• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Radicalisering

Jongerenwerk

Jongerenwerkers worden geconfronteerd met radicale ideeën van jongeren en kunnen het gesprek met ze aangaan. Net als beroepskrachten in het onderwijs hebben jongerenwerkers, en andere sociale werkers, de uitdaging om een klimaat van openheid en dialoog te creëren. Dit zoveel mogelijk in samenspraak met jongeren, ouders en school.

Ook al verschillen zij van mening, de jongerenwerker probeert altijd met de jongeren in gesprek te blijven. Door goed contact met hen te onderhouden, kunnen jongerenwerkers veel doen aan het voorkomen, signaleren en aanpakken van radicalisering.

Methodieken

Onderzoekers van Kennisplatform Informatie & Samenleving (KIS) hebben 13 praktijkvoorbeelden van interventies beschreven, waaronder de TERRA Toolkit. In een vervolgproject is een selectie verder ontwikkeld en beschreven. Daarbij is de methode Diamant van SIPI. DIAMANT een beproefde, cultuursensitieve methode die specifiek gericht is op islamitische jongeren en bekeerlingen. Jongeren die kwetsbaar zijn vanwege identiteitsproblemen en ten prooi kunnen vallen aan rekrutering en radicalisering.

Signaleren en bespreken met instanties

Er zijn verschillende trainingen voor jongerenwerkers in het herkennen van en omgaan met signalen van radicalisering, waaronder de training Omgaan met extreme idealen (OMEI). Jongerenwerkers moeten het contact met radicale jongeren in stand houden. Tegelijk moeten zij duidelijk laten merken dat zij aan de kant van de rechtsstaat staan.

In deze trainingen leren jongerenwerkers hoe zij signalen met de politie en de gemeente kunnen bespreken. Veel gemeenten hebben daar afspraken over gemaakt, bijvoorbeeld via een veiligheidsprotocol. Als een jongerenwerker een radicaliserende jongere uit het oog verliest, neemt de politie het over.

Trainingen voor jongerenwerkers 

  • De OMEI-training van de ESS is bedoeld voor professionals in het jongerenwerk en sociaal werk.
  • Het Meld- en Adviespunt Radicalisering van de gemeente Rotterdam traint jongerenwerkers en leraren om radicalisering te signaleren. Ook organiseert de gemeente bijeenkomsten waarin professionals bewust worden gemaakt van radicalisering.
  • Het Kennisplatform Integratie en Samenleving (KIS) biedt ‘This is me!’ aan, een weerbaarheidstraining voor professionals. De deelnemers leren hoe ze hun eigen ervaringen en ideeën over weerbaarheid en identiteit kunnen benutten om zélf een weerbaarheidstraining aan jongeren te geven.
  • De gemeente Amsterdam biedt sinds 2007 en 2008 trainingen aan over radicalisering aan jongerenwerkers, hulpverleners en leerkrachten. Deze trainingen zijn geëvalueerd en de  bevindingen samengevat in  een brochure voor gemeenten die ook vandaag de dag nog relevant is.
    Lees ook de brochure Reageren op radicalisering.

Samenwerkingsverbanden

In veel steden werkt het jongerenwerk al langer structureel samen met andere partijen om radicalisering tegen te gaan.

  • Stichting MOOI werkt samen met de gemeente Zoetermeer. In groepsbijeenkomsten met Nederlandssprekende imams kunnen jongeren sociaal-culturele thema's bespreken. Ze maken persoonlijke ontwikkelingsplannen en werken met rolmodellen. Op deze manier probeert het jongerenwerk hen vroegtijdig los te weken van radicale invloeden en bieden hen een alternatief.
  • In Groningen werken jongerenwerk en welzijnsorganisaties samen binnen het project Polrad: the Power of Local Role Models. De inzet van lokale rolmodellen moet jongeren behoeden voor radicalisering.
  • In Tilburg ontwikkelt welzijnsorganisatie Contour de Twern samen met zijn jongerenwerkers een aanpak tegen radicalisering van jongeren. Dit is echter niet zo eenvoudig. Signalen zijn niet altijd snel te herkennen, oorzaken niet eenvoudig te benoemen en een juiste aanpak daarom lastig te formuleren.
    Lees het interview met Gon Mevis van welzijnsorganisatie Contour de Twern en in het artikel 'Sociaal werk wapen tegen radicalisering'.
  • De brancheorganisatie Sociaal Werk Nederland (SWN)  besteedt veel aandacht aan integratie en het voorkomen van radicalisering. SWN heeft het manifest ‘Hou ze erbij’ opgesteld. Daarin staat wat jeugd- en jongerenwerkers nodig hebben om te zorgen dat jongeren niet afhaken en een verkeerde weg inslaan.

Lokale teams hebben centrale rol

Na de transitie van de jeugdhulp zijn in vrijwel alle gemeenten lokale jeugd- of wijkteams actief. Deze spelen een centrale rol op het gebied van preventie. Zij begeleiden en ondersteunen jongeren en verwijzen naar jeugdhulp.

De professionals in deze teams moeten signalen van radicalisering kunnen herkennen en daar adequaat mee omgaan. Wijkteammedewerkers of consulenten moeten hierin getraind zijn. Dit geldt zeker voor gemeenten met geradicaliseerde jongeren. Als spin in het lokale web hebben zij ook een rol in de samenwerking tussen de betrokken partijen.

Europees netwerk

Europa heeft een netwerk voor preventie- en leerprogramma’s: Terra. Dit netwerk biedt handleidingen voor verschillende groepen professionals: leerkrachten, jeugdwerkers, politiemensen, gevangenis professionals, religieuze leiders, journalisten, en beleidsadviezen op lokaal en nationaal niveau.

Het Radicalisation Awareness Network (RAN), een netwerk van eerstelijns werkers, heeft negen werkgroepen. Een werkgroep is voor ‘Jeugd, families en gemeenschappen’. Deze werkgroep richt zich vooral op sociale en pedagogische interventies en organiseert bijeenkomsten waar deelnemers hun manier van werken met elkaar uitwisselen. Op de website van het RAN staan veel beschrijvingen van praktijken en benaderingen.

Meer informatie

BVjong, de beroepsvereniging voor kinder- en jongerenwerkers in Nederland, heeft in 2015 twee expertmeetings georganiseerd over de vraag wat jongerenwerkers kunnen betekenen in het voorkomen of tegengaan van radicalisering en jihadisme. De bevindingen zijn te lezen in deze notitie van BVjong: De rol van jongerenwerk bij de aanpak van radicalisering.

Vragen?

Gert van den Berg is contactpersoon.

Foto Gert van den Berg

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.