Zo maak je een toekomstplan met jongeren

Het is belangrijk dat een jongere zelf zijn eigen toekomstplan maakt. Alleen dan is het werken met een toekomstplan effectief. Maar vaak hebben jongeren hier wel hulp en ondersteuning bij nodig. Hoe kun je dit als professional het beste doen?

Hoe help ik jongeren bij het maken van een toekomstplan?

Mijn plan moet echt mijn eigen plan zijn. Ik maak dit plan zelf in een vorm die bij mij past. Ik deel mijn plan zelf met de mensen die mij kunnen helpen om mijn plan te realiseren.

1. Leer de jongere kennen.

Ga samen op onderzoek uit. Het maken van een toekomstplan is geen invuloefening, maar vraagt verdieping in de wereld van de jongere. Vraag wie voor de jongere belangrijk is in zijn leven. Wie zou de jongere willen betrekken bij het maken van een plan? Wat heeft hij of zij nodig om over de toekomst na te kunnen denken? Zijn er dingen in het hier en nu die het dromen in de weg staan? 

2. Zorg voor vertrouwen

Vertrouwen en samenwerking zijn nodig om een jongere te kunnen helpen bij het maken van een toekomstplan. Maak afspraken over hoe je wilt samenwerken. Leg wederzijdse verwachtingen en afspraken vast. En ga uit van gelijkwaardigheid en vertrouwen. 

3. Stel vragen

Het maken van een toekomstplan is een gezamenlijke zoektocht waarin de wensen, dromen en beelden van de toekomst scherper worden. Dit vraag om een gezamenlijke verkenning met de jongere, aan de hand van vragen als:  

  • Wie ben ik, wat kan ik en wat wil ik? 
  • Wat zijn mijn dromen? Wat wil ik bereiken? 
  • Hoe zie ik mijn toekomst voor me als het gaat om zelfstandig worden?  
  • Wat wil ik als het gaat om de 'Big 5' (link Big5):  support, wonen, school en werk, inkomen, en welzijn. 

4. Klein stapjes

Ga van grote doelen naar kleine stapjes. Welke ondersteuning past daarbij, op de korte termijn en op de lange termijn? En wie kan daarin welke rol spelen? De volgende vragen kunnen daarbij helpen: 

  • Wat wil je bereiken? 
  • Wat kun je zelf? 
  • Wie kan jou helpen? 
  • Wat is er nu nodig? 
  • Wat is er straks nodig?    

Wat doe ik met het toekomstplan? 

Het toekomstplan van de jongere is leidend voor wat er georganiseerd moet worden om het plan van de jonge te realiseren. Vanuit het plan volgen afspraken over de uitvoering: wat is er nodig, wat moet er gedaan worden en wie doet wat op welke termijn? Maak afspraken met de jongere, zijn ouders/netwerk en de verwijzer over regievoering op het uitvoeringsplan: wie is waarvoor verantwoordelijk, en wie bewaakt de voortgang van het uitvoeringsplan? Wanneer de jongere voor hulp en ondersteuning overgaat naar een andere organisatie, gaat – bij akkoord van de jongere – het toekomstplan mee. Dit plan is dan leidend voor de overdracht en het organiseren van de vervolghulp.  

Wanneer geef ik de jongere regie en wanneer neem ik zelf regie? 

Jongeren hebben ruimte nodig om zelf hun keuzes te maken, maar hebben ook begeleiding en bescherming nodig. Professionals ervaren hierin een spanningsveld. Wanneer ondersteun je jongeren in het zelf bepalen? Wanneer neem je zelf meer de regie en ga je proactief meebepalen? En wat doe je als je een jongere niet gemotiveerd is? 

Laat mij de baas over mijn eigen leven zijn. Denk niet voor mij. Betrek mij bij beslissingen en help mij om zelf te beslissen. Maar weet ook wanneer je de regie tijdelijk moet overnemen. En betrek mij ook bij die beslissing.

Opgroeien is een proces van vallen en opstaan, en dus ook van fouten maken. Sommige fouten helpen om te leren en verder te komen. Maar bij andere fouten kan er meer op het spel staan. In de opvoeding en begeleiding van jongeren naar volwassenheid gaat het over de juiste balans tussen ruimte en verantwoordelijkheid geven aan jongeren, en bescherming en begeleiding bieden. Die balans is niet voor te schrijven, maar moet je als professional steeds samen met de jongere, het gezin en het netwerk vinden. 

Het vertrekpunt hierbij is dat de regie zoveel mogelijk bij de jongere ligt. Gaandeweg onderzoek je samen of en waarbij de jongere ondersteuning nodig heeft. Ga telkens open in gesprek over waar het wel lukt en waar niet. Zo kijken jullie samen hoe je de jongere kan ondersteunen bij het nemen van regie en verantwoordelijkheid. Vervolgens maak je daar afspraken over.  

Ga in gesprek 

Start met het gesprek over jullie samenwerking (de contractering): hoe werken we samen en wat spreken we daarover af? Maak afspraken over het omgaan met elkaar, beschikbaarheid en bereikbaarheid, verwachtingen, elkaar aanspreken en signaleren als het niet goed gaat. Met de jongere zelf of tussen jullie in de samenwerking.  

De jongere is eigenaar van zijn plan en kiest zelf de vorm van het plan. Jouw rol als professional is het bevragen van de jongere en het helpen uitwerken van het plan. Dit doe je vanuit jouw achtergrond, kennis en ervaring. Er komt daarmee een dialoog tot stand tussen het perspectief van de jongere (eigen regie, eigen doelen, zelfkennis) en de professionaliteit van de hulpverlener (vakmanschap, expertise). Dit gaat over onderwerpen als: 

  • wat maakt dat het wel gaat lukken (helpende krachten) 
  • wat maakt dat het niet gaat lukken (risico's) 
  • beschikbare bronnen (mensen, middelen en mogelijkheden) 
  • wat moet er geregeld/gedaan worden en door wie 
  • de stappen die de jongere gaat zetten  
  • en afspraken over wie de jongere hierbij gaat ondersteunen  

Neem samen beslissingen 

Maak gezamenlijk een analyse van de kansen, zorgen en uitdagingen. Start bij het plan en de doelen van de jongere (link naar Hoe maak ik samen met een jongere een toekomstplan?). Wat helpt om deze doelen te realiseren? Wat staat daarbij in de weg? En waar liggen risico's en zorgen? Wees daarbij open en transparant over afwegingen in de begeleiding. Neem beslissingen samen, en betrek de jongere zoveel mogelijk bij overleggen waarin over de jongere gesproken wordt. 

Wat doe ik als een jongere niet gemotiveerd is?  

Motivatie gaat over het zelf richting kunnen geven aan je eigen leven en toekomst. Zelf meebepalen over doelen en werkwijze vergroot de intrinsieke motivatie van jongeren. Motivatie is geen statisch of algemeen gegeven, maar gaat over een specifiek doel of gedrag. Een jongere kan bij sommige dingen geen motivatie laten zien, maar bij andere dingen juist wel. 

Gebrekkige motivatie van een jongere voor een bepaald doel of op een bepaald gebied kan verschillende oorzaken hebben: 

  • het doel is niet een doel van de jongere zelf 
  • het doel conflicteert met andere doelen of belangen 
  • de jongere wil wel iets bereiken, maar het lukt niet om dit voor elkaar te krijgen 

Is een jongere niet gemotiveerd? Ga het gesprek aan waarin je de mogelijke oorzaken onderzoekt. Probeer hierbij aansluiting te vinden bij datgene wat voor de jongere van belang en van waarde is. Wat vindt de jongere belangrijk bij het maken van keuzes op de korte termijn? Waarvoor is de jongere wel gemotiveerd? Wat vindt de jongere belangrijk bij het maken van keuzes op de lange termijn, en wat staat die keuzes mogelijk in de weg?   

Alle pagina's over van jeugd naar volwassenheid

Naar het overzicht

Mariës Zegers

senior medewerker inhoud