Ik maak me zorgen over een leeftijdsgenoot

Als je je zorgen maakt over een vriend, je broer of zus, of een andere leeftijdsgenoot, is het soms moeilijk om hiermee om te gaan. Wat moet je wel of niet zeggen? Wat kun jij doen om te helpen? De eerste stap is altijd om met elkaar te praten. Hierdoor kun je er soms achter komen wat het probleem is, waar het vandaan komt en of je de ander kunt helpen.

Goed voor jezelf zorgen

Of je lekker in je vel zit, hangt samen met de verschillende onderdelen van je leven: je sociale contacten, emoties lichamelijke gezondheid, mogelijkheden om te leren en ontwikkelen en zingeving. Zie ook de pagina Goed voor jezelf zorgen

Om je goed te voelen is het bijvoorbeeld nodig om voldoende vrije tijd te hebben en die goed te besteden. Ook genoeg sporten, gezond eten, jezelf persoonlijk ontwikkelen en steun ervaren in je omgeving helpen hierbij. Als je je zorgen maakt om iemand in je omgeving, kan het helpen om aandacht te geven en te vragen of er iets aan de hand is.

Praat erover

Praten over wat jij ziet bij iemand, kan een eerste stap zijn om te laten weten dat je aan diegene denkt. Stel bijvoorbeeld vragen als: ‘Ik merkte dat je er wat moe uitzag, is alles oké? Kan ik wat doen om je te helpen? Je mag hier ook altijd later op terug komen als je het nu moeilijk vindt!’ Zeg ook dat er je er voor iemand bent. Maak ook het volgende duidelijk:

  • Je wilt de ander helpen op een manier die hij of zij fijn vindt.
  • Vragen om hulp is niet erg. Het is juist een teken van kracht. Iemand is nooit de enige met een bepaald probleem. Misschien herkent iemand in de omgeving het wel of kun je online zoeken naar lotgenoten.
  • Misschien snap je samen beter waarom de ander zich zo voelt en kun je er samen ook iets  doen.
  • Met een lichamelijk probleem dat niet overgaat ga je naar de huisarts. Dat kan ook als je je langere tijd mentaal niet goed voelt.

Tips die je kunt geven

Zijn jullie in gesprek met elkaar? Dan helpt het misschien om te weten welke tips jij kunt geven. Bijvoorbeeld:

  • Schrijf je gevoelens op. Dat helpt om je hart te luchten en je gedachten te ordenen.
  • Oefen hoe je aan iemand zou vertellen hoe je je voelt. Door vooraf te oefenen, voel je je zekerder en weet je beter welke woorden passen bij hoe jij je voelt.
  • Praat bij moeilijke gesprekken vanuit de ‘ik-boodschap’. Dus niet: ‘je luistert nooit naar me’, maar: ‘ik heb het gevoel dat ik mijn verhaal niet kan vertellen.’
  • Als je snel gefrustreerd raakt, gun jezelf dan de tijd om te kalmeren voordat je reageert of handelt. Loop dus even weg en adem een paar keer diep in en uit of luister naar een liedje dat je kalmeert.
  • Als je iets wil veranderen, neem dan kleine stapjes. Het is heel moeilijk om gewoontes te doorbreken, kleine stapjes kunnen dit makkelijker maken. Om hulp vragen is een eerste stap. Als je bijvoorbeeld meer rust in je hoofd wilt, dan kun je beginnen met je bureau opruimen en later de rest van je kamer. Of als je meer wil bewegen, dan kun je beginnen met elke dag tien minuten wandelen.
  • Probeer in je omgeving mensen te vinden die je kunnen helpen met het veranderen van je situatie. Dat kunnen je ouders of je vrienden zijn, maar ook een oom of tante, een buurvrouw, een jongerenwerker of een coach van je sportclub.
  • Hoe je je voelt is soms zo veranderlijk als het weer. Inzicht in je gemoedstoestand kan je helpen om je gevoel te plaatsen. Benieuwd naar het weerbericht voor jouw mentale toestand? Doe de Check-je-Bui-test.

Kom je er even niet uit?

Soms is het lastig een gesprek te hebben met iemand die niet lekker in zijn vel zit. Het kan zelfs zo zijn dat jij daardoor zelf minder lekker in je vel zit. Doe dit dan ook niet alleen. Vraag tips aan je ouders, vrienden of iemand anders die je kunt vertrouwen. Je hoeft dan natuurlijk niet te vertellen wie je probeert te helpen, maar mogelijk kunnen zij wel helpen als je de situatie uitlegt.

Waar kan iemand terecht?

Mocht je aanvoelen dat de ander het er liever met iemand anders dan met jou over heeft, laat dan zien waar hij of zij terecht kan. Dit kun je ook doen als je voelt dat het te heftig voor je wordt en jij niet de geschikte persoon bent om te helpen. Je kunt hier ook zelf terecht met je zorgen over de ander. Denk hierbij aan:

  • Een vertrouwenspersoon, mentor of docent op school.
  • Een trainer of docent van de sportclub of culturele vereniging.
  • Het jongerenwerk in je gemeente.
  • De Kindertelefoon: het is mogelijk gratis en anoniem met deze organisatie te bellen of chatten en je kun het met ze over álles hebben! Ook is er een forum waar je online ervaringen kunt uitwisselen met leeftijdsgenoten over allerlei onderwerpen waar je je misschien mee bezig houdt.
  • Ben je al wat ouder? Jongeren tussen de 18 en 24 jaar kunnen terecht bij de Alles Oké? supportlijn. Dit mag over alles gaan! Bellen (0800-0450) en chatten kan elke dag en is anoniem.   
  • Jouw GGD: hier kun je antwoorden vinden op allerlei vragen over je mentale welbevinden.
  • De jongerencommunity 2K40: dit is een community die er is voor en dóór jongeren, met als doel een eigen gezonde omgeving te creëren. Ze maken content op verschillende gebieden. Er wordt open gepraat over mentale gezondheid.

Heftig?

Het kan zijn dat er schokkende dingen naar boven komen als de ander je meeneemt in het verhaal. Het is belangrijk dat je daar niet mee blijft zitten als het je te heftig wordt. Je kunt hiermee ook terecht bij de organisaties en personen hierboven. Bedenk ook dat jij naar de ander kan luisteren of tips geven, maar niet de persoon bent die het probleem op kan lossen.

Belangrijk is ervoor te zorgen dat je het geheim van een ander niet jouw geheim wordt. Laat het daarom aan de ander weten wanneer het probleem te groot voor jou alleen wordt en je er iemand bij wilt halen. Omdat je er anders zelf teveel last van krijgt en je niet kunt helpen bij het zoeken naar een oplossing. Je kunt zelf voor advies hierover ook terecht bij een volwassene die je vertrouwt of bij de Kindertelefoon.

Alle pagina's over welbevinden

Naar het overzicht

Martijn van Wietmarschen

Martijn van Wietmarschen

adviseur transformatie jeugdstelsel