EMDR en WRITEjunior werken bij trauma en depressie

Kinderen en jongeren hebben na een traumatische gebeurtenis baat bij twee kortdurende vormen van therapie: EMDR en WRITEjunior. Ook bij jongeren met depressies blijken deze behandelingen effectief te zijn. Daarom zouden deze therapieën voor kinderen en jongeren meer beschikbaar moeten zijn, stelt Carlijn de Roos op basis van haar promotieonderzoek.

Om te voorkomen dat kinderen die een trauma hebben meegemaakt een posttraumatische stressstoornis (PTSS) krijgen, is het belangrijk dat zij binnen zes maanden een behandeling volgen. Hiervoor bestaan verschillende therapieën zoals de schrijftherapie WRITEjunior, een cognitieve gedragstherapie, en EMDR-therapie, die gebruik maakt van oogbewegingen. Carlijn de Roos, als therapeut verbonden aan Levvel, vergeleek de effectiviteit van beide behandelingen bij kinderen na een vuurwerkramp. Ze concludeert dat beide behandelingen effectief zijn, maar dat EMDR het snelste werkt.

Ouders

Ook kinderen en jongeren die al de diagnose PTSS hebben gekregen, kunnen veel baat hebben bij beide therapieën. Een jaar na de therapie bleken ze praktisch allemaal van hun klachten af te zijn. Wel maakt het voor het effect van de therapie uit hoe het met de ouders gaat. De Roos adviseert daarom ook ouders die zelf PTSS hebben therapie aan te bieden.

Depressieve jongeren

Jongeren met een matige tot ernstige depressie die te maken heeft met traumatische gebeurtenissen eerder in hun leven, kunnen volgens De Roos ook geholpen worden met een EMDR-behandeling. Drie maanden na een behandeling van maximaal zes keer waren bij meer dan de helft van deze jongeren de stress- en angstsymptomen sterk afgenomen. Dat bleek ook het geval als die klachten niet direct met de traumatische gebeurtenis te maken hadden.

Richtlijn

‘Dit is mooi nieuws’, reageert Esther Kooymans van het Nederlands Jeugdinstituut. ‘De uitkomsten van dit onderzoek zijn belangrijk omdat je met een beperkt aantal sessies kinderen en jongeren van ernstige klachten blijkt te kunnen afhelpen. Dat voorkomt dat problemen aanhouden of zelfs verergeren.’

Kooymans was zelf betrokken bij het ontwikkelen van de nieuwe richtlijn voor het signaleren van traumagerelateerde problemen. ‘Ongeveer de helft van de kinderen maakt ingrijpende gebeurtenissen mee, maar daar is niet altijd aandacht voor. De richtlijn helpt jeugdprofessionals bij het signaleren van traumagerelateerde problemen en geeft aan wat ze zelf kunnen doen in de ondersteuning van school en gezin. Ook maakt de richtlijn duidelijk wanneer jeugdprofessionals moeten doorverwijzen naar de ggz voor behandelingen zoals WRITEjunior en EMDR.’

Bron: Universiteit van Amsterdam

Meer informatie

Bericht Universiteit van Amsterdam

Proefschrift Carlijn de Roos

Richtlijn Signaleren traumagerelateerde problemen 

Lees ook