Omgaan met de gevolgen van het coronavirus

Face-to-face contact bij ambulante hulpverlening

Informatie voor professionals- laatste actualisatie: 6 juli 2020

Deze informatie gaat over jouw ambulante werk in het 'voorlopig normaal' van de 'anderhalvemeterregel'. Deze informatie helpt je om kinderen, jongeren en hun ouders zo goed mogelijk te ondersteunen binnen de kaders van de RIVM-richtlijnen. Zo houd je oog voor zowel de mentale als de fysieke gezondheid van kinderen, jongeren en hun opvoeders en die van jezelf. Deze informatie helpt je bij het maken van zorgvuldige afwegingen.

Vijf centrale principes

De anderhalvemeterregel is het 'voorlopig normaal' voor volwassenen. Hoewel weer steeds meer kan, ziet ons leven er anders uit dan voorheen. Iedereen reageert daar anders op. Dat geldt voor de kinderen en jongeren, hun ouders of opvoeders, jouw collega’s en voor jezelf. Dat is normaal. Het doel in deze periode is passende ondersteuning te bieden aan jongeren en hun ouders, zodat zij zich zo veerkrachtig mogelijk blijven ontwikkelen. De volgende principes staan daarbij centraal:

1. Geef de tijd om terug te veren

De coronaperiode kan een ingrijpende tijd zijn in het leven van kinderen, jongeren of opvoeders. Soms is er ook verlies en rouw. Het verwerken hiervan kost tijd. Geef gezinnen die tijd. Blijf beschikbaar en nabij. Stel reële doelen. Stel niet dezelfde doelen zoals in ‘normale tijden’. We leven niet meer in het ‘normaal’ van voor de coronaperiode. We gaan met elkaar ontdekken wat het ‘voorlopige normaal’ is. Daar is tijd en aandacht voor nodig.

2. Luister eerst

Vraag en luister naar de dilemma’s, onzekerheden en misschien ook wel kansen of ontdekkingen die kinderen en gezinnen in de coronaperiode ervaren. Steun door goed te luisteren. Je hoeft niet meteen een antwoord op alle vragen te hebben.

3. Help in het hier en nu

Als meer ondersteuning nodig is, kijk dan waar het kind of gezin nu de meeste draaglast ervaart. Sluit daarbij aan en ondersteun praktisch in het dagelijks leven. Kijk daarna samen of andere hulp nog nodig is.

4. Geen nieuwe labels

Misschien gaat het even minder goed met een kind, een jongere of een gezin. Plak daar niet meteen een oordeel of diagnose op. Het kan een normale reactie op deze abnormale coronasituatie zijn. Volg, blijf beschikbaar en nabij. Geef het kind, de jongere of het gezin de kans om een nieuwe balans te vinden. Ging het voor de coronaperiode goed in het gezin, dan geeft dat vertrouwen voor nu.

5. Vertrouw op relaties

Is er hulp nodig? Kijk dan in hoeverre betrokkenen uit het eigen netwerk, de school, de opvang of de hulpverlening kunnen ondersteunen. Zeg niet te snel nee, wees creatief, toon ook zelf veerkracht.

Zorgvuldig afwegen

Alle behandelingen en begeleiding van kinderen en jongeren zijn sinds 1 juni weer mogelijk. Uitgangspunt bij elk contact is dat je steeds zo goed mogelijk rekening houdt met de fysieke en mentale gezondheid van kinderen en jongeren, van hun ouders, opvoeders, andere betrokkenen en van jezelf. Doe voor het contact een zogeheten gezondheidscheck: Als alle vijf vragen met nee beantwoord worden, kun je afspreken. Denk aan: handen wassen voor en na ieder behandelcontact, hoesten en niezen in de elleboog, enzovoorts. Dat geldt voor het kind/de jongere en voor jou. Verder geldt: De kinderen en jongeren onderling hoeven tijdens de behandeling geen anderhalve meter afstand te houden. Jij probeert in het contact met het kind of de jongere wel zoveel mogelijk rekening te houden met de anderhalve meter afstand. Het is geen probleem dat die afstand voor bijvoorbeeld een instructie, troosten of hulp bij WC bezoek even wat minder is. Je houd wel anderhalve meter afstand van jouw collega behandelaar of therapeut. Bij twijfel overleg je met bijvoorbeeld je werkbegeleider, een gedragsdeskundige, een leidinggevende of samenwerkingspartners.

Hieronder vind je adviezen om het risico op een besmetting met het coronavirus voor kinderen, jongeren, hun gezin en jezelf zo klein mogelijk te maken. Deze adviezen zijn bedoeld voor de omgang met lichamelijk gezonde, maar psychisch kwetsbare mensen. Elke afweging is maatwerk.

Voorafgaand aan face-to-face contact

  • Spreek af op een plaats waar het mogelijk is om minimaal anderhalve meter afstand te houden van het kind of de jongere en het gezin.
  • Voer het gesprek met zo min mogelijk mensen. Beslis zo mogelijk vooraf al samen met het kind of de jongere en het gezin wie echt aanwezig moet zijn bij het gesprek.
  • Doe de gezondheidscheck.
  • Als iemand in het gezin klachten heeft die kunnen wijzen op een coronavirusinfectie, overweeg dan samen nogmaals of face-to-face contact echt nodig is of dat je kunt kiezen voor online communicatie.
  • Heeft iemand in het gezin klachten die wijzen op een coronavirusinfectie en is een face-to-face contact onvermijdelijk? Beoordeel of jouw gesprekspartners in staat zijn om de algemene hygiënemaatregelen van het RIVM op te volgen. Als je daarover twijfelt, volg dan dit stroomdiagram. Twijfel je daarna nog, overleg met een collega. Het is daarbij belangrijk dat je een goed beeld kunt geven van de situatie die je verwacht aan te treffen. Bijvoorbeeld krappe behuizing, acute psychiatrische problematiek of agressie.
  • Blijf doen wat je anders ook doet. Denk bijvoorbeeld altijd na over je eigen veiligheid. Besluit of een gesprek op kantoor of bij het gezin thuis kan plaatsvinden. Ga je op huisbezoek, besluit dan of je alleen of samen met een collega gaat. Als het gesprek op kantoor plaatsvindt, laat een collega dan weten dat je in gesprek gaat en ook wanneer je daar weer uitkomt. Er zijn op dit moment namelijk minder mensen op kantoor.

Face-to-face contact met mensen zonder klachten

Tijdens het contact met kinderen, jongeren en gezinnen zonder klachten kun je de algemene hygiënemaatregelen van het RIVM volgen:

  • Stel de hierboven beschreven vijf principes centraal in je contact.
  • Was je handen voorafgaand aan het bezoek. Als je op kantoor afspreekt, vraag je ook het kind, de jongere of het gezin dit te doen. Je kunt ook deze afbeelding bekijken voor advies over handen wassen.
  • Schud geen handen.
  • Als je bij een jongere of een gezin thuis bent, droog dan je handen niet aan hun handdoek maar vraag bijvoorbeeld een stuk keukenrol of gebruik een papieren zakdoekje.
  • Houd minimaal anderhalve meter afstand van elkaar. Tenzij dit door de behoefte aan fysieke nabijheid, bijvoorbeeld bij jongeren met een beperking niet mogelijk is. Accepteer het ontbreken van de anderhalve meter afstand bij kinderen tot en met 12 jaar. Probeer bij jongeren van 13 tot 18 jaar de fysieke nabijheid zoveel mogelijk te beperken. Probeer in deze situaties het aantal personen dat contact heeft met het kind of de jongere zoveel mogelijk te beperken. Kinderen en jongeren tot 18 jaar hoeven onderling geen anderhalve meter afstand te houden.
  • Gebruik bij lichamelijke verzorging (wassen, aankleden, verschonen van stoma, uitzuigen, etc) of onderzoek, de persoonlijke beschermingsmiddelen die je voor de coronacrisis ook al gebruikte.
  • Hoest of nies in je elleboog.
  • Maak na gebruik je laptop en telefoon schoon met een hygiënisch doekje.
  • Was je handen na het gesprek.

Face-to-face contact met mensen met klachten of corona

Het gaat hierbij niet om:

  • Kinderen van 0 tot en met 6 jaar met een neusverkoudheid zonder koorts, die niet in het bron- en contactonderzoek zitten van iemand die positief getest is op het coronavirus of een gezinslid hebben met koorts of benauwdheid.
  • Kinderen die klachten hebben waarvan de oorzaak bekend is zoals hooikoorts of astma.

Volg in ieder geval de algemene hygiënemaatregelen bij face-to-face contact met mensen met klachten of mensen die positief getest zijn op corona  Daarnaast geldt:

  • Stel de hierboven beschreven vijf principes centraal in je contact.
  • Er zijn geen aanvullende maatregelen nodig bij een contact van minder dan vijftien minuten binnen anderhalve meter, inclusief fysiek contact zoals aanraken of vastpakken, iets aanreiken of troosten van een jongere. Denk aan een aai over de bol, een schouderklopje, agressief gedrag of het geven van dwangmedicatie.
  • Voer je een gesprek van meer dan vijftien minuten met een jongere die klachten heeft of positief getest is en weet je niet zeker of  jullie je aan de anderhalve meter afstand kunnen houden? Dan kun je ervoor kiezen om  persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken. Dit kan bijvoorbeeld bij kinderen of jongeren met psychiatrische problematiek of gedragsproblemen. Dan geef je de jongere een chirurgisch mondmasker. Als de jongere dit niet wil dragen, draag jij het masker zelf. Dit wijkt af van het RIVM-advies voor professionals buiten het ziekenhuis.
  • Vraag gezinsleden met klachten en/of meer dan 38 graden koorts, niet mee te komen naar de afspraak. Ga je op huisbezoek, vraag hen dan nog voor jouw komst in een andere ruimte te gaan zitten. En overleg of je met het kind of de jongere bijvoorbeeld buiten kunt afspreken.
  • Moet je een jongere helpen bij de persoonlijke verzorging, bijvoorbeeld bij wassen, aankleden of douchen? Draag dan een chirurgisch mondmasker, handschoenen, een schort en een veiligheidsbril.
  • Moet je bij de verzorging van een jongere ook medische handelingen verrichten waarbij je intensief blootgesteld wordt aan zijn luchtwegen, bijvoorbeeld bij het uitzuigen of het verzorgen van een tracheostoma? Draag dan een FFP2-masker in plaats van een chirurgisch mondmasker.
  • Vraagt een kind of jongere om een andere reden dan lichamelijke verzorging of onderzoek toch fysieke nabijheid, bijvoorbeeld als gevolg van een beperking. Test het kind of de jongere op corona en draag, in afwachting van de testuitslag, een chirurgisch mondmasker, handschoenen, een schort en een veiligheidsbril. Probeer in deze situaties het aantal personen dat contact heeft met het kind of de jongere zoveel mogelijk te beperken
  • Als je zelf, zonder gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, langer dan 15 minuten op een afstand van minder dan anderhalve meter zorg (persoonlijke verzorging, lichamelijk onderzoek, fysieke nabijheid) verleend hebt aan een positief getest kind of jongere, word je als overig nauw contact beschouwd in het bron- en contactonderzoek van de GGD. Je mag, indien je geen klachten hebt en in overleg met de GGD en de bedrijfsarts, blijven werken. Je moet dan wel tot 14 dagen na het laatste contact een chirurgisch mondmasker en handschoenen dragen als je op minder dan anderhalve meter van de jongere werkt. Je zorgt bij voorkeur ook niet voor de fysiek meest kwetsbare kinderen of jongeren. Als je klachten krijgt, blijf je thuis. Dit geldt ook als je een hoog-risicocontact met een kind of jongere gehad hebt, bijvoorbeeld omdat je in het gezicht gehoest of gespuugd bent. Jouw eigen kinderen tot en met 12 jaar mogen gewoon naar school en sporten. De GGD zal jou monitoren. Als je klachten krijgt, word je zo snel mogelijk getest.

Persoonlijke beschermingsmiddelen

Wat zijn persoonlijke beschermingsmiddelen?

Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen het kind, de jongere en de professional tegen het coronavirus. Dit zijn:

  • Handschoenen.
  • Een chirurgisch mondneusmasker of een FFP2-masker. Lees de informatie van de Rijksoverheid over wanneer je welk mondmasker moet gebruiken.
  • Een plastic halterschort.
  • Een veiligheidsbril.

In de jeugdzorg zijn beschermende maatregelen over het algemeen alleen nodig bij jongeren die hulp nodig hebben bij de lichamelijke verzorging en positief getest zijn op het coronavirus. Beschermende maatregelen zijn ook nodig als zij hoesten of keelpijn of een loopneus of neusverkoudheid en/of benauwdheidsklachten hebben en meer dan 38 graden koorts hebben. Soms gebruik je persoonlijke beschermingsmiddelen, omdat je zelf klachten hebt. In deze tabel kun je zien wanneer je wel of niet persoonlijke beschermingsmiddelen moet gebruiken en welke dat zijn.

Hoe kom je aan persoonlijke beschermingsmiddelen?

Sinds 13 april is er een verdeelmodel voor persoonlijke beschermingsmiddelen. De middelen worden verdeeld naar gelang het besmettingsrisico dat de professional in een bepaald werkveld loopt.

In principe bestelt de organisatie de persoonlijke beschermingsmiddelen voor de eigen medewerkers. Door schaarste kan het zijn dat niet alle beschermingsmiddelen verkrijgbaar zijn. Dan kan de organisatie via GGD GHOR Nederland een actuele lijst vinden met contactpersonen die de distributie van persoonlijke beschermingsmiddelen per regio coördineren. Ook bij acute problemen kun je een beroep op hen doen om samen een oplossing te vinden. Denk aan een crisissituatie waarbij fysiek contact met een besmette jongere of zijn gezin nodig is, maar persoonlijke beschermingsmiddelen ontbreken.

Bel tijdens kantooruren met de plaatselijke GGD. Buiten kantooruren is de GGD bereikbaar via telefoonnummer 0900-367 67 67.

Jouw organisatie kan een aanvraag voor persoonlijke beschermingsmiddelen indienen bij het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) via Mediq.

Hoe gebruik je persoonlijke beschermingsmiddelen?

Professionals die zelf tot de kwetsbare groep behoren

In principe kun je veilig blijven werken. Er moet dan wel aan de volgende voorwaarden zijn voldaan:

  • Je past de algemene hygiënemaatregelen toe.
  • Je gebruikt zo nodig Persoonlijke beschermingsmiddelen, en ze in voldoende mate beschikbaar zijn. Als alternatief voor bijvoorbeeld baliewerk op minder dan anderhalve meter afstand kan jouw werkgever fysieke barrières, zoals plexiglas schermen aanbrengen.

Of je uiteindelijk hetzelfde werk gaat doen als normaal, dat overleg je met jouw leidinggevende. Samen wegen jullie jouw eventuele werk-gerelateerde risico’s, jouw individuele gezondheid, jouw huidige omstandigheden, de mogelijkheid en haalbaarheid van (andere) preventieve maatregelen en de mogelijkheden van tijdelijk andere werkzaamheden. Dat is maatwerk. De bedrijfsarts kan daar zo nodig in adviseren.

Professionals die zwanger zijn

Tot nu toe zijn er geen aanwijzingen dat zwangere vrouwen gevoeliger zijn voor het coronavirus. Ook zijn er geen aanwijzingen voor een verhoogde kans op een miskraam of aangeboren afwijkingen.

Wel kan een infectie met het coronavirus, net als elke andere luchtweginfectie, in het 3e trimester van je zwangerschap, ernstiger verlopen. Dat komt omdat de baby meer ruimte in gaat nemen en jouw longcapaciteit daardoor iets afneemt. In principe kun je je normale werkzaamheden blijven uitvoeren. Mits je:

  • de algemene hygiëne maatregelen goed volgt.
  • persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt als dat nodig is, en ze in voldoende mate beschikbaar zijn. Als alternatief voor bijvoorbeeld baliewerk op minder dan anderhalve meter afstand, kan jouw werkgever fysieke barrières aanbrengen, zoals plexiglas schermen.

Ben je 28 weken of langer zwanger en is er een tekort aan persoonlijke beschermingsmiddelen voor handelingen waarbij deze wel geadviseerd worden? Of werk je in een situatie waarin het niet altijd lukt om anderhalve meter afstand te houden van mensen met verkoudheidsklachten? Overleg dan met je leidinggevende of je aangepaste werkzaamheden kunt verrichten waarbij je anderhalve meter afstand tot anderen kunt houden.

Wat te doen na contact met iemand met klachten en wanneer laat je je testen?

Het is altijd goed om hierover contact op te nemen met jouw leidinggevende.

Voor wat je wanneer moet doen en wat je kunt verwachten na contact met iemand met klachten verwijzen we je naar de pagina over het testbeleid

Contact bij twijfel over het kunnen maken van afspraken over de anderhalvemeterregel

Met sommige jongeren of hun ouders of verzorgers kun je door de stress van een crisissituatie, gedragsproblemen of een gestoorde oordeelsvorming niet goed afspraken maken over het anderhalve meter afstand houden van elkaar. Met dit stroomschema kun je een goede inschatting maken of je daarbij persoonlijke beschermingsmiddelen nodig hebt. Regelmatig zul je dit als een dilemma ervaren. Het is dan goed zo’n besluit samen met anderen te nemen.

Afwegingsschema

Moet ik persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken als ik (crisis-)contact heb met een cliënt waarvan ik niet kan weten of hij verkoudheidsklachten heeft?

Kun je goede afspraken maken over het houden van anderhalve meter afstand? Elkaar niet in het gezicht hoesten of spugen? Houd je cliënt zich naar jouw verwachting aan de afspraken?

  • Ja, je hoeft in principe geen persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken. Om dat zeker te weten check je bij aankomst wel of er huisgenoten met klachten zijn. Zie de afwegingsvraag hieronder.
  • Nee, het advies is om persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken of iets geregeld te hebben waardoor het fysieke contact van jouzelf met de cliënt beperkt kan blijven tot minder dan vijftien minuten. Je gaat dan bijvoorbeeld samen met de politie of een andere collega en zij nemen het contact binnen vijftien minuten van je over. Zij gebruiken dan wel persoonlijke beschermingsmiddelen.
  • Misschien. Als je niet weet of je cliënt zich aan de afspraken houdt, dan is het advies om persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken. Dit is niet verplicht. Je kunt iets anders besluiten of regelen, zoals hierboven genoemd.

Heeft een huisgenoot van je cliënt een of meer van de volgende verkoudheidsklachten zoals neusverkouden, loopneus, keelpijn, hoesten, plotseling verlies van reuk of smaak, benauwdheid of meer dan 38 graden koorts?

  • Kan deze huisgenoot in een andere ruimte blijven of kun jij buiten afspreken?
    • Ja: zie de afwegingen in de vraag hierboven. Je hoeft in principe geen persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken.
    • Nee: het advies is om persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken.
  • Nee, zie de afwegingen in de vraag hierboven. Je hoeft in principe geen persoonlijke beschermingsmiddelen te gebruiken.
  • Misschien. Kun je geen goede inschatting maken van de aanwezigheid van klachten en/of de mogelijkheid om in een andere ruimte te gaan zitten, dan moet je wel persoonlijke beschermingsmiddelen gebruiken.

Het is belangrijk dat je in elke situatie, naast de vuistregels voor persoonlijke beschermingsmiddelen, een goede afweging maakt waarom je er in die specifieke situatie wel of niet gebruik van maakt. Wil je, vanuit een gevoel van angst, persoonlijke beschermingsmiddelen dragen? Dan is dit geen gedegen professionele afweging. Een gedegen afweging maak je op basis van jouw ervaring en professioneel inzicht.

Contact met een deskundige collega

Het afweging-schema biedt wellicht geen antwoord op jouw situatie. De praktijk is vaak weerbarstiger. Je kunt daarbij op allerlei praktische dilemma’s stuiten. Het is belangrijk dat je niet alleen blijft rondlopen met deze dilemma’s. Ga vooral het gesprek aan met collega’s. Om je werk goed te kunnen doen, is het immers belangrijk dat je je veilig voelt. Houd je na overleg met je collega’s toch nog onopgeloste zorgen of dilemma’s? Neem dan via coronavirus@nji.nl contact met ons op. Wij proberen via de website zoveel mogelijk antwoorden te geven naar aanleiding van signalen uit de praktijk.

Lees meer informatie van de Rijksoverheid en het RIVM over coronatesten in de zorg.

Jouw reactie

Heb je vragen of opmerkingen over de informatie over omgaan met de gevolgen van het coronavirus op onze website? Dan kun je reageren via coronavirus@nji.nl. Hiermee kunnen we de informatie op onze website actualiseren.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies