Over het Nederlands Jeugdinstituut

Er is een kindeke geboren op aard

Blog van: Sofie Vriends -

In de kersttijd staan we stil bij het nieuwe leven, de geboorte van een kind in een stal, van ouders die nergens anders terecht konden. Een heel kwetsbaar beeld dat ons nu nog steeds raakt en dat eigenlijk van alle tijden is. Daarom stelde ik mij de vraag of wij in het dagelijks leven wel genoeg stilstaan bij de allerkleinsten, de meest kwetsbaren onder ons. En of we hen in onze moderne samenleving met voldoende zorg en aandacht omringen? Het antwoord daarop is wat mij betreft duidelijk: dat kan echt nog beter.

Iedereen zal beamen dat alle kinderen een stevige start verdienen in het leven. Toch maakt het ook in Nederland veel uit in welk stalletje je wordt geboren en in welke gemeente dat stalletje staat. Terwijl in de eerste 1001 dagen van een kinderleven, ook de maanden voor de geboorte, al grote ontwikkelingsverschillen bij kinderen kunnen ontstaan.

Onderzoek en bewijs

In de afgelopen twee decennia heeft onderzoek in de neurobiologische, gedrags- en sociale wetenschappen geleid tot veel meer begrip van de omstandigheden en factoren die leiden tot een gezond en kansrijk leven. Vroege levenservaringen blijken nog meer van belang te zijn voor de ontwikkeling van een kind dan al gedacht. Er is steeds meer kennis van de effecten van voeding en de levensstijl van de moeder tijdens de zwangerschap op de ontwikkeling van de hersenen en het functioneren van het immuunsysteem. Ook weten we steeds meer over de essentiële rol van veilige hechting en positief ouderschap op de ontwikkeling van sociale vaardigheden en de mentale veerkracht van het kind op latere leeftijd. Bovendien toont onderzoek aan dat investeringen tijdens de prenatale en eerste levensjaren gemiddeld tussen de 7 procent en 10 procent meer opleveren dan de investeringen na deze periode.

Gemeenten en politiek

Als we dit allemaal weten, waarom besteden gemeenten dan veel meer aandacht en geld aan preventie en behandelingen later in het leven dan in die eerste kritische 1001 dagen? En hoe krijgen we dit onderwerp bij de politiek en in gemeenten hoger op de agenda? Op uitnodiging van de Bernard van Leer Foundation en het ministerie van VWS gingen hiervoor een dertigtal deskundigen uit wetenschap, praktijk en beleid dinsdag 20 december met elkaar aan het werk.

Wat werkt

Een aantal zaken werd alvast duidelijk. Er zijn verspreid over Nederland voldoende wetenschappelijk bewezen effectieve programma's beschikbaar om ouders en de allerjongste kinderen goed te ondersteunen. Ze worden alleen te weinig en te versnipperd aangeboden, en meestal zonder een goede link tussen de periode voor de geboorte en daarna.

Daarnaast moet er veel meer aandacht komen voor alle omstandigheden waarin ouders en de allerjongste kinderen verkeren. Voor zowel de medische als sociale, economische en pedagogische omstandigheden. En dan vooral voor de vroege signalering van kwetsbare gezinssituaties, ook al tijdens de zwangerschap. Dat vereist goed getrainde professionals die oog voor al deze omstandigheden hebben en een integrale aanpak, die in nog maar weinig gemeenten echt op gang is gekomen.

Urgentie

De urgentie om meer te doen voor het jonge kind is onder deskundigen duidelijk voelbaar. De grootste uitdaging en soms zelfs frustratie ligt er in dat de beleidsverantwoordelijken deze urgentie niet voldoende voelen. Daarom spraken alle betrokken partijen af dat met gezamenlijke inspanning en een duidelijke verhaal in 2017 die eerste 1001 kritieke dagen echt binnen gemeenten en de politiek op de kaart moet staan. Zodat geen enkel 'kindeke' dat geboren wordt in Nederland al bij de start een achterstand op loopt.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies