Professionalisering

Visie moet je doen

Voor een lerende organisatie is het belangrijk om een gemeenschappelijke visie te formuleren. Maar dit is slechts de eerste stap. Hoe zorg je ervoor dat deze visie terugkomt in het dagelijkse werk? En dat de onderliggende waarden onderdeel worden van het DNA van de organisatie? De Utrechtse buurtteamorganisatie Lokalis is hiermee aan de slag gegaan.

In een eerder stadium heeft Lokalis onderzocht wat het vak van gezinswerker inhoudt. Vanuit welke waarden en basisprincipes werken gezinswerkers in de buurtteams? De grondhouding van gezinswerkers is uitgewerkt en geconcretiseerd in specifieke gedragskenmerken. Het was belangrijk om dit uit te schrijven, vertelt Annieck Dorrestein, een van de gezinswerkers die hier nauw bij betrokken is. 'Er vallen soms termen die we allemaal belangrijk vinden, bijvoorbeeld een gelijkwaardige relatie met de cliënt. Maar wat houdt deze term in? Hoe laat je dat zien in gedrag? Door het concreet te maken, kan je het ook beter voelen.'

De grondhouding van gezinswerkers is geëxpliciteerd in acht uitgangspunten, zoals 'Ieder gezin is onderdeel van een groter systeem' en 'Ieder mens is uniek en heeft iets anders nodig'. Die uitgangspunten zijn vertaald aan de hand van de vraag: hoe en waaraan merk je dat? Zo horen bij het uitgangspunt 'Ieder mens is uniek en heeft iets anders nodig' gedragskenmerken als 'Ik luister goed, observeer en vraag door zodat ik helder heb wie de klant is' en 'Ik ben creatief en flexibel in doen en denken'.

Ook intern de beweging maken

Hoe zorg je er vervolgens voor dat een gemeenschappelijke visie ook doorleefd wordt? Dat ze onderdeel gaat uitmaken van de dagelijkse manier van werken? Annieck benadrukt hoe waardevol het is om de beweging die ze maken in het werken met gezinnen ook intern te maken. 'Zoals we met gezinnen omgaan, zo gaan wij als collega's met elkaar om en zo gaat onze teamleider met ons team om. Bijvoorbeeld als mijn teamleider vragen stelt en niet direct met een oplossing of oordeel komt. Daardoor voel ik de gewenste houding en krijg ik het voorbeeld hoe ik die houding kan toepassen.'

Afgelopen jaar heeft Annieck, samen met een collega, het werkproces en de visie en grondhouding naast het gezinsplan gelegd dat wordt gebruikt bij de begeleiding van gezinnen. 'Toen zagen we dat het gezinsplan niet volledig aansluit bij de manier waarop we willen werken', vertelt Annieck. 'Zo willen we oplossingsgericht werken. Maar we zagen dat er in het gezinsplan weinig aandacht was voor een belangrijke stap daarin, namelijk het uitvragen van de gewenste situatie van het gezin. Ook was er in het gezinsplan weinig expliciete aandacht voor de mensen die om het gezin heen staan. Terwijl we het belangrijk vinden om systeemgericht te werken en belangrijke andere personen vanaf het begin erbij te betrekken. Daarom hebben we het gezinsplan aangescherpt.'

'Vanuit daar kijken we nu welke tools, informatie en oefeningen ondersteunend kunnen zijn bij het nog beter worden in ons vak, en ook aansluiten bij onze visie en grondhouding. Hierbij betrekken we gezinswerkers uit verschillende teams.'

Dit is een mooie manier van het doorleven van de gemeenschappelijke visie, vindt Jitty Runia, die vanuit het Nederlands Jeugdinstituut betrokken is bij de leerbeweging binnen Lokalis. 'Doordat de visie en de waarden zo geëxpliciteerd zijn, kunnen ze goed in de praktijk ervaren welke hulpmiddellen passen bij de manier waarop ze willen werken.'

Dragers binnen de teams

Vervolgens hebben Annieck en haar collega een rondgang gemaakt langs alle teams, waarin aandacht was voor het aangescherpte werkproces en gezinsplan en voor de visie op leren. 'We hebben onze collega's meegenomen in de manier waarop deze aanscherpingen tot stand zijn gekomen. We hebben besproken hoe zij tegen de aanscherpingen aankijken, en waaraan zij als team aandacht willen besteden om hier beter in te worden.' Zo hebben ze een oefening gedaan over het stellen van doelen. Ze legden ieder team drie doelen voor die eerder in een gezinsplan waren opgenomen, met daarbij één vraag: als je dit doel leest, wat voel je dan? 'Een werkzaam doel is volgens ons een doel waarmee je iemand in beweging krijgt', legt Annieck uit. 'Daarvoor is het belangrijk dat de persoon om wie het gaat dit voelt als zijn eigen doel. In deze oefening stonden we daarbij stil: hoe zou jij het als ouder vinden als je dit over jezelf leest?'

Voor Annieck is het belangrijk dat deze oefeningen, en het gesprek daarover, in de teams zelf plaatsvinden. Als 'ambassadeurs' hebben zij en haar collega 16 uur per week beschikbaar om de leerbeweging van teams te faciliteren. Op hun beurt zoeken zij 'dragers' in de afzonderlijke teams. 'We kijken welke mensen in een team de energie op dit thema voelen en de rest van het team daarin kunnen meenemen. Uiteindelijk is dit niet iets van mij of mijn collega, maar van ons allemaal.'

Duplo-poppetjes

Het is een bewuste keuze om, bijvoorbeeld over het aangescherpte gezinsplan, geen aparte bijeenkomsten te organiseren. 'Het is mooi om te zien hoe Annieck en haar collega aansluiten bij het ritme van de teams', zegt Jitty Runia van het NJi. 'Dat is ook zoals je het wilt met een gezin. Je haalt niet een gezin uit zijn context omdat het iets moet leren. Het leren gebeurt juist in de context. Dat geldt ook voor de buurtteams. Zo werkt Lokalis ook in de eigen leerbeweging volgens haar eigen waarden en principes.'

Annieck ziet dat teams elkaar daarbij kunnen inspireren. 'Teams hoeven het niet allemaal zelf te bedenken en ontwikkelen, maar kunnen elkaar aanzetten om samen te leren en ervaren. Vervolgens is het aan de teams zelf om daar gebruik van te maken.'

Zo had een team een creatieve manier gevonden om te oefenen met het nieuwe gezinsplan. 'Twee collega's hadden een filmpje gemaakt met Duplo-poppetjes in een cirkel. Op die poppetjes hadden ze de namen van de teamleden geplakt. Iedereen kreeg de opdracht om aan de persoon die in dat filmpje naast hem stond te vragen hoe het met hem ging en wat zijn gewenste situatie was. Dat was een grappige manier om collega's te laten oefenen met het uitvragen van de gewenste situatie. Tegelijkertijd had iedereen even oog voor elkaar in deze gekke coronatijd.' De dragers plaatsten het filmpje vervolgens op de interne kennisbank. 'Zo is het voor alle teams zichtbaar.'

Zo werkt Lokalis ook aan het vertragen: met elkaar de tijd nemen om te reflecteren en te oefenen. Daar gaan ze de komende tijd mee verder. 'We gaan uitwerken wat we precies bedoelen met vertragen. Je kunt bij jezelf vertragen, binnen de organisatie, maar ook in de begeleiding aan gezinnen. En dat kan verschillende doelen hebben. Dat willen we tastbaarder maken.'

Gezien en gehoord worden

Het zijn van een lerende organisatie is geen doel op zich. Het is een randvoorwaarde om steeds te kunnen blijven doen wat nodig is in de begeleiding van gezinnen. Annieck is daar ook zelf in gegroeid, merkt ze. 'Ik heb weleens met een gezin gewerkt waar al een specialist bij betrokken was. Die vertelde mij wat er nodig was. Achteraf gezien ben ik daar te snel in meegegaan. Nu zou ik dat anders doen, omdat ik me bewuster ben geworden van de inhoud van ons vak. Ik ben de visie en grondhouding echt gaan voelen. Ook doordat er meer taal is gekomen voor de dingen die ik doe.'

Daarbij haalt ze veel energie uit de leerbeweging. 'Ik word er onwijs blij van. Het brengt verdieping in mijn werk en we krijgen de kans om onszelf te blijven ontwikkelen.' 'En dat is wat je ouders ook gunt', vult Jitty aan, die steeds parallelle processen ziet binnen de organisatie en in de begeleiding van gezinnen. 'Jullie worden binnen je organisatie gezien en gehoord, en jullie talenten en kwaliteiten worden benut. Dat is ook wat jullie met de gezinnen doen.'

Vragen?

Pauline van Viegen is contactpersoon.

Foto Pauline van Viegen

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies