• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Over het Nederlands Jeugdinstituut

Doorgaande lijn: noodzaak of nonsense?

Su'en Verweij-Kwok - 11 maart 2014

Vraag een aantal willekeurige medewerkers die werken met jonge kinderen wat een doorgaande lijn is, en je krijgt allemaal verschillende antwoorden terug. De term ‘doorgaande (ontwikkelings-)lijn’ wordt vaak genoemd. In diverse beleidsteksten en steeds vaker als argument voor het IKC (Integraal Kind Centrum) in wording. Voor Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) wordt een soepele doorgaande lijn van voor- naar vroegschool zelfs als belangrijk ingrediënt voor succes gezien. Maar waar is een doorgaande lijn goed voor? Werkelijke effectiviteit is nog nooit aangetoond. Welk probleem lost het op? Waarom is die doorgaande lijn voor kinderen eigenlijk zo belangrijk?

Overdracht

Ik sprak laatst mijn buurvrouw. Haar zoon Yassin had net afscheid genomen van de peuterspeelzaal omdat hij naar groep 1 gaat. De buurvrouw heeft naast een stapel knutselwerkjes en tekeningen ook een dossier van Yassin meegekregen die ze aan de juf van groep 1 moet geven. De leidster zei: “Voor de overdracht”. Zo weet de juf van groep 1 aan de hand van zijn dossier wat voor een soort kind ze in de klas krijgt. Is Yassin bijvoorbeeld verlegen? Hoe is zijn taalontwikkeling? Hoe gaat hij om met andere kinderen? Waar wordt hij blij van? That makes sense. Alhoewel, daarover zijn de meningen verdeeld. Wordt de juf van groep 1 daar echt wijzer van? Wil zij wel aan de slag met het beeld van een ander? Wat als er geen overdrachten zouden zijn, gaat er dan iets mis met de kinderen?

Geen versnippering

Los van de constatering dat de ‘doorgaande lijn’ een container begrip is en iedereen er iets anders onder verstaat, snapt elke professional intuïtief dat een goed aanbod draait om herkenbaarheid voor de kinderen en aansluiting bij hun ontwikkeling. Overdrachtsformulieren, het werken met hetzelfde (VVE-) programma, gezamenlijke taal, visie en regels. Allemaal om een kind, dat te maken krijgt met verschillende organisaties en professionals, te blijven ondersteunen in zijn of haar ontwikkeling. In de wereld van het jonge kind zien we steeds meer versnippering. We proberen dat te compenseren met een (kunstmatige) doorgaande lijn. Of verlangen we nostalgisch terug naar één vast gezicht van de altijd aanwezige leidster of kleuterjuf die werkte vanuit de behoeften van het kind? Vult de doorgaande lijn dat gat wel op?

Noodzaak of nonsense

Er gebeurt heel veel op het gebied van de doorgaande lijn. Maar is die doorgaande lijn (welke inhoud die ook heeft of krijgt) nu noodzaak of nonsense? Moeten we perse organisatorische verbanden en inhoudelijke lijnen creëren omdat kinderen, professionals of ouders iets missen als deze er niet zijn? En welke effecten leveren die inspanningen dan op? Of zijn de huidige kinderen zo flexibel en snel dat ze zich aan meerdere omgevingen kunnen aanpassen en er geen verbindende lijn (meer) nodig is? Voor beleidsmakers zijn dit belangrijke vragen. Wie werpt zich op om ze te beantwoorden? De Kenniskring Doorgaande ontwikkellijn doet hiertoe een eerste poging. Tot die tijd ontfermen gelukkig juffen zoals die van Yassin zich over de kinderen; met of zonder overdrachtsdossier.

Deze blog verscheen dankzij input van de leden van de kenniskring Doorgaande Ontwikkellijn Noodzaak of Nonsense.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies