Meisjesbesnijdenis

Meisjesbesnijdenis of vrouwelijke genitale verminking (vgv) is een vorm van lichamelijke mishandeling. Het is een gebruik waarbij uitwendige geslachtsorganen van meisjes, waaronder de clitoris, worden besneden of verwijderd.

Ouders kunnen verschillende redenen hebben om hun dochter te laten besnijden, zoals hygiëne, schoonheid en de veronderstelde plicht om de maagdelijkheid te beschermen vanuit traditie en religie. Er zijn geen voordelen voor de gezondheid.

Hoewel het in het land van herkomst van deze gezinnen een gangbaar gebruik kan zijn, wordt het in Nederland als mishandeling gezien en is het strafbaar.

Ongeveer 82 procent van de vrouwen in Nederland die een besnijdenis hebben ondergaan, is afkomstig uit Somalië, Egypte, Ethiopië, Eritrea, Sudan of Irak. Naar schatting zijn ruim 41.000 vrouwen die in Nederland wonen besneden. Naar schatting lopen 4.200 meisjes in Nederland het risico op besnijdenis in de komende twintig jaar. De ingreep wordt meestal uitgevoerd bij meisjes tussen 0 en 15 jaar. Het risico is voor de meeste meisjes pas reëel wanneer zij het land van herkomst bezoeken.

Signaleren en herkennen

Er zijn verschillende signalen dat mogelijk een besnijdenis gaat plaatsvinden:

  • Er gaan geruchten over een komende besnijdenis;
  • Er is een reis gepland naar het land van herkomst;
  • Familieleden zijn ook besneden;
  • De personen komen uit een risicoland, zijn kort in Nederland en hebben beperkte kennis over Nederlandse wetgeving rondom meisjesbesnijdenis;
  • Het gezin ervaart druk vanuit de familie of omgeving om meisjesbesnijdenis uit te voeren;
  • Het meisje laat voorzichtig zelf iets los.

Dan zijn er signalen die kunnen duiden op een recent uitgevoerde besnijdenis:

  • Ziekte in de vakantie;
  • Schoolverzuim;
  • Er moe, uitgeput of vaal uitzien;
  • Lange toiletbezoeken;
  • Buikpijn;
  • Concentratieproblemen;
  • Stil en teruggetrokken gedrag;
  • Gesloten of afstandelijke reageren;
  • Wegblijven van gezondheidsonderzoeken;
  • Moeilijkheden met lopen;
  • Een periode niet kunnen meedoen met gymnastiek.

Vormen

De World Health Organisation (WHO) onderscheidt vier vormen van meisjesbesnijdenis:

  • Type 1: Gedeeltelijke of totale verwijdering van de clitoris;
  • Type 2: Gedeeltelijk of totale verwijdering van de clitoris en de kleine schaamlippen, met of zonder verwijdering van de grote schaamlippen.
  • Type 3: Vernauwing van de vaginale opening door wegsnijden en aan elkaar hechten van de kleine schaamlippen of de grote schaamlippen, met of zonder verwijdering van de clitoris.
  • Type 4: Alle andere schadelijke handelingen aan de vrouwelijke geslachtsorganen om niet-medische redenen, zoals prikken, piercing, kerven, schrapen en wegbranden.

De meest ingrijpende vorm is type 3, ook wel 'infibulatie' genoemd. Deze vorm zorgt doorgaans voor de meeste gezondheidsklachten.

Gevolgen

Meisjesbesnijdenis kan levenslang ernstige gevolgen hebben, op lichamelijk, emotioneel en seksueel gebied. Lichamelijke gevolgen die kunnen optreden tijdens en net na de ingreep zijn pijn, bloedverlies, urineklachten, shock, kans op infectie en overlijden. Mogelijke lichamelijke gevolgen op de lange termijn zijn bijvoorbeeld chronische pijn in de onderbuik, moeilijke of pijnlijke urinelozing, menstruatieklachten, chronische infecties, littekenvorming, verhoogde kans op hiv-infectie, moeilijk inwendig onderzoek en problemen bij de bevalling. Psychische en seksuele gevolgen op de lange termijn zijn bijvoorbeeld een posttraumatische stressstoornis, angst, depressie en negatieve invloed op seksualiteitsbeleving.

Aanpak

Vormen van huiselijk geweld en kindermishandeling zoals eergerelateerd geweld, huwelijksdwang, meisjesbesnijdenis en verborgen vrouwen vallen onder een aparte meldcode: de meldcode bij (vermoedens van) eergerelateerd geweld. Daarbij gelden specifieke aandachtspunten, zoals het raadplegen van een deskundige met specifieke expertise en het versnellen van een aantal stappen bij een acuut veiligheidsrisico.

Als er vermoedens zijn dat een besnijdenis gaat plaatsvinden, is er een verschil tussen een acute en een niet-acute dreiging. Raadpleeg de meldcode en het handelingsprotocol voor jouw sector. Bij vragen of twijfel kun je altijd contact opnemen met Veilig Thuis. Als de besnijdenis reeds is uitgevoerd dient direct een melding gedaan te worden bij Veilig Thuis.

  • Pharos zet zich als landelijk expertisecentrum in voor de strijd tegen meisjesbesnijdenis. Meer informatie, factsheets en publicaties vind je op de website van Pharos.
  • De Meldcode bij (vermoedens van) eergerelateerd geweld vind je op Huiselijkgeweld.nl.

Meer over kindermishandeling

Weten welke informatie we hebben voor jongeren, ouders, professionals en beleidsmakers?

Bekijk het overzicht

Manon Robben