Omgaan met de gevolgen van het coronavirus

Vragen en dilemma's na persconferentie 19 mei

Laatste actualisatie: 25 mei 2020

Rutte deed tijdens de persconferentie de oproep om in gesprek te gaan met kinderen en jongeren over de maatregelen. Bijvoorbeeld als school, gemeente, jongerenwerker en minister. Over de oplossingen die kinderen en jongeren zelf zien. Want het gaat om hun toekomst. En hij deed de oproep aan kinderen en jongeren om zich te laten horen. Vooral nu de coronamaatregelen in fases worden versoepeld. Wij staan achter deze oproep van Mark Rutte. Samen met andere jeugdorganisaties vragen we kinderen en jongeren de komende weken mee te denken en te praten. #ikpraatmee.

Dat de maatregelen minder streng zijn is fijn voor iedereen. Het betekent meer ruimte om zelf keuzes te maken. Het betekent echter ook dat op veel vragen niet een eenvoudig 'ja, dat mag' of 'nee, dat mag niet' bestaat. Hoe maak je de juiste keuzes voor jouw situatie zonder dat dit – ook voor anderen – extra risico's met zich meebrengt?

Elke versoepeling van maatregelen creëert een 'nieuwe situatie' waarmee we moeten leren omgaan. De afgelopen maanden lag de nadruk op gezondheid en bestrijding van het virus. Mensen bleven zoveel mogelijk thuis om risicogroepen te beschermen. Intussen gaat het niet alleen meer over gezondheid. Nu kunnen we meer oog hebben voor het welbevinden en de ontwikkeling van kinderen. Ook kan er weer meer aandacht zijn voor het welzijn van ouders, opa's en oma's.

Houd natuurlijk bij alles de regels van het RIVM in acht, zoals:

  • Anderhalve meter afstand
  • Vermijd drukke plekken
  • Handen wassen
  • Geen handen schudden

Algemeen

Huishouden

Wat mag wel en wat mag niet in de coronaperiode? Het antwoord op deze vraag hangt vaak af van of je een huishouden vormt of niet. Maar dat is niet het enige wat telt. Ook relevant is hoe mensen met elkaar willen omgaan. Denk met elkaar na over deze kwesties. Zo maak je een goede afweging voor hoeveel afstand verstandig is voor jullie.

Wanneer vorm je officieel een huishouden?

Onder een huishouden verstaat de noodverordening: echtgenoten, geregistreerde partners of andere levensgezellen en ouders, grootouders en kinderen, voor zover zij op één adres wonen. Woongroepen, tehuizen en studentenhuizen vormen dus niet één huishouden.
In de afgelopen periode zijn mensen zelf steeds breder naar het begrip 'huishouden' gaan kijken. Mensen zoeken steeds vaker naar veilige mogelijkheden om toch contact te kunnen hebben met een beperkt aantal anderen. Zo kunnen bijvoorbeeld alleenstaande mensen ervoor kiezen om met enkele anderen contact te hebben. Ze kunnen dan bij elkaar op bezoek gaan, met de afspraak om dan niet bij heel veel andere mensen te komen en van hen wel anderhalve meter afstand te houden. Hoewel dit officieel geen huishouden is, hebben zij dan afgesproken zich te gedragen als een huishouden.

Is een samengesteld gezin ook een huishouden?

Een samengesteld gezin is officieel een huishouden wanneer de gezinsleden zijn ingeschreven op hetzelfde adres. Toch ervaren veel samengestelde gezinnen dat anders. In een artikel in Trouw van 18 april: 'Of ons samengestelde gezin een huishouden is? Zonder twijfel. De kinderen mogen dan in verschillende huizen wonen; als ze bij ons zijn, horen we bij elkaar. Dat voel ik heel sterk. En daar handelen we ook naar, zo lopen we over straat gewoon met zijn zessen. En als mijn kinderen bij hun vader zijn, zijn zij ook een gezin.'

In een artikel in het Algemeen Dagblad op 29 april staat: 'Hoewel volgens het woordenboek 'alle mensen die tot een woongemeenschap of gezin behoren en samen leven' de definitie is van een huishouden, zien veel handhavers vooral het standaard gezin als toegestane leefvorm. Studentenhuizen staan ook niet als huishouden vermeld in de noodverordeningen.'

Mijn kinderen zijn de ene week bij mij en de andere week bij mijn ex-partner. Vormen wij beiden een huishouden met onze kinderen?

Nee, kinderen kunnen niet officieel deel uitmaken van twee verschillende huishoudens. Ouders en kinderen die op hetzelfde adres zijn ingeschreven vormen officieel een huishouden. Jullie kinderen zijn op twee adressen onderdeel van een gezin, maar officieel behoren zij dus tot één huishouden. Namelijk op het adres waar zij staan ingeschreven bij de gemeente.

Echter, je kunt wel als ouders met elkaar afspreken dat jullie de kinderen als onderdeel van jullie huishouden ervaren. Als dat voor beide ouders en kinderen goed voelt, dan hoeven jullie je binnenshuis niet aan de anderhalve meter afstandsregel te houden.

Als een van de gezinsleden zich kwetsbaar voelt, is het misschien beter om je wel aan de anderhalve meter afstandsregel te houden. Als iemand verkoudheidsklachten heeft, is het verstandiger elkaar even niet te bezoeken. Blijf je gezonde verstand gebruiken en maak nieuwe afwegingen als het nodig is.

Mijn kinderen staan niet bij mij ingeschreven. Moet ik hen beschouwen als bezoek?

Nee, binnenshuis en in je eigen tuin hoef je je kinderen niet te behandelen als bezoek. Binnenshuis zijn er geen beperkingen, tenzij je overlast geeft. Dit geldt dus ook voor woongroepen en studentenhuizen; buitenshuis moeten jullie wel officieel anderhalve meter afstand houden. Officieel vormen jullie immers geen huishouden.

Het belangrijkste is om samen af te spreken hoe jullie met elkaar willen omgaan, zodat jullie lichamelijk, mentaal en sociaal gezond blijven en het coronavirus niet verspreiden. Veel factoren kunnen van invloed zijn op zo'n afweging. Zijn er bijvoorbeeld gezinsleden die tot de risicogroep behoren? Zijn er gezinsleden die zich kwetsbaar of angstig voelen en liever afstand houden? Hebben jullie naast het contact met elkaar ook nog veel contact met andere mensen? Elke situatie is anders en het is belangrijk dat iedereen zich goed bij de afspraken voelt.

Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat als iedereen gezond is en zich gezond voelt, je elkaar regelmatig kunt ontmoeten. Het is goed om af te spreken daarbij niet te veel andere contacten te hebben. In je eigen huis of tuin kun je er bijvoorbeeld voor kiezen om als één huishouden contact te hebben. Je hoeft dan geen anderhalve meter afstand te houden. Ook kun je ervoor kiezen om niet heel strikt te zijn met de anderhalve meter. Misschien bedenken jullie voor de begroeting een alternatief? Als een van de gezinsleden zich kwetsbaar voelt, is het misschien beter om je wel aan de anderhalvemeterregel te houden. Als iemand verkoudheidsklachten heeft, is het verstandiger elkaar even niet te bezoeken. Blijf je gezonde verstand gebruiken en maak nieuwe afwegingen als het nodig is.

Kun je een boete krijgen als je geen huishouden vormt en minder dan anderhalve meter afstand houdt?

Ja, in de openbare ruimte kun je daarvoor officieel een boete krijgen. Of dat in de praktijk ook gebeurt, hangt af van de noodverordening in jouw regio. Die kunnen per regio verschillen. In de praktijk zie je dat er vaak eerst een waarschuwing wordt gegeven.

Binnenshuis kun je geen boete krijgen, tenzij je overlast geeft. Buitenshuis, om precies te zijn buiten het eigen terrein, geldt de officiële definitie van huishouden. Studenten en bewoners van een woongroep mogen zich daar niet als één huishouden gedragen. Zij moeten daar dus anderhalve meter afstand houden en mogen niet met meer dan twee personen afspreken. Een uitzondering daarop is het samen buiten sporten. Dan mag dat weer wel, als ze maar anderhalve meter afstand van elkaar houden.

Moet ik anderhalve meter afstand houden als ik mijn kind in een pleeggezin of gezinshuis opzoek?

Contact en nabijheid tussen ouders en kinderen is belangrijk. Je hoeft als een van de twee vaste bezoekers van je kind geen anderhalve meter afstand te bewaren als je gezond en fit bent en geen klachten hebt. Check van te voren even of anderen in het pleeggezin of gezinshuis klachten hebben. Mocht dat wel het geval zijn, dan kun je elkaar misschien wel in een aparte ruimte ontmoeten of kun je beter buiten afspreken en gaan wandelen. Stem dat van te voren even af met de groepsleiding of de pleegouders. Wel moet je van de anderen in het pleeggezin of gezinshuis anderhalve meter afstand houden.

Mijn kind woont in een residentiële instelling. Moeten wij anderhalve meter afstand van elkaar houden?

Het streven is dat uiterlijk per 25 mei vaste bezoekers en het kind of jongere ervoor kunnen kiezen om als één huishouden contact te hebben. Dit kan alleen als de vaste bezoekers en het kind gezond zijn en zich gezond voelen en niet te veel andere contacten hebben. Je kunt er samen voor kiezen hoeveel afstand je wilt houden. Bespreek of je elkaar gewoon kunt zoenen en omhelzen of niet heel strikt bent met de anderhalve meter. Misschien bedenken jullie voor de begroeting een alternatief? Als een van de vaste bezoekers of het kind zich kwetsbaar voelt, is het beter dat jullie je wel aan de anderhalvemeterregel houden.

Natuurlijk moeten jullie wel de algemene hygiënemaatregelen blijven nemen: hoesten in de elleboog, gebruik van papieren zakdoekjes, handen wassen voor en na het bezoek en na gebruik van het toilet. Ook moeten jullie rekening houden met eventuele kwetsbaarheden van andere kinderen op de groep. Bespreek met de groepsleiding hoe het contact het beste kan plaatsvinden. Misschien kunnen jullie elkaar in een aparte ruimte ontmoeten of een wandeling maken.

Vervoer

Mag ik mensen vervoeren die niet tot mijn huishouden behoren?

Maximaal twee personen die niet tot hetzelfde huishouden behoren mogen samen in één auto zitten. Het is wel wenselijk dat ze anderhalve meter afstand houden. Je kunt een boete krijgen als je met drie of meer mensen bij elkaar in een auto zit en niet tot hetzelfde huishouden behoort. Onder een huishouden verstaan we echtgenoten, geregistreerde partners of andere levensgezellen en ouders, grootouders en kinderen, voor zover zij op één adres wonen. Woongroepen, tehuizen en studentenhuizen vormen dus niet één huishouden.

Opa's en Oma's

Mogen we opa en oma weer zien?

Je kunt bij opa en oma op bezoek komen als zij jonger zijn dan 70 jaar, iedereen gezond is en anderhalve meter afstand houdt. Opa en oma kunnen ook zelf op bezoek komen. Oppassen is een ander verhaal, want dan is afstand houden lastig. Het is belangrijk om hiervoor een bewuste afweging te maken.

Mogen opa en oma ook weer oppassen?

Veel opa's en oma's staan te popelen om hun kleinkinderen weer te zien. En ook ouders willen graag weer hulp van opa en oma. Er is geen algemeen verbod voor opa's en oma's om op kleinkinderen te passen. Mensen wordt gevraagd deze afweging zelf en zorgvuldig te maken:

  • Zijn opa en oma fit genoeg?
  • Behoren ze niet tot de risicogroep?
  • Zijn ze jonger dan 70 jaar?

Als dit het geval is, kunnen jullie er samen voor kiezen om het oppassen, bezoek of logeren weer door te laten gaan. Bereid je wel voor op andere opties en bekijk de situatie van dag tot dag. Wanneer opa, oma of een gezinslid ziek wordt, moet er namelijk een andere oplossing komen. Op Volkskrant.nl staat een artikel waarin je kunt lezen hoe anderen deze afweging maken.

Wie behoren er tot de risicogroep?

Naast ouderen boven de 70 jaar behoren tot de risicogroep mensen boven de 18 jaar met:

  • Chronische aandoeningen aan luchtwegen of hart waarvoor behandeling door de specialist nodig is.
  • Ernstige nieraandoeningen waarvoor dialyse of niertransplantatie nodig is.
  • Ernstig leverlijden.
  • Verminderde weerstand door medicatie voor auto-immuunziekten, na orgaan- of stamceltransplantatie, bij bloedziekten, het ontbreken van de milt, bij aangeboren of op latere leeftijd ontstane ernstige afweerstoornissen waarvoor behandeling nodig is, of na chemotherapie of bestraling tegen kanker in de afgelopen 3 maanden.
  • Ernstig overgewicht.
  • Een ernstige hiv-infectie.
  • Slecht ingestelde diabetes of diabetes met secundaire complicaties.

Kijk voor meer praktische informatie en veel vragen en antwoorden op de pagina De veranderde rol van opa's en oma's.

Vragen van kinderen en jongeren

Middelbare school

Moet ik anderhalve meter afstand houden van mijn klasgenoten op de middelbare school?

Ja. Jongeren op de middelbare school houden anderhalve meter afstand van elkaar en van hun docenten. Oók als je 12 jaar bent en in de brugklas zit. Docenten houden ook anderhalve meter afstand van elkaar.

Om afstand te kunnen houden van elkaar zal niet iedereen tegelijk les hebben op school. Er zijn looproutes in school aangegeven, de kantine blijft dicht en je mag je kluisje niet gebruiken. Je hoort van school of je mentor hoe het straks op jouw school gaat. Scholen schatten in dat ongeveer een kwart tot een derde van de leerlingen op hetzelfde tijdstip op school kunnen zijn. Maar dat ligt ook aan de grootte van het schoolgebouw.

Moet elke leerling van de middelbare school even vaak naar school?

Elke leerling krijgt weer af en toe les op school vanaf 2 juni. Dit geldt ook voor het voortgezet speciaal onderwijs. Het kan per school en per leerling verschillen hoe vaak er op school les is. Scholen moeten de RIVM-richtlijnen volgen. Ook houden ze rekening met leraren die ziek zijn, of in de risicogroep vallen. Voor sommige vakken is het makkelijker om online les te geven dan andere. De ene leerling kan de stof makkelijker online bijhouden dan de andere. Dus het kán zijn dat het naar school gaan verschilt per school, klas of leerling.

Mag ik met het openbaar vervoer naar mijn middelbare school?

Nee, dat is niet de bedoeling. Iedereen komt zoveel mogelijk met de fiets of lopend naar school.
Kun je écht niet op de fiets of lopend naar school komen? Vraag dan een van je ouders of ze je met de auto kunnen brengen. Kan dat ook écht niet? Geef dit dan aan bij jouw mentor. Dan kunnen jullie samen met de school een oplossing zoeken.

Zorg

Ik woon in een pleeggezin/gezinshuis. Mag ik weer naar school, sport en andere clubs?

Ja, als jij geen klachten hebt, mag dat vanaf uiterlijk 1 juni weer. Sommige activiteiten zijn alweer begonnen. Andere activiteiten beginnen dus uiterlijk 1 juni.

Ik woon in een instelling. Gaat mijn dagprogramma weer door?

Ja, per 1 juni starten zoveel mogelijk de dagprogramma's weer voor jongeren tot en met 18 jaar.

Wanneer begint mijn behandeling of begeleiding weer?

Behandeling of begeleiding is vaak alweer opgestart. Uiterlijk 1 juni zijn alle behandelingen en begeleiding weer begonnen. Samen met jouw behandelaar of begeleider kijk jij wat een fijne manier is. Willen jullie elkaar steeds zien, of is het ook goed om soms te bellen, te chatten of te face-timen? Praat met jouw behandelaar of begeleider over wat het beste bij jou past.

Ik woon in een instelling. Mag ik weer bezoek ontvangen?

Ja. Dat mag vanaf uiterlijk 25 mei als jij en jouw bezoekers geen klachten hebben. Je mag samen met jouw begeleider bepalen welke twee personen jou kunnen bezoeken. In veel instellingen mochten kinderen tot en met 12 jaar alweer bezoek ontvangen. Voor jongeren vanaf 13 jaar was dat nog niet altijd mogelijk. Daar komt uiterlijk 25 mei dan eindelijk verandering in. Respect voor jullie geduld!

Soms kan het zijn dat je door bijvoorbeeld zieke groepsgenoten jouw bezoek toch niet mag ontvangen. Dan zoek je samen met jouw begeleider en jouw bezoek naar andere mogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan samen iets buiten afspreken of face-timen.

Ik woon in een instelling/pleeggezing/gezinshuis. Mag ik weer op verlof naar huis?

Ja, dat kan vanaf uiterlijk 25 mei weer. Natuurlijk bespreek je net als 'voor corona' met jouw begeleider of je op verlof mag. Als dat mag, is het belangrijk dat jij en ook niemand bij jou thuis klachten heeft en dat iedereen zich aan de adviezen van het RIVM houdt. Dus, handen wassen, anderhalve meter afstand houden, enzovoorts. Soms kan het verlof door bijvoorbeeld verkoudheid van familieleden toch niet doorgaan. Dan zoek je samen met jouw begeleider en jouw familie naar andere mogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan face-timen.

Dilemma's

Mag ik nou wel of niet buiten afspreken met vrienden?

Het antwoord is niet zo makkelijk. Er zijn verschillende richtlijnen en regels die je moet volgen. Dit zijn de richtlijnen vanuit de Rijksoverheid en het RIVM en de regels in de noodverordening van Veiligheidsregio's. Deze noodverordening is een soort vertaling van de richtlijnen vanuit de overheid. Op basis hiervan mogen de politie en handhavers in gemeenten ook boetes uitdelen.

Groepsvorming en samenscholing

  • Als je afspreekt met vrienden dan is dit een samenscholing. Ben je met meer dan twee vrienden? Dan kun je officieel een boete krijgen. Ook al houd je afstand. Zo staat het in veel noodverordeningen. De vraag is of je ook meteen een boete krijgt. Sommige gemeenten melden op hun site dat ze eerst waarschuwen. Ook op de site van de politie staat dat ze in principe éérst waarschuwen.
  • Als je je vrienden toevallig tegenkomt op straat, dan valt dit onder groepsvorming. Bij groepsvorming is het alleen strafbaar als je géén anderhalve meter afstand houdt.
  • Iedereen vermijdt zoveel mogelijk drukte, zodat het mogelijk is om anderhalve meter afstand te houden. Zorg dus dat andere mensen ook voldoende ruimte hebben om afstand te kunnen houden.

Je begrijpt het al: de regels zijn niet zo zwart wit. Het is overal net een beetje anders. In een drukke straat zal de politie misschien minder geduld hebben dan in een rustig parkje. Je moet dus samen met je vrienden afwegen wat verstandig is. Hou wel rekening met het risico voor de gezondheid van anderen.

De basisregels gelden nog steeds:

  • Geef elkaar geen hand of boks.
  • Blijf weg van drukke plekken.
  • Heb je verkoudheidsklachten (keelpijn of hoesten of een loopneus of neusverkoudheid) of verhoging of koorts boven de 38 graden en/of benauwdheidsklachten? Blijf dan binnen. Je mag pas weer naar buiten als je 24 uur lang geen klachten meer hebt.
  • Is er iemand bij jou thuis met verkoudheidsklachten én meer dan 38 graden koorts en/of benauwdheid? Ook dan moet je binnen blijven. Als uitzondering mogen huisgenoten zonder verkoudheidsklachten wel snel een boodschap doen.

Vragen van ouders

Zorg

Mijn kind verblijft in een instelling voor jeugdzorg of jeugd-ggz. Mag ik op bezoek komen?

Ja. Jouw kind mag uiterlijk per 25 mei bezoek ontvangen van twee vaste bezoekers. Overleg samen met je kind en begeleider wie dat zijn. Belangrijk is dat jouw kind en jij geen klachten hebben. Als dat wel zo is, zoek dan samen naar andere manieren van contact. Bijvoorbeeld face-timen.

In veel instellingen mochten kinderen tot en met 12 jaar alweer bezoek ontvangen. Voor jongeren vanaf 13 jaar was dat nog niet altijd mogelijk. Daar komt uiterlijk 25 mei verandering in.

Mijn kind verblijft in een instelling voor kinderen met een verstandelijke beperking. Mag ik op bezoek komen?

Ja. Jouw kind mag uiterlijk per 25 mei bezoek ontvangen van twee vaste bezoekers. Overleg samen met je kind en begeleider wie dat zijn. Belangrijk is dat jouw kind en jij geen klachten hebben. Als dat wel zo is, zoek dan samen naar andere manieren van contact. Bijvoorbeeld face-timen.

In veel instellingen mochten kinderen tot en met 12 jaar alweer bezoek ontvangen. Voor jongeren vanaf 13 jaar was dat nog niet altijd mogelijk. Daar komt uiterlijk 25 mei verandering in.

Mijn kind woont in een pleeggezin/gezinshuis. Mag ik op bezoek komen?

Ja. Jouw kind mag uiterlijk per 25 mei bezoek ontvangen van twee vaste bezoekers. Overleg samen met je kind, pleegouders en overige betrokkenen wie dat kunnen zijn. Belangrijk is dat jouw kind en jij geen klachten hebben. Als dat wel zo is, zoek dan samen naar andere manieren van contact. Bijvoorbeeld face-timen.

In veel pleeggezinnen of gezinshuizen mochten kinderen tot en met 12 jaar alweer bezoek ontvangen. Voor jongeren vanaf 13 jaar was dat nog niet altijd mogelijk. Daar komt uiterlijk 25 mei verandering in.

Kan de behandeling of begeleiding van mijn kind weer opstarten?

Ja, de behandeling of begeleiding van jouw kind start uiterlijk per 1 juni weer. Dit geldt voor alle vormen van ambulante jeugdzorg, jeugd-ggz, zowel thuis als bij de instelling. Waarschijnlijk zal er voorafgaand aan de afspraak wel gevraagd worden of een van jullie gezinsleden verkoudheidsklachten heeft.

Mijn kind heeft een beperking. Start de thuisbegeleiding weer?

Ja, de behandeling of begeleiding van jouw kind start uiterlijk per 1 juni weer. Dit geldt voor alle zorg voor kinderen met een verstandelijke beperking. Dus zowel voor de zorg bij jullie thuis, als afspraken bij een instelling, dagbehandeling en behandeling en begeleiding in kinderdagcentra en medisch kinderdagverblijven. Waarschijnlijk vraagt de begeleiding voorafgaand aan de afspraak wel of een van jullie gezinsleden verkoudheidsklachten heeft.

Mijn kind heeft een beperking. Kan hij weer naar het kinderdagcentrum of medisch kinderdagverblijf?

Ja, de behandeling of begeleiding van jouw kind start uiterlijk per 1 juni weer. Dit geldt voor alle zorg voor kinderen met een verstandelijke beperking. Dus zowel voor de zorg bij jullie thuis, als afspraken bij een instelling, dagbehandeling en behandeling en begeleiding in kinderdagcentra en medisch kinderdagverblijven. Waarschijnlijk vragen zorgprofessionals voorafgaand aan de afspraak wel of één van jullie gezinsleden verkoudheidsklachten heeft.

Kan mijn kind weer naar de dagbesteding?

Ja, de dagbesteding is uiterlijk per 1 juni weer open voor alle kinderen en jongeren tot en met 18 jaar. Kinderen tot en met 12 jaar kunnen daar met hetzelfde busje naar toe als voorheen. Voor jongeren vanaf 13 jaar moeten daar met de gemeenten en de taxibedrijven nog afspraken over gemaakt worden. Die afspraken zullen voor 1 juni bekend zijn.

Ik ben pleegouder/gezinshuisouder. Mogen de kinderen weer bezoek ontvangen en mogen ze ook weer een weekend naar huis?

Ja, uiterlijk 25 mei mogen kinderen en jongeren weer bezoek ontvangen van twee vaste bezoekers. Overleg samen met kind of jongere, ouders en andere betrokken wie dat zijn. Tijdens het bezoek is het belangrijk dat niemand klachten heeft. Jouw pleegkind hoeft geen anderhalve meter afstand te houden van jou, hij/zij woont immers bij jou. Het zal ook niet altijd lukken dat het pleegkind anderhalve meter afstand houdt van de bezoekende ouder. Spreek met elkaar af dat dat niet erg is. Bij jongeren vanaf 13 jaar kun je daar al iets beter rekening mee houden. Houd als pleegouder wel anderhalve meter afstand van de bezoekers. Blijf je verder aan de algemene hygiëne maatregelen houden. Dus handen wassen, hoesten en niezen in de elleboog, enzovoorts.

Voor logeren thuis geldt eigenlijk hetzelfde: als in jouw gezin en dat van het kind niemand klachten heeft, kan het logeren doorgaan. Probeer zoveel mogelijk rekening te houden met de anderhalve meter regel. Spreek met elkaar af dat het niet erg is als dat tussen ouders en kind/jongere niet altijd lukt. Dat is normaal. Vraag ouders en kind/jongere zich verder wel aan de algemene hygiënemaatregelen te houden. Dus handen wassen, drukte vermijden, enzovoorts.

Onderwijs

Mag mijn kind naar school of kinderdagopvang als het een snotneus heeft?

Wanneer kinderen klachten hebben, dan blijven zij thuis. Onder klachten wordt verstaan: verkoudheidsklachten (hoesten of keelpijn of een loopneus of een neusverkoudheid), of verhoging of koorts boven de 38 graden en/of benauwdheidsklachten. Kinderen mogen weer naar school als zij 24 uur klachtenvrij zijn. Wellicht is online onderwijs een optie in de periode dat een kind met verkoudheidsklachten niet naar school kan, maar zich verder wel fit voelt. Overleg met school of dit een mogelijkheid is.

Chronische, bestaande verkoudheidsklachten kunnen een uitzondering vormen. Deze klachten waren er voorheen bijvoorbeeld ook al. Chronische klachten kunnen ook komen door bijvoorbeeld hooikoorts. Ook chronische luchtwegklachten door bijvoorbeeld grote amandelen of herhaalde oorproblemen kunnen een uitzondering vormen. Als het de herkenbare en 'bekende klachten' zijn, dan mag een kind naar school of de opvang. Maar als je twijfelt of de klachten veranderen, dan blijft het kind thuis en is het goed eerst met de huisarts te overleggen.

Kinderen mogen pas weer naar school of de opvang als zij 24 uur klachtenvrij zijn of de herkenbare en bekende klachten zijn teruggekeerd. Indien nodig, kan een jeugdarts verbonden aan school of de opvang, hierover meedenken.

Meer informatie

Vragen van professionals

Zorg

Ik ben behandelaar/therapeut. Kan ik weer face-to-face contact hebben met alle kinderen en jongeren?

Ja, vanaf uiterlijk 1 juni start alle begeleiding en behandeling van kinderen en jongeren tot en met 18 jaar weer. Dat geldt zowel voor individuele behandeling als groepsbehandeling.

Doe voor het contact een zogenaamde 'triage': heeft een kind of jongere klachten? Zo nee, dan kan een kind/jongere naar de behandeling/therapie komen. Denk aan handen wassen voor en na ieder behandelcontact, hoesten en niezen in de elleboog, enzovoorts. Dat geldt voor het kind/de jongere en voor jou. Verder geldt: De kinderen/jongeren onderling hoeven tijdens de behandeling geen anderhalve meter afstand te houden. Jij probeert in het contact met het kind of de jongere wel zoveel mogelijk rekening te houden met de anderhalve meter afstand. Het is geen probleem dat die afstand voor bijvoorbeeld een instructie, troosten of hulp bij wc-bezoek even wat minder is. Je houdt wel anderhalve meter afstand van jouw collega behandelaar/therapeut.

Dilemma's

Ik vind het spannend om weer face-to-face te gaan werken

Misschien heb je de afgelopen acht weken vanuit huis gewerkt. Nu moet je vanaf 1 juni opeens weer face-to-face hulp en ondersteuning bieden aan je cliënten. Corona is nog niet weg. Misschien zou je liever vanuit huis blijven werken, zodat de kans op besmetting zo klein mogelijk is? Dit is een hele invoelbare vraag. De afgelopen weken heb je waarschijnlijk door de aard van jouw werkzaamheden thuis kunnen werken. Daardoor heb je je volledig kunnen houden aan alle adviezen van de Rijksoverheid en het RIVM die voor elke burger gelden.

Dat (bijna) volledig thuis werken, is niet voor alle professionals zo geweest. Denk bijvoorbeeld aan collega's die werken in de wijkverpleging, (acute)opname afdelingen, residentiële groepen, de gehandicaptenzorg of de dagbesteding. Zij hebben de afgelopen weken gewoon face-to-face contact gehad met hun cliënten. Zij hebben gewerkt binnen de kaders van de Rijksoverheid en de richtlijnen van het RIVM voor professionals buiten het ziekenhuis. Jullie hebben dus tijdelijk een ander pad gelopen.

Blended werken

Misschien heb jij, je houdend aan de richtlijnen voor elke burger, samen met jouw cliënten de voordelen van online werken ontdekt? Misschien heb je allerlei ideeën over 'blended werken', een mix van online hulpverlening en persoonlijk contact? Bespreek deze met je collega's.

Misschien hebben jouw collega's die wel face-to-face contact hadden met cliënten hiervoor ook goede manieren gevonden. Waarschijnlijk hebben zij gezamenlijk ontdekt hoe zij het belang van de gezondheid en welzijn van henzelf en de jongere kunnen wegen. Nu komt de periode dat we deze lessen weer aan elkaar kunnen verbinden.

Weer face-to-face contact

De komende tijd zullen de professionals de thuis hebben gewerkt de omslag moet maken van de richtlijnen van 'de burger' naar de richtlijnen van de 'professional buiten het ziekenhuis'. Dat kan voelen als een dubbele stap. Je doet dat in een tijd dat iedereen weer wat meer mag en kan én professionals mogen en kunnen meer dan burgers. Dat hangt met hun beroep samen. Dat kan spannend aanvoelen. Hoewel er steeds meer uit onderzoek bekend is dat kinderen weinig bijdragen aan de verspreiding van het coronavirus, kan niemand jou de garantie geven dat je niet ziek wordt. Dat geldt niet alleen voor jou als professional, dat geldt voor iedereen in Nederland. Omdat je de afgelopen weken misschien in een redelijk veilig voelende 'bubbel' hebt geleefd, is dat nu extra wennen.

Tips

De omschakeling naar face-to-face werken kan wennen zijn. Onderstaande tips kunnen je erdoorheen helpen.

  • Zeg dat je het spannend vindt of bang bent. Praat erover met collega's.
  • Maak onderscheid tussen jouw gedachten en de feiten. Bijvoorbeeld: het basisonderwijs is gestart. Zijn er leerkrachten ziek geworden? Hoe reëel is de angst dat ik ziek word?
  • Maak gebruik van de ervaringen van collega's die wel face-to-face contact met cliënten hebben gehouden. Welke tips kunnen zij jou meegeven?
  • Lukt het niet goed om het werk aan te gaan:
    • Blijf niet piekeren, spreek met jezelf af om drie keer per dag gedurende vijf minuten alle naarste gedachten op te schrijven. Stop dan en ga afleiding zoeken.
    • Bespreek je angsten met je werkgever en kijk samen of je nog wat extra ondersteuning kunt gebruiken.

Mijn collega's zijn bang, waardoor we het werk niet goed kunnen oppakken. Wat kan ik doen?

Het coronavirus en alle maatregelen die daarop volgden, geven veel onzekerheid. Eigenlijk worden we allemaal geconfronteerd met de kwetsbaarheid van ons leven. Ook jij kan ziek worden. Sommigen hebben dat inmiddels ook van dichtbij meegemaakt. Dat soort recente ervaringen kunnen van invloed zijn op hoe je nu omgaat met de onzekerheid van het coronavirus. Het kan ook zo zijn dat mensen bijvoorbeeld al 'voor corona' gespannen omgingen met lichamelijke klachten, met onzekerheid en tegenslagen. Nare ervaringen van iemand met ziekte en dood kunnen hierbij ook een rol spelen.

Veerkracht

We hebben allemaal de tijd nodig om, in de nog steeds aanwezige onzekerheid, toch vast een beetje 'terug te veren' uit de intelligente lock down. De één heeft daar meer tijd voor nodig dan de ander. Dit heeft met veerkracht te maken. Het is belangrijk om nu geduld te hebben met collega's die wellicht meer tijd nodig hebben om te kunnen werken in de nieuwe situatie. Voor jouw collega kun je een luisterend oor zijn. Geef hem of haar de ruimte om te praten over zijn onzekerheid of angsten. Fijn als je dat doet vanuit de wens om het werk echt weer samen op te pakken en het besef dat dat bij de één wat meer tijd kost dan bij de ander. Onderzoek samen wat er precies spannend is. Is het een gedachte? Is het ook een feit? Kun je samen iets verzinnen waardoor het wel lukt. Soms helpt het al enorm als iemand gewoon mag zeggen dat het spannend is.

Als je merkt dat het de collega niet lukt om voortgang te boeken en bepaalde activiteiten blijft vermijden, kan het goed zijn om de collega te adviseren met jullie leidinggevende te gaan praten. Misschien is er dan wat extra ondersteuning nodig.

Houd je aan de regels

Voor jou blijft het belangrijk dat je geen onnodige risico's neemt om een angstige collega te beschermen. Er is nog steeds onzekerheid. De RIVM-maatregelen van anderhalve meter afstand tot andere volwassenen, het handen wassen, het hoesten en niezen in de elleboog, het beperken van drukte, enzovoorts gelden nog steeds. Zorgvuldigheid blijft belangrijk.

Jouw reactie

Heb je vragen of opmerkingen over de informatie over omgaan met de gevolgen van het coronavirus op onze website? Dan kun je reageren via coronavirus@nji.nl. Hiermee kunnen we de informatie op onze website actualiseren.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies