• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Licht Instrument Risicotaxatie Kindveiligheid (LIRIK)

Veel gestelde vragen over de LIRIK

De LIRIK kan op verschillende manieren gebruikt worden. Sommige beroepskrachten gebruiken de LIRIK alleen voor zichzelf als checklist. Zij leggen dan in eigen woorden aan ouders en kinderen uit wat zij van de veiligheid in het gezin vinden. Anderen leggen de checklist aan ouders voor en bespreken aan de hand daarvan de veiligheid in het gezin en mogelijke zorgen en aandachtspunten.

Ook het moment waarop de LIRIK het beste in een zaak gebruikt kan worden, kan verschillen. Soms kan dit het beste bij de start van het contact, terwijl het bij andere organisaties beter werkt om het in te zetten wanneer er signalen van onveiligheid zijn en/of bij de afsluiting van het contact. Dit hangt af van de organisatie waar de beroepskracht werkt en de plek die deze organisatie in de keten van de zorg voor jeugd heeft. Zo kan het bijvoorbeeld binnen instellingen voor jeugd- en opvoedhulp zinvol zijn om bij elke aangemelde jeugdige een veiligheidsbeoordeling te doen, terwijl dit in de jeugdgezondheidszorg pas zinvol is wanneer er al signalen van onveiligheid zijn.

Of de LIRIK standaard op bepaalde momenten wordt ingevuld en/of op basis van inschatting van de professional, is een beslissing van de gebruiker of diens organisatie.

De eerste versie van de LIRIK (2007) is in 2009 onderzocht bij de toenmalige AMK’s en bureaus jeugdzorg. Uit dat onderzoek kwam dat medewerkers de LIRIK ondersteunend vonden bij het verhelderen en onderbouwen van het eigen professionele oordeel. De LIRIK leidde niet tot meer uniformiteit, maar maakte wel duidelijk waar de verschillen in beoordeling en afweging zitten. Door het onderling bespreken van deze verschillen konden medewerkers steeds meer op één lijn komen (lees meer in de Gebruikersevaluatie). Op basis van deze evaluatie is de LIRIK verbeterd. De versie van 2009, die tot op heden gebruikt wordt, geeft explicieter aandacht aan de directe veiligheid van het kind. Ook zijn de vormgeving, toelichting en digitale versies verbeterd.

Tender, organisatie voor jeugdzorg in West-Brabant, heeft in het najaar 2011 de LIRIK op kleine schaal uitgeprobeerd. De hulpverleners concluderen onder meer dat de LIRIK:

  • helpt bij het bewustworden van risico’s en het inzichtelijk maken van de balans tussen risico- en beschermende factoren;
  • je eigen blinde vlekken duidelijk maakt en laat zien op welke punten nog informatie mist waarop je gericht door kan vragen;
  • helpt bij het bespreken van zorgen met ouders omdat het heel concrete signalen oplevert;
  • een goed begin is om een veiligheidsplan met ouders te maken.
Wanneer medewerkers gewend zijn aan het gestructureerd en expliciet werken, vullen ze de LIRIK in ongeveer 10 minuten in. De ervaring is dat het invullen van de LIRIK in het begin meer tijd kost, vooral om aan de werkwijze te wennen.

Voor een goed gebruik is het nodig dat de beroepskracht beschikt over basiskennis en basisvaardigheden om kindermishandeling te signaleren en over gespreksvaardigheden om (vermoedens van) kindermishandeling met ouders te bespreken. Een overzicht van cursussen over signaleren van kindermishandeling en het bespreken van zorgen hierover met ouders is te vinden in de Databank Bij- en Nascholing Meldcode.

Ja, dat kan. Het uitgangspunt bij de LIRIK is zoveel mogelijk openheid: ouders, kinderen en jongeren hebben recht op een duidelijke uitleg over wat er over hen gezegd en geconcludeerd wordt. Beoordelen en beslissen mét ouders en kinderen levert vaak meer op dan beoordelen en beslissen over hen.

Hulpverleners vinden het soms moeilijk om 'lastige' onderwerpen zoals kindermishandeling als zodanig te benoemen en te bespreken met ouders. Ze zijn bijvoorbeeld bang dat ze hiermee onnodig weerstand oproepen bij ouders of willen niet beschuldigend overkomen. De ervaring leert echter dat openheid en een niet-veroordelende houding vaak de beste weg is. Leg uit aan ouders wat je vindt en op grond waarvan en toets dit aan hun visie en verhaal. De LIRIK kan in dit gesprek een hulpmiddel zijn om duidelijk te maken wat belangrijke aandachtspunten en overwegingen zijn en daarover met ouders te praten.

Ja. In principe beoordeel je voor ieder kind afzonderlijk de veiligheidssituatie. Immers, ouders kunnen hun kinderen verschillend behandelen. Daarnaast verschillen kinderen in aanleg en hoe zij reageren op onveilige situaties. In de praktijk is dit niet altijd praktisch, bijvoorbeeld als de problemen of risicofactoren zich vooral op gezinsniveau voordoen of bij grote gezinnen. Je kunt er dan voor kiezen om één LIRIK in te vullen voor het hele gezin en in de toelichting bij elke kernvraag duidelijk aan te geven wat voor welk gezinslid van toepassing is. Daar kun je ook bijzonderheden voor ieder kind aangeven (bijvoorbeeld kindsignalen). De digitale versie van de LIRIK biedt overigens meer mogelijkheden om te specificeren naar gezinsleden.
De LIRIK, CARE-NL, Delta Veiligheidslijst en CFRA zijn hulpmiddelen voor het inschatten van het risico op (herhaling van) kindermishandeling. De eerste drie instrumenten gaan uit van het gestructureerd professioneel oordeel. Dat wil zeggen dat het hulpmiddelen zijn die het oordeel van de professional ondersteunen door de aandacht te richten op relevante informatie, systematisch te werk te gaan en het oordeel expliciet te onderbouwen. De CFRA maakt gebruik van een scoringssysteem, waarbij het risico wordt gekwantificeerd.

De LIRIK en de Delta Veiligheidslijst geven ook aandachtspunten om te oordelen of het kind op dit moment veilig is, naast dat ze helpen bij het inschatten van de risico's voor de toekomst. Lees meer in: Instrumenten voor risicotaxatie bij (vermoedelijke) kindermishandeling.
De LIRIK is gericht op veiligheidstaxatie (huidige situatie) én risicotaxatie (risico's in toekomst). De checklist 'Veilig Thuis?' is alleen bedoeld om de huidige veiligheidssituatie in kaart te brengen. Ook wordt aandacht besteed aan manieren om de situatie te veranderen. In de handleiding bij de checklist wordt uitgebreid ingegaan op het bespreken van (on)veiligheid met ouders en kinderen. De checklist 'Veilig Thuis?' is niet geschikt voor het inschatten van risico’s in de toekomst. Bekijk de publicatie met checklist van Veilig thuis?
Of de LIRIK een onderdeel is van het cliëntdossier hangt af van het besluit dat de organisatie daarover neemt. Gebruikelijk is beschikbare informatie over ouders en jeugdige vast te leggen in een dossier en in sommige situaties is dat zelfs verplicht. Een medewerker legt altijd op zijn minst zijn conclusies over de veiligheid van een jeugdige vast.

Voor het bespreken van de LIRIK met ouders en eventueel kinderen geldt dat de medewerker te allen tijde aan cliënten moet kunnen uitleggen wat zijn conclusie is. De medewerker kan uitleggen dat het bij de werkwijze van de organisatie hoort om gestandaardiseerde instrumenten te gebruiken, waaronder de LIRIK. De LIRIK is een 'check om de veiligheid van een kind te beoordelen'. Vervolgens kan de medewerker zijn conclusies met de ouders bespreken. Hoe een beroepskracht de LIRIK ook gebruikt – als checklist voor zichzelf of samen met ouders-, het is altijd belangrijk dat hij open en eerlijk zijn zorgen met ouders bespreekt en samen met hen kijkt hoe ze die kunnen aanpakken. Ouders en kinderen willen gehoord en gezien worden en serieus genomen worden. Niet alleen hebben zij daar recht op, beoordelen en beslissen samen met ouders en jeugdigen leidt ook tot een betere kans van slagen van de hulp (Bartelink e.a., 2013).

Een gesprek helpt om informatie te krijgen en te geven over de veiligheid of onveiligheid in het gezin. Het levert een breder beeld van de situatie op: wat is er volgens de betrokkenen aan de hand en hoe ervaren zij de situatie? De beroepskracht zal daarnaast zijn eigen zorgen en (voorlopige) conclusies voorleggen en bespreken. Een gesprek geeft ook inzicht in de veranderingsmogelijkheden van een gezin en biedt kansen om ouders te motiveren tot verandering.

Zie ook: In gesprek met kind en ouders

De LIRIK helpt om tot een weloverwogen besluit te komen. Het belangrijkste is dat beroepskrachten duidelijk hun conclusie kunnen verwoorden en kunnen verantwoorden op basis waarvan zij tot die conclusie gekomen zijn. Dit moeten zij kunnen overdragen aan ketenpartners. Of de daadwerkelijk ingevulde LIRIK daarbij wordt meegestuurd is minder van belang. Op sommige plaatsen hebben ketenpartners onderling afspraken gemaakt over het al dan niet overdragen van de LIRIK. In dat geval gelden de plaatselijke afspraken.

De LIRIK geeft richtlijnen voor de beoordeling van de veiligheid van kinderen en jongeren in gezinssituaties. Dat kan het oorspronkelijke gezin zijn, maar ook een pleeggezin waar het kind al dan niet tijdelijk opgroeit. Soms groeien kinderen in meer gezinnen op, bijvoorbeeld in geval van co-ouderschap. De LIRIK kan gebruikt worden om verschillende opvoedingssituaties en verschillende primaire opvoeders (biologische ouder, stiefouder, pleegouder) te beoordelen. Geef wel duidelijk aan om welke opvoedingssituatie of opvoeder het gaat. De digitale versies bieden hiervoor extra mogelijkheden.

Ja, de LIRIK is geschikt als hulpmiddel bij stap 4 van de meldcode: 'het wegen van aard en ernst van de problematiek en de risico’s'.

Vragen?

Cora Bartelink is contactpersoon.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.