Werkt preventie?

Preventief jeugdbeleid draagt bij aan het gezond, veilig en kansrijk opgroeien van kinderen en jongeren. Maar kan preventie daadwerkelijk problemen voorkomen? Bijvoorbeeld dat gezinnen intensieve hulp nodig hebben? Kan preventie leiden tot besparing? En welke wetgeving en landelijke programma's zijn relevant? Deze vragen worden hieronder beantwoord.

Wil je meteen aan de slag met een preventieaanpak, bekijk dan de pagina Preventief jeugdbeleid met impact. Hoe doe je dat?

Helpt preventie om problemen te voorkomen?

Ja, preventie kan voorkomen dat kinderen en jongeren problemen krijgen. Daarnaast kan preventie beginnende problemen in goede banen leiden, en voorkomen dat problemen terugkomen. Vooral als het gaat om concrete problemen als schoolverzuim, kindermishandeling of depressie. Met sterke basisvoorzieningen en een samenhangend preventiebeleid kunnen gemeenten de zorgvraag van kinderen, jongeren en ouders verminderen en het jeugdstelsel vernieuwen. Dit blijkt uit een literatuurstudie naar de effecten van preventie in het jeugdveld. Als preventie eenmalig en versnipperd wordt ingezet, zijn de effecten vaak klein. Een samenhangende en doelgerichte preventieve aanpak vergroot de effecten.

Het NJi onderscheidt drie niveaus van preventie:

  1. Universele preventie richt zich op alle kinderen en jongeren en hun opvoeders. Een voorbeeld is het Rijksvaccinatieprogramma.
  2. Selectieve preventie richt zich op groepen kinderen, jongeren en opvoeders met een verhoogd risico op problemen. Voorbeelden zijn het programma Home-Start en de groepstraining Incredible Years, beide gericht op het versterken van de opvoedvaardigheden van ouders.
  3. Geïndiceerde preventie richt zich op individuele kinderen, jongeren en opvoeders met een verhoogd risico op problemen, en op jeugdigen en opvoeders met een beginnend probleem. Voorbeelden zijn de cursus Grip op je dip en de groepsinterventie Op Koers voor het leren omgaan met depressie en angstklachten.

Kan preventie kosten besparen?

Effectieve preventie kan leiden tot kostenbesparing. Er is dan minder jeugdhulp nodig, minder zorg en minder inzet van politie. Onderzoek van de gemeente Rotterdam laat zien dat het verschuiven van middelen richting preventie kan leiden tot besparingen. Ook de gemeente Someren is enthousiast over de inhoudelijke en financiële resultaten van de inzet op preventie.

Wil je meer inzicht in mogelijke kostenbesparingen door inzet op preventie? Dan kun je overwegen om een maatschappelijke kosten-batenanalyse (mkba) uit te (laten) voeren. Meer informatie over de kwaliteit van een mkba vind je in de Kwaliteitsmeter MKBA

Welke wetten spelen een rol bij preventief jeugdbeleid? 

Preventie voor jeugd speelt in tien verschillende wetten een rol. In veel van deze wetten zijn gemeenten de eerste verantwoordelijke partij. Ook het onderwijs heeft wettelijke preventieve taken. In de onderwijswetgeving ligt de nadruk op 'zoveel mogelijk in de reguliere omgeving'. Dit is een vorm van preventie. 

Gemeenten en scholen zijn verantwoordelijk voor de ondersteuning van kinderen zonder aanvullende problematiek. Bij kinderen en jongeren met complexe problematiek spelen andere wetten, voorzieningen en organisaties een rol, zoals zorgverzekeraars en zorgkantoren.

Jeugdwet

De bedoeling van de Jeugdwet is om het jeugdstelsel eenvoudig en efficiënt te maken, met als vertrekpunt de behoefte van de cliënt. Het hoofddoel van deze wet is dat alle jeugdigen gezond en veilig opgroeien en zich zo goed mogelijk ontwikkelen. Daaronder liggen verschillende andere doelen, zoals het probleemoplossend vermogen en de eigen kracht van jongeren vergroten, samenhangende hulp voor gezinnen bieden, en meer ruimte voor jeugdprofessionals bieden. Onder de Jeugdwet vallen verschillende preventieve activiteiten, zoals vroege interventies bij opgroeiproblemen, en het faciliteren van informatie en advies in de vorm van folders of een adviesgesprek. De gemeente is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de Jeugdwet.

Wet publieke gezondheid (Wpg)

De Wet publieke gezondheid (Wpg) is gericht op preventie en gezondheidsbevordering. Het gaat hierbij over collectieve preventie, infectieziektebestrijding, jeugdgezondheidszorg en ouderengezondheidszorg. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg en zijn wettelijk verplicht een Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) in te stellen.

De jeugdgezondheidszorg (jgz) is de publieke gezondheidszorg voor jeugd tussen 0 en 18 jaar. Doel van de jgz is het bevorderen, beschermen en beveiligen van de gezondheid en de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van jeugdigen, zowel individueel als op populatieniveau. De jgz voert voor alle kinderen preventieve screeningen uit: lichamelijk, cognitief en psychosociaal. Jgz vervult zo een belangrijke rol in vroegsignalering van risico's, korte interventies en doorverwijzing. Meer informatie vind je op de website van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheid en de website van GGD GHOR.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

Doel van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is om mensen (met een beperking) zo lang mogelijk thuis te kunnen laten wonen en deel te kunnen laten nemen aan de maatschappij. Zelfredzaamheid, participatie en maatwerk staan centraal. Om samenhangende zorg en ondersteuning te bieden, moeten gemeenten samenwerken met verschillende partijen op het gebied van wonen, (jeugd)zorg, onderwijs, en werk en inkomen. Door actieve inzet op preventie en vroegsignalering moet voorkomen worden dat een (zwaardere) vorm van langdurige, maatschappelijke ondersteuning nodig is. De Wmo richt zich hoofdzakelijk op volwassenen. Ook kwetsbare jongeren vanaf achttien jaar vallen onder de Wmo. Kinderen onder de achttien jaar kunnen op basis van deze wet een aanspraak doen op hulpmiddelen als rolstoelen en woonaanpassingen.

Voor de Jeugdwet, Wpg en Wmo bestaan geen landelijk vastgestelde bekostigingsregels. Elke gemeente stelt eigen regels vast met betrekking tot de voorwaarden voor en manier van betalen van preventie, zorg, ondersteuning en jeugdhulp. Deze regels worden vastgelegd in een gemeentelijke verordening.

Omgevingswet

De Omgevingswet, die per 1 januari 2023 ingaat, maakt het mogelijk om het beleid en de aanpak rondom een gezonde leefomgeving stevig te verankeren. Gemeenten krijgen meer ruimte voor lokaal maatwerk, doordat taken worden gedecentraliseerd. Ze kunnen eigen ambities bepalen voor een gezonde leefomgeving en maken een eigen omgevingsvisie en omgevingsplan. Daarin nemen ze gezondheid expliciet mee, zodat gezondheid ook op lokaal niveau aandacht krijgt in de afwegingen.

Wet Verplichte Meldcode

De Wet Verplichte Meldcode is ingevoerd voor ondersteuning aan professionals in de zorg, het onderwijs en justitie om adequater te kunnen reageren op signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Van professionals wordt verwacht dat zij, aan de hand van de meldcode, signalen vroegtijdig signaleren en de juiste oplossing zoeken. Deze wet verplicht organisaties om een meldcode voor professionals op te stellen en het gebruik hiervan te bevorderen.

Wetten die betrekking hebben op het onderwijs

Wet Primair Onderwijs

Het doel van de Wet Primair Onderwijs is om het onderwijs zodanig in te richten dat leerlingen en ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doorlopen. Samenwerkingsverbanden van basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs hebben de taak om een systeem te hanteren van signaleren, diagnosticeren en remediëren.

Wet Voortgezet Onderwijs

Een van de doelen van de Wet Voortgezet Onderwijs is om alle leerlingen een ononderbroken ontwikkelingsproces te laten doorlopen. Schoolbesturen hebben de taak om de juiste ondersteuning te bieden aan iedere leerlingen. Dit gebeurt via de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. De Wet Voortgezet Onderwijs richt zich op alle leerlingen in het voortgezet (speciaal) onderwijs.

Wet Passend Onderwijs

Met de Wet Passend Onderwijs wordt beoogd om voor alle leerlingen met een specifieke onderwijsbehoefte zo passend mogelijk onderwijs te realiseren. Het streven is om zoveel mogelijk kinderen regulier onderwijs te laten volgen. Om passend onderwijs te kunnen bieden, moeten regionale samenwerkingsverbanden van schoolbesturen een plan maken. Ook moeten ze samen met gemeenten 'op overeenstemmingsgericht overleg' (OOGO) voeren.

Leerplichtwet

Het doel van de Leerplichtwet is om het recht op onderwijs van alle kinderen te waarborgen. De leerplicht geldt voor kinderen van 5 tot 16 jaar. Leerlingen vanaf 16 jaar zonder startkwalificatie hebben een kwalificatieplicht. Het is aan leerplichtambtenaren om te controleren of leerlingen en hun ouders zich houden aan de leerplicht en – indien nodig – om te handhaven.  Om dit mogelijk te maken, zijn scholen verplicht om ongeoorloofd schoolverzuim te melden.

Wet Veiligheid op school

De Wet Veiligheid op school regelt de verantwoordelijkheid van scholen om zorg te dragen voor de veiligheid van alle leerlingen, evenals een veilig schoolklimaat. Scholen zijn verplicht om sociaal veiligheidsbeleid te voeren en de sociale veiligheid van leerlingen te monitoren.

Welke landelijke beleidskaders en actieprogramma's gaan over preventie?

Gemeenten vullen zelf hun lokale preventiebeleid in, samen met hun partners en op basis van de eigen lokale prioriteiten. Landelijke beleidskaders zijn hierbij wel richtinggevend.

Landelijke beleidskaders

Hieronder vind je een aantal relevante landelijke beleidskaders:

  • Nationaal Preventieakkoord: sinds 2018 werkt de Rijksoverheid samen met maatschappelijke organisaties om Nederlanders gezonder te maken, door bijvoorbeeld roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik aan te pakken.
  • Nationaal Sportakkoord: het ministerie van VWS werkt sinds 2018 samen met partijen uit sport, bedrijfsleven, gemeenten en maatschappelijke organisaties om de kracht van sport beter te benutten.
  • Landelijke nota gezondheidsbeleid 2020-2024: deze nota beschrijft de landelijke prioriteiten op het gebied van publieke gezondheid en geeft richting aan het lokale gezondheidsbeleid van gemeenten. De nota prioriteert vier thema's: gezondheid in de sociale en fysieke leefomgeving, gezondheidsachterstanden verkleinen, druk op het dagelijks leven bij jongeren en jongvolwassenen, en vitaal ouder worden.

Landelijke preventieprogramma's

Gemeenten, jeugdpartners en partijen in het onderwijs kunnen ook aanhaken bij landelijke preventieprogramma's zoals:

Meer informatie:

Meer over impact maken met jeugdbeleid

Weten welke informatie we hebben voor beleidsmakers?

Bekijk het overzicht

Afke Donker

Dr. Afke Donker

senior medewerker monitoring en sturingsinformatie