• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Radicalisering

Factoren

Bij het ontstaan en de ontwikkeling van radicalisering kunnen veel verschillende factoren een rol spelen, in uiteenlopende combinaties. Het radicaliseringsproces kunt u zien als een interactie tussen push- en pullfactoren. De push-factoren duwen een jongere als het ware richting radicalisme. De jongere voelt zich bijvoorbeeld gediscrimineerd, uitgesloten en onrechtvaardig behandeld.

De pull-factoren trekken een jongere over de streep. Hieronder verstaan we de beschikbaarheid op het juiste moment van radicale boodschappen, bijvoorbeeld via sociale media.

Deze benadering biedt mogelijke aangrijpingspunten voor preventie en aanpak. Gevoelens van uitsluiting en onrecht moeten serieus worden genomen en kunnen een vertrekpunt vormen voor een gesprek met de jongere. Dit kan individueel of bijvoorbeeld in de klas.

Triggerfactoren

Wat maakt dat gevoelens van ongenoegen en uitsluiting het begin vormen van een radicaliseringsproces? Het is lastig om de precieze oorzaken aan te wijzen. Wat bij de ene jongere leidt tot een snelle verandering en verharding van standpunten, heeft bij de andere geen enkel effect.

Toch is het mogelijk factoren te benoemen die een proces van radicalisering in gang kunnen zetten. De Expertise-unit Sociale Stabiliteit (ESS) en de Universiteit van Amsterdam hebben in 2015 deze zo genoemde triggerfactoren geïnventariseerd.

Zij hebben de factoren ingedeeld op persoonlijk niveau, de groep en de samenleving.

Op persoonlijk niveau:

  • confrontatie met de dood
  • problemen thuis
  • ontslag en schooluitval
  • ervaring met discriminatie
  • aanvaring met autoriteiten

Op groepsniveau:

  • verbreken van sociale banden
  • ontmoeting met een radicaal persoon
  • toetreden tot een radicale groep
  • confrontatie met propaganda
  • deelname trainingskamp

Op samenlevingsniveau:

  • beleid of debat
  • militaire acties of aanslagen
  • oproepen tot actie.

De factoren kunnen een radicaliseringsproces in gang zetten en verder versterken. Niet elke factor is op zichzelf noodzakelijk of voldoende. Het gaat altijd om een combinatie van factoren in samenspel met  omstandigheden en eigenschappen.

ESS heeft deze triggerfactoren in relatie tot wat professionals zoals politie en docenten kunnen doen, weergegeven in een online infographic:

Infographic triggers radicalisering

Rol media

De media kan op verschillende manieren bijdragen aan de ontwikkeling van radicale opvattingen en polarisatie. De beeldvorming rond migranten bijvoorbeeld wordt sterk bepaald door berichtgeving in kranten en op tv. Jongeren met een migratieachtergrond kunnen de indruk krijgen er niet echt bij horen. Dat idee voedt de gevoelens van vervreemding en uitsluiting. En kan een proces van radicalisering triggeren.

Online informatie zoeken

Via internet en sociale media zoeken jongeren naar informatie die zij niet vinden in de  traditionele media. Bovendien kunnen zij daar ook zelf informatie verspreiden. Online kunnen zij gelijkgestemden vinden en buiten het zicht van anderen, werken aan een identiteit. Ook ronselaars kunnen hen benaderen en hen stimuleren verder te radicaliseren.

Islamitische Staat heeft doelgericht media ingezet, om zowel propaganda te verspreiden en aanhangers te werven, als angst en verwarring te zaaien. Daarin is deze terreurbeweging tamelijk succesvol gebleken. Niet veel is bekend over de rol die sociale media spelen bij radicalisering. In de praktijk blijkt dat ouders verrast kunnen worden door de onder invloed van de media ontwikkelde extreme ideeën van hun kinderen. Ook zet men sociale media in om radicaliserende jongeren te deradicaliseren.

In 2018 verschijnt bij het NJi een uitbreiding van de Toolbox Media-opvoeding, specifiek gericht op radicalisering.

Vragen?

Gert van den Berg is contactpersoon.

Foto Gert van den Berg

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.