderen van deze leeftijd denken steeds meer na voordat ze iets doen. Educatieve programma's, websites en apps kunnen kinderen helpen met schoolvakken zoals taal, rekenen of wereldoriëntatie. Ook kunnen ze door media nieuwe woorden leren. Het positieve effect is het grootst als de inhoud geschikt is voor hun leeftijd, en als kinderen uitleg krijgen van een volwassene. Ook is het belangrijk dat educatieve programma's aanvullend zijn op het leerproces. Lang mediagebruik tijdens andere leeractiviteiten kan afleiden en juist averechts werken.
Mogelijke positieve effecten
Kinderen kunnen veel leren van media. Ze kunnen bijvoorbeeld hun woordenschat vergroten door te oefenen met taalspelletjes, of door nieuwe woorden te leren uit films. Ook natuurseries en informatieve programma's die aansluiten bij schoolvakken kunnen erg leerzaam zijn. Soms pikken kinderen zelfs woorden op uit een andere taal, vaak Engels. Dat kan gunstig zijn voor hun taalontwikkeling.
Media kunnen op de lange termijn ook bijdragen aan vaardigheden zoals rekenen, kennis over gezondheid, sociaal redeneren en probleemoplossend denken. Belangrijk hierbij is dat de inhoud past bij de leeftijd van het kind en een goede balans biedt tussen vertrouwde elementen en nieuwe informatie. Wat té bekend is, wordt snel saai. Wat té nieuw is, kan juist te moeilijk zijn.
Mogelijke negatieve effecten
Naast positieven effecten kunnen media ook negatieve effecten hebben op het denken en leren van een kind. Zoals het aanleren van bepaalde denkpatronen, beperkt begrip en verminderde concentratie, of moeite hebben met het verwerken en opslaan van informatie.
Door het nog beperkte kritisch denkvermogen van kinderen op deze leeftijd, kunnen ze vaak nog lastig onderscheid maken tussen wat echt is en wat niet. Als ze bepaalde gedragspatronen in de media zien, kunnen ze die op zichzelf betrekken, wat een negatief effect kan hebben. Ze kunnen bijvoorbeeld gaan denken dat geweld een normale manier is om problemen op te lossen. Of dat je alleen gelukkig bent als je veel spullen bezit. Begeleiding is daarom nodig.
Als een programma of spel te moeilijk is of niet bij de leeftijd past, begrijpen kinderen het minder goed en is het leereffect kleiner. Educatieve informatie in een app, spel, film of serie blijven beter hangen als kinderen genoeg tijd en ruimte krijgen om deze te verwerken, zonder te veel ruis eromheen. Andersom is er ook genoeg ruimte nodig voor media-vrije momenten. Als een kind bijvoorbeeld een gesprek voert of een spel speelt aan de keukentafel, is het beter als de televisie niet aanstaat op de achtergrond.
Als mediamomenten té lang duren, kunnen kinderen de boodschap van het programma minder goed onthouden. Bijvoorbeeld als kinderen het ene filmpje na het andere filmpje kijken zonder pauze of reflectie. Bewust gekozen momenten met én zonder media zijn daarom belangrijk.
Lichamelijk
In het kort
Kinderen van deze leeftijd hebben veel beweging nodig. Sommige media kunnen beweging stimuleren. Zoals dansfilmpjes of sportgames. Maar genoeg buiten komen en schermvrije tijd zijn ook belangrijk. Te veel stilzitten achter een scherm is niet goed voor de gezondheid. Ook kan langdurig kijken naar een scherm bijziendheid veroorzaken. Pauze en voldoende afwisseling tussen momenten met en zonder media helpen hierbij.
Mogelijke positieve effecten
Kinderen hebben veel beweging nodig om gezond te blijven. En media kunnen daarbij helpen. Als media motiveren om acties uit series of filmpjes na te doen, kan dit kinderen in beweging brengen en stimuleren om gezond te eten of naar buiten te gaan.
Specifieke soorten games die met verschillende bewegingselementen werken, zogenoemde exergames, kunnen verder tot actie aanzetten en kinderen meer laten bewegen. Dat lukt het beste als het coöperatieve games zijn waar kinderen in een team werken, in plaats van tegen elkaar spelen. Het spelen van games kan ook een goede oefening zijn voor hun oog-handcoördinatie, wat weer gunstig kan zijn voor hun motorische ontwikkeling.
Muziek nodigt uit om mee te dansen. En sportuitzendingen kunnen kinderen motiveren om zelf een sport uit te proberen. Bij al deze voordelen voor de lichamelijke ontwikkeling en gezondheid blijft een balans met mediavrije momenten voor sport en spel in de buitenlucht belangrijk. Media vervangen deze niet.
Mogelijke negatieve effecten
Een kind kan profiteren van media en er tegelijkertijd lichamelijk last van hebben. Als kinderen lange tijd achter een scherm zitten, bewegen ze minder en krijgen ze minder frisse lucht en daglicht. Dit kan lichamelijke klachten veroorzaken, zoals rug of nekpijn. En het kan de kans op bijziendheid vergroten. Het is daarom belangrijk dat kinderen niet te veel stilzitten op een dag en naar buiten gaan.
Een bekend advies is de zogenaamde '20-20-2-regel': na twintig minuten dichtbij kijken, bijvoorbeeld op een scherm, even twintig seconden ver weg kijken en minstens twee uur per dag buiten zijn. Regelmatige pauzes en buiten zijn helpt om lichaam en ogen gezond te houden en verkleint de kans op klachten en bijziendheid.
Ook bepaalde media-inhoud kan nadelen hebben. Fictieve media-karakters of influencers laten soms ongezonde voorbeelden zien. Bijvoorbeeld veel snoepen of te weinig bewegen. Kinderen kunnen dit ongewenste gedrag overnemen, omdat ze zichzelf met de personages vergelijken of identificeren. Het kiezen van geschikte media en het praten hierover blijft daarom belangrijk.
Voelen en emoties
In het kort
Kinderen van deze leeftijd zijn steeds gevoeliger voor hun eigen mening en die van anderen. Ze vinden het daarom leuk om samen naar hun favoriete programma's of filmpjes te kijken en met anderen erover te praten. Media kunnen hierbij voorbeelden geven van gedrag of emoties. Denk aan programma's waarin het gaat over delen, ruzie maken of helpen. Hierdoor kunnen kinderen leren omgaan met emoties en leren omgaan met anderen. Wel is het belangrijk dat kinderen leren dat niet alles in media echt is. En dat geweld of grof taalgebruik onwenselijk is.
Mogelijke positieve effecten
Via programma's, series of spelletjes stappen kinderen in andere werelden. Dit stimuleert hun inlevingsvermogen. Ze volgen hun idolen of favoriete karakters, en leren zo over gewenste en ongewenste vormen van sociaal gedrag.
Kinderen van deze leeftijd vinden het leuk om media te gebruiken samen met vrienden, broers of zussen. Ook houden kinderen zich steeds meer bezig met anderen en vergelijken ze zichzelf ook met anderen. Vaak praten ze samen over media en spiegelen ze zich aan wat ze samen zien. Dat kan helpen om de emoties en het gedrag dat ze zien beter te begrijpen en te vertalen naar de echte wereld. Bijvoorbeeld door vragen te bespreken als: Wat doe je als iemand verdrietig is? Hoe weet je of iemand hulp nodig heeft?
Doordat de sociale interactie met anderen belangrijker wordt, zijn online games als Roblox en Minecraft populair op deze leeftijd. Het strijden in een spel is voor kinderen een manier om sociale vaardigheden te oefenen. Hierdoor leren ze hoe ze met anderen omgaan, wat het betekent om te winnen en te verliezen, en wat wel of niet werkt in een groep. Dit zijn belangrijke vaardigheden die helpen bij het opbouwen en onderhouden van vriendschappen in de fysieke én online wereld.
Mogelijke negatieve effecten
Kinderen kunnen naast positief gedrag ook ongewenst gedrag overnemen van influencers en mediakarakters. Bijvoorbeeld als de inhoud niet goed aansluit op hun ontwikkeling. Of als kinderen grof taalgebruik of agressie kopiëren. Kinderen weten namelijk niet altijd of iets echt is, of niet. Ook weten ze niet altijd welk gedrag wenselijk is in het dagelijks leven. Het is daarom voor kinderen in deze fase nodig dat volwassenen uitleg geven over wat ze zien en horen in media.
Ook kan de online omgeving een negatieve invloed hebben op de interactie met anderen. Zo begrijpen kinderen de spelregels in online games vaak al goed, maar vinden ze het soms nog moeilijk om die regels te volgen. Dit komt onder andere doordat de gevolgen van online gedrag vaak minder goed in te schatten zijn dan in de fysieke wereld.
Verder zijn kinderen op deze leeftijd erg bezig met winnen en verliezen. Ze gebruiken online spel vaak om te ontdekken bij wie ze horen. Winnen of onderdeel zijn van een team kan zo hun zelfvertrouwen vergroten, of juist verminderen als ze verliezen of niet worden gekozen voor een team.
Spel en fantasie
In het kort
Kinderen van deze leeftijd gebruiken ideeën uit media vaak in hun spel. Ze doen bijvoorbeeld scènes na van filmpjes. Of ze gebruiken speelgoed van hun favoriete personages in andere contexten. Door media kunnen kinderen hun fantasie versterken, zeker als de inhoud ruimte geeft voor eigen invulling. Maar ook momenten van stilte of verveling zijn waardevol voor spel en fantasie. Daarom is afwisseling belangrijk. Hierdoor krijgen kinderen de ruimte om zelf iets te bedenken en hun fantasie verder te ontwikkelen. Zo oefenen kinderen met hun lichaam, creativiteit en sociale vaardigheden.
Mogelijke positieve effecten
Omdat op deze leeftijd sociale contacten steeds belangrijker worden, zoeken kinderen ook online naar plekken om met anderen in contact te komen. Op deze plekken kunnen ze samenwerken, chatten en spelletjes spelen.
Ook imiteren kinderen scènes of personages uit de media en passen die aan aan hun eigen spel. Dit kan hun fantasie prikkelen, zeker als de inhoud ruimte laat voor eigen invulling. Zoals een kind dat na het kijken van een heldenfilmpje zelf een heldenverhaal verzint om een knuffel te redden.
Kinderen van deze leeftijd vinden het daarnaast leuk om dingen te verzamelen of hun eigen werelden te bouwen. Denk aan spelletjes of programma's zoals Minecraft, Pokémon, Animal crossing, Roblox en LEGO waarin je voorwerpen, dieren, of karakters kunt verzamelen en fantasiewerelden kan bouwen. Deze typen spelletjes kunnen kinderen kansen bieden om met hun groeiend gevoel voor logica en structuur te oefenen: Wat hoort bij wat? Welke stappen volgen op elkaar?
Mogelijke negatieve effecten
Voor een kind kan de invloed van media op spel en fantasie tegelijk positief als negatief zijn. Zo bieden online speelomgevingen ruimte voor ontmoeting met leeftijdsgenoten. Maar hierdoor kunnen kinderen ook makkelijker in contact komen met onbekenden. Ouderbegeleiding blijft daarom cruciaal.
Media kunnen het spelgedrag verstoren, als de inhoud te druk of overweldigend is. Kinderen kunnen dan hun eigen ideeën minder goed gebruiken en missen zo belangrijke oefeningen voor fantasie en creativiteit. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als dezelfde mediafiguren vaak terugkomen in verschillende programma's, spelletjes en speelgoed. Dat kan kinderen in hun creativiteit beperken, omdat ze vooral hetzelfde personage volgen, hun gedrag kopiëren en daardoor minder fantasie gebruiken.
Te veel mediagebruik kan ertoe leiden dat kinderen minder samen spelen in de echte wereld. Contact in de fysieke wereld blijft prioriteit hebben en heeft ook oefening nodig. Kinderen leren zo om te gaan met anderen en leren ook de directe gevolgen van hun gedrag beter in te schatten. Contact in de fysieke wereld maakt het makkelijker om je in elkaar te verplaatsen, door de non-verbale communicatie zoals lichaamstaal, en de toon van iemands stem. Online spelomgevingen kunnen deze ervaringen niet vervangen.
Bronnen
- Haidt, J. (2024). 'Generatie angststoornis: Wat sociale media met onze kinderen doen'. (K. van Klaveren, Vert.). Ten Have.
- Koning, I., H. Vossen, H. Brons & R. van den Eijnden (2025). Richtlijn Gezond Schermgebruik: Richtlijn voor opvoeders. Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
- OECD (2024). 'How's life for children in the digital age?' Organisation for Economic Co-operation and Development.
- Valkenburg, P. M., & J. T. Piotrowski (2017). 'Plugged in: How media attract and affect youth'. Yale University Press.
- 5Rights Foundation (2025). 'Children & AI Design Code: A protocol for the development and use of AI systems that impact children'.
Lees ook
-
Omgaan met media: hoe geef ik het goede voorbeeld aan ouders?
Omgaan met media: hoe geef ik het goede voorbeeld aan ouders?ProfessionalsDoenLees meer over Omgaan met media: hoe geef ik het goede voorbeeld aan ouders?Als professional draag je bij aan het mediawijs opvoeden van kinderen. Wees je bewust van het voorbeeld dat je geeft aan kinderen, maar ook aan ouders.
Omgaan met media: hoe geef ik het goede voorbeeld aan ouders?
-
Hoe praat ik met ouders over mediagebruik?
Hoe praat ik met ouders over mediagebruik?ProfessionalsDoenLees meer over Hoe praat ik met ouders over mediagebruik?Het is belangrijk om met ouders te praten over mediagebruik van hun kind. Als ze vragen hebben, maar ook als ze er niet bewust mee bezig zijn.
Hoe praat ik met ouders over mediagebruik?
-
Verhalen en blogs over mediaopvoeding
Verhalen en blogs over mediaopvoedingWetenLees meer over Verhalen en blogs over mediaopvoedingOp deze pagina delen jongeren, ouders en professionals hun ervaringen en kennis over mediaopvoeding
Verhalen en blogs over mediaopvoeding
-
Sociale media en identiteitsontwikkeling
Sociale media en identiteitsontwikkelingWetenLees meer over Sociale media en identiteitsontwikkelingVeruit de meeste jongeren zijn vandaag de dag actief op sociale media. Hoe hangt dat samen met hun identiteitsontwikkeling?
Sociale media en identiteitsontwikkeling
Hulp of advies nodig?
Zoek je als ouder of opvoeder hulp of advies? Bekijk hier waar je terecht kunt.