• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Databank Instrumenten

Doen, Praten & Bewegen

'Doen, Praten & Bewegen' is een kindvolgsysteem voor baby's en peuters. Leidsters van peuterspeelzalen en kinderdagverblijven kunnen hiermee de ontwikkeling volgen en stimuleren. Het instrument bestaat uit drie observatielijsten: 'Zo Doe Ik', 'Zo Praat Ik' en 'Zo Beweeg Ik', die zowel los van elkaar of gezamenlijk kunnen worden ingezet. Sinds 2009 is er ook een Van Klein naar Groot-boekje waarmee een beeld geschetst wordt van de ontwikkeling van het kind tijdens de periode op de peuterspeelzaal, kinderdagverblijf of gastouderopvang.

Doel

Door het volgen van de ontwikkeling (op het gebied van motoriek, spraak/taal en sociale competentie) van 0 tot 4 jarigen in de kinderopvang, problemen in de ontwikkeling vroegtijdig onderkennen. Vervolgens de ontwikkeling van kinderen planmatig en doelgericht stimuleren.

Doelgroep

Kinderen van 0 tot 4 jaar op peuterspeelzalen en kinderdagverblijven.

Materialen

Elk deel ('Zo Doe Ik', 'Zo Praat Ik' en 'Zo Beweeg Ik') bestaat uit observatielijsten en een handleiding. In de handleiding zijn naast instructies voor gebruik ook handelingsuggesties (bij VVE-programma's) en een voorbeeldprotocol voor een handelingsplan opgenomen. De informatiefolder 'Doen, Praten & Bewegen' bevat een schema waarin de resultaten van de observaties op de drie ontwikkelingsgebieden per kind kunnen worden ingevuld.

De observatielijsten kunnen ook digitaal ingevoerd worden.

Gebruik

De drie observatielijsten bestaan elk uit 8 deellijsten gekoppeld aan 8 afnamemomenten: nl. als het kind 5, 10, 15, 20, 26, 32, 38 en 44 maanden is. Voor elk kind wordt de lijst twee keer per jaar afgenomen. De leidster vult de deellijst in die past bij de leeftijd van het kind. Als een kind op alle of veel vragen van de deellijst een 'ja' scoort (het kind vertoont het desbetreffende gedrag) kan alvast de volgende deellijst (het volgende afnamemoment) worden ingevuld. Als voor een kind een aantal keer 'nee' is ingevuld (het kind vertoont het desbetreffende gedrag niet) observeert de leidster het kind, maakt zij een verslag en bespreekt zij dit vervolgens met de collega's en leidinggevende. In samenspraak met de leidinggevende kan, indien nodig, een aanpak voor een kind besproken worden waarbij de handelingssuggesties kunnen worden gebruikt om de ontwikkeling te stimuleren. De handelingssuggesties van ieder afnamemoment bestaan uit vier onderdelen: de ontwikkeling, de leidstervaardigheden, de activiteiten en de organisatie.De CED-Groep biedt ondersteuning bij de invoering van 'Doen, Praten en Bewegen' in een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf. Hiertoe is een cursus opgezet over de uitgangspunten en werkwijze van het instrument, bestaande uit 5 bijeenkomsten met het team van pedagogisch medewerkers en 2 bijeenkomsten met de leidinggevende. Ook is een train de trainer cursus in ontwikkeling voor leidinggevenden die op hun eigen instelling het instrument kunnen gaan invoeren.

Gebruik in Routine Outcome Monitoring (ROM)

Dit instrument wordt (nog) niet gebruikt om een Reliable Change Index (RCI) te berekenen. Een Reliable Change Index brengt voor een specifieke cliënt in kaart wat het effect is van de hulpverlening.

Meer informatie


Onderwerp:

Kinderopvang

Doel:

Vroegsignalering

Leeftijd:
0 - 4 jaar

Beoordeling door COTAN

De Commissie Testaangelegenheden Nederland (COTAN) van het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP) beoordeelt de kwaliteit van psychodiagnostische instrumenten in Nederland.

Beoordeeld?
Nee.
Let op:
Dat een instrument niet is beoordeeld, zegt nog niets over de kwaliteit.

Bestellen

CED-Groep, Pedologisch Instituut
Postbus 8639
3009 AP Rotterdam
(010) 40 71 599
info@cedgroep.nl
www.cedgroep.nl

 

Informatie downloaden

U kunt de beschrijving van het instrument op deze pagina opslaan als pdf-bestand.

Download de beschrijving

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.