• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Over het Nederlands Jeugdinstituut

Gescheiden onderwijs

Erik Jan de Wilde - 16 augustus 2011

Wim Kuiper, voorzitter van de Besturenraad, houdt een pleidooi voor een experiment met gescheiden onderwijs: aparte scholen of aparte klassen voor jongens en meisjes (Trouw, 15 augustus 2011). Ik dacht dat we het sinds de commissie-Dijsselbloem (kritisch over onderwijsvernieuwingen) een beetje rustig aan zouden gaan doen met experimenteren in het onderwijs, maar kennelijk hebben de plannenmakers niet stilgezeten. Ach ja, vooruitgang is meestal een meer efficiënte manier om achteruit te gaan, heeft Aldous Huxley dacht ik ooit gezegd.

Ik ben benieuwd naar de onderbouwing van deze vernieuwing. Om te beginnen naar het probleem dat hiermee zou worden opgelost. De minister van Onderwijs zegt: 'Als het de prestaties verbetert, doen!'. Maar hebben we daar dan een probleem? Volgens mij is een internationaal perspectief hier wel zinnig. Daar helpt ook het door onze minister zo serieus genomen PISA-onderzoek bij. De OESO-landen waarin gescheiden onderwijs in enige mate gegeven wordt - het Verenigd Koninkrijk, België, de Verenigde Staten, Australië, Israël en het Midden-Oosten - scoren allemaal lager dan Nederland op de zogeheten onderwijsprestaties.

En wat leren we over sekseverschillen uit PISA? Jongens worden vaak als de onderwijskundige sukkels neergezet, zijn inderdaad minder goed in lezen, maar juist weer beter in rekenen. Dat verschil gaat in vrijwel alle landen die meedoen aan PISA op. Maar nog interessanter: de verschillen in prestaties tussen jongens en meisjes in deze landen met gescheiden onderwijs zijn juist groter dan de verschillen in Nederland. Ook op de vaardigheidsschaal 'natuurwetenschappen' zijn de verschillen tussen Nederlandse jongens (die het bij ons daarop iets beter doen) en meisjes kleiner dan in die andere landen. Volgens mij is er vanuit het oogpunt van onderwijsprestaties eigenlijk geen probleem. Ons onderwijs is daarin gewoon goed. En dan nog: de etnische herkomst en sociaal-economische status zijn volgens mij van grotere invloed op de prestatieverschillen dan de verschillen tussen jongens en meisjes. Terwijl niemand naar dat soort scheidingen toe wil.

Even los daarvan vind ik het vanuit een andere optiek eigenlijk gewoon een verkeerde ingreep. Jongens en meisjes leren meer dan alleen taal, rekenen en natuurwetenschappen op school (zie ook mijn eerdere blog hierover). Er wordt biologisch, psychologisch en sociaal het nodige ontwikkeld op school. Niet alleen in de les, maar ook in de pauzes op het schoolplein. Eigenlijk zo'n beetje alles wat naast taal en rekenen belangrijk is in het leven. Onder andere leren jongens er omgaan met meisjes. En vice versa natuurlijk. Wat gebeurt daarmee wanneer ze uit elkaar gehaald worden? Ten slotte een zorg om de homo's en lesbo's in de klas. Ik denk dat de gemiddelde homo-jongen meer op zijn gemak is en dus beter presteert in een gemengde klas dan in een geheel door testosteron overvleugelde omgeving. Gaan we hen ook aparte klassen geven?

Kortom, een vernieuwing alleen op de onderwijsprestaties baseren, getuigt van een tunnelvisie op de ontwikkeling van de jeugd. Neem dus ook dat andere mee bij dit experiment, als het er komt.

Zie ook:
Artikel in Trouw: Christelijke schoolbesturen: geef jongens en meisjes apart les
Artikel in NRC: Van Bijsterveldt niet afwijzend tegenover gescheiden klassen
De PISA meting van 2009 en het rapport van het CITO

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies