Omgaan met geldzorgen van studenten

Schulden en geldzorgen komen onder jongeren relatief vaak voor. Professionals die werken in het onderwijs hebben te maken met studenten die geldzorgen hebben of dreigen te krijgen. Deze professionals kunnen bijdragen aan het beperken van geldzorgen en de negatieve gevolgen daarvan. Hoe kun je geldzorgen bij studenten signaleren en wat kun je vervolgens doen?

Geldzorgen signaleren

Een aantal voorbeelden van signalen die kunnen duiden op geldzorgen bij studenten:

  • vaak afwezig zijn, te laat komen, spijbelen
  • afwezig zijn bij activiteiten en excursies van de opleiding
  • vaak dezelfde, kapotte of niet gepaste kleding
  • veel werken (en daardoor misschien ook lessen missen)
  • niet alle spullen (boeken, materialen, laptop) hebben voor de opleiding
  • weinig vrienden of een klein netwerk hebben
  • concentratieproblemen hebben, chaotisch, paniekerig en/of gespannen zijn
  • een stille of teruggetrokken houding of juist een kort lontje hebben
  • een laag zelfbeeld, minderwaardigheids- of schaamtegevoelens hebben of faalangstig zijn

Een uitgebreide lijst met signalen waaraan je geldzorgen van studenten kunt herkennen, staat in de bijlage van de handreiking Omgaan met geldzorgen van mbo-studenten van de Hogeschool Rotterdam.

Wees in je dagelijkse werk (bij de intake, in de les, lunchpauzes, wandelgangen) alert op signalen van geldzorgen. Je kunt het ontbreken van leermiddelen aan de start van het studiejaar als signaleringsmoment van mogelijke geldzorgen gebruiken. Je kunt de signalen ook doorgeven aan de studieloopbaanbegeleider, mentor of een andere professional die dichter bij de student staat.

Geldzorgen bespreekbaar maken

Als je vermoedt dat een student geldzorgen heeft, kun je dit bespreken met de student. Als je twijfelt of jij de juiste persoon bent om dit gesprek aan te gaan, bespreek dit dan met een collega, de studieloopbaanbegeleider of mentor van de student. Het bespreekbaar maken van geldzorgen kan spannend zijn, maar het kan studenten erg helpen om de eerste stap richting hulp te zetten. Als je in gesprek gaat over signalen die je gezien hebt kan dit helpen:

  • Voorkom dat studenten zelf hun situatie moeten aankaarten en vraag bijvoorbeeld: 'Er zijn veel studenten met financiële problemen, waardoor zij in de knel komen. Is dat bij jou misschien het geval?'
  • Benoem concreet wat je ziet en wees daarbij vragend en betrokken en niet veroordelend. Helpende vragen kunnen zijn: 'Ik heb gemerkt dat je geen lunch bij je hebt. Mag ik daar iets over vragen? Vind je het fijn als we samen kijken wat mogelijk is? Wat zou jou op dit moment het meest helpen?'
  • Toon je eigen gevoel, zeg bijvoorbeeld: 'Ik zie iets en vind het lastig om erover te beginnen'.
  • Voorkom dat studenten verklaringen over ontbrekende leermiddelen moeten geven in de groep, maar creëer een één-op-één gesprek.
  • Bied een luisterend oor voor de student en denk mee met wat het beste is voor diens ontwikkeling en studievoortgang. Realiseer je dat bij verschillende studenten een andere oplossing kan passen.
  • Op de Signalenkaart armoede vind je een opsomming van signalen en gesprekstechnieken die je kunt toepassen.

Doorverwijzen en beschikbare hulp

Zorg dat je een overzicht hebt van waar studenten terecht kunnen met geldzorgen. Jongeren kunnen terecht bij de gemeente waar zij wonen. Veel gemeenten hebben een overzicht van de mogelijkheden. Je kunt samen opzoeken waar de student terecht kan met diens vragen of problemen. 

Naast het doorverwijzen naar gemeentelijke hulp kun je ook denken aan:

  • Studenten ondersteunen in het zoeken naar regelingen en fondsen om een laptop, andere schoolspullen, internet en licenties voor lesmateriaal aan te schaffen.
  • Berekenen of de student recht heeft op ondersteuning van de Voedselbank en zoek op waar de dichtstbijzijnde voedselbank is.
  • Studenten wijzen op een kledingbank in de buurt of op Dress for Succes voor kleding(advies) voor een sollicitatiegesprek.
  • Studenten ondersteunen die voor het eerst op zichzelf gaan wonen. Kinderhulp biedt op-jezelf-woon-pakketten voor jongeren tussen de 17 en 21 jaar met geldzorgen.
  • Studenten wijzen op een Repair Café in de buurt waar kapotte spullen (bijvoorbeeld laptops en fietsen) gemaakt worden.
  • Studenten wijzen op de gratis stadspas waarbij veel gemeenten korting bieden op zwembaden, bioscopen en kringloop.
  • Studenten stimuleren om aan sport en cultuur te blijven deelnemen. Voor 18- kan dat via het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Voor 18+ bestaat het Volwassenenfonds Sport & Cultuur, maar niet alle gemeenten zijn hierbij aangesloten.
  • Studerende ouders te helpen rond feestdagen zoals sinterklaas, kerst, verjaardag kind. Zo kunnen ze in aanmerking komen voor een extraatje, zoals een gevulde boodschappentas of een cadeau voor hun kind. Dit kan bijvoorbeeld via de stichting Sam& voor alle kinderen.

Daarnaast kan het alle studenten helpen om bij de intake aan toekomstige studenten en hun ouders een flyer uit te delen met informatie over mogelijkheden voor financiële steun. Bij de start van het schooljaar kun je ook vragen of er mogelijke (financiële) obstakels worden verwacht komend jaar. Vraag bijvoorbeeld: 'Heb je hulp nodig bij het betalen van je boeken en andere leermiddelen en om deel te kunnen nemen aan alle activiteiten?'

Wat je als onderwijsprofessional nog meer kunt doen voor studenten met geldzorgen lees je in de handreiking Omgaan met geldzorgen van mbo-studenten van de Hogeschool Rotterdam. Deze handreiking biedt een denk- en werkkader voor een passende en haalbare rol voor professionals in het mbo en biedt concrete handvatten en werkwijzen om geldzorgen bij hun studenten te signaleren en hen te ondersteunen en te stimuleren om uit de geldzorgen te komen of te blijven.

Ellen Donkers

Ellen Donkers

adviseur en onderzoeker