Pesten

Discriminatie: een hardnekkige vorm van pesten

21 september organiseert Stichting School en Veiligheid de Week tegen Pesten. Vanuit het thema 'Samen aan zet' staat het aanpakken van pesten en het werken aan een veilige school centraal. In het kader van deze week deelt het Nederlands Jeugdinstituut vijf blogs, van vijf schrijvers, waarin ingegaan wordt op actuele thema’s en het samen aanpakken van pesten.

Discriminatie: een hardnekkige vorm van pesten

Discriminatie is een groot maatschappelijk probleem. Het is een vorm van pesten: leerlingen worden uitgescholden, buitengesloten of mishandeld omwille van bijvoorbeeld hun geloof, etnische afkomst of seksuele voorkeur. Hoe hardnekkig het fenomeen is, blijkt wel uit het feit dat de laatste eeuw veel bewegingen zijn opgestaan die zich tegen discriminatie verzetten. En hoewel de meeste mensen aangeven niet te willen discrimineren en ook niet gediscrimineerd te willen worden, komt het nog steeds vaak (onbewust) voor. Ook in het onderwijs.

Drie op de tien scholieren voelt zich benadeeld

Uit onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) blijkt dat in 2018 zo'n 22 procent van de leerlingen vanaf 15 jaar discriminatie op school heeft ervaren. Nog eens 8 procent heeft vermoedens gediscrimineerd te zijn. Dat betekent dat drie op de tien scholieren zich benadeeld voelen omdat ze bij een bepaalde groep horen.

Meisjes ervaren vaker discriminatie dan jongens en lhb-jongeren vaker dan heterojongeren. Nederlanders met een Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Antilliaanse achtergrond hebben vaker met discriminatie te maken dan Nederlandse jongeren zonder deze achtergrond. Ook jongeren met een beperking ervaren vaker discriminatie dan jongeren zonder beperking.

Gediscrimineerde jongeren worden uitgescholden, gepest en soms zelfs geschopt, geslagen of seksueel lastig gevallen. En niet alleen medescholieren zijn de boosdoeners, leerlingen voelen zich soms ook gediscrimineerd door docenten. 7 procent van de Nederlandse scholieren zegt onvriendelijk behandeld te zijn door een docent (13 procent als je de twijfelaars meetelt). 6 procent geeft aan door discriminatie een lagere beoordeling gekregen te hebben (inclusief twijfel: 10 procent).

Ook wordt nog weleens het niveau te laag of te hoog ingeschat op basis van factoren die hier geen rol in hoeven te spelen. Een studie van de Onderwijsinspectie wijst uit dat het opleidingsniveau van de ouders invloed heeft op het schooladvies. Kinderen van hoopopgeleide ouders krijgen vaker een (onterecht) hoog advies en kinderen van laagopgeleide ouders vaker een te laag advies.

De gevolgen van discriminatie

We hebben het hier over gevoelens van discriminatie. De discussie aangaan of die gevoelens terecht zijn, en of het feitelijk discriminatie is geweest, is niet belangrijk. Het is een duidelijk signaal dat veel leerlingen zich niet juist behandeld voelen. En de gevolgen zijn serieus.

Zo kunnen jongeren met deze ervaringen gevoelens van eenzaamheid of onveiligheid ervaren. Sommigen (9 procent) kiezen zelfs voor een lagere opleiding dan ze hadden gewild en nog eens 9 procent geeft aan door discriminatie te zijn gestopt met hun opleiding. Soms hebben de ervaringen wel bijgedragen aan de eigen ontwikkeling tot een sterker persoon. 

Bespreek het op school

Omdat discriminatie vaak onbewust plaatsvindt, is het des te belangrijker dat dit probleem besproken wordt. Pak het als docent aan in de klas. Het begin van het schooljaar is het uitgelezen moment om de norm te bepalen. Mogelijke problemen worden zo de kop in gedrukt en de klas heeft er het hele jaar profijt van.

Discriminatie is een delicaat onderwerp. Hoe bespreek je het in de klas? Hoe maak je het toegankelijk? En het meest belangrijk, hoe zorg je ervoor dat het gesprek effect heeft? Gelukkig heeft wetenschappelijk onderzoek verschillende do’s en don’ts opgeleverd.

Do’s:

  • Inleving: verhalen van personen die gediscrimineerd zijn, grijpen aan. Stimuleer leerlingen om zich in te leven in deze verhalen en ga het gesprek aan over hoe zij zich zouden voelen in deze situatie.
  • Communiceer het wenselijke gedrag, en niet wat er verkeerd gaat. In plaats van te benoemen dat veel mensen discrimineren, moet de boodschap zijn dat de meeste mensen willen dat er niet meer gediscrimineerd wordt.
  • Verbind verschillende vormen van discriminatie: soms zien leerlingen de overeenkomsten tussen verschillende vormen van discriminatie niet. Terwijl of je nu gediscrimineerd wordt vanwege je huidskleur, geaardheid of religie, de effecten zijn even ingrijpend en vergelijkbaar. Door deze verschillende voorbeelden samen te brengen, zien leerlingen de overeenkomsten en de ernst van alle vormen.

Don'ts:

  • Gebruik geen stereotypen: het benoemen van stereotypen versterkt ze. Als je eerst stereotypen wil bespreken om ze vervolgens onderuit te halen, is het kwaad helaas al geschied. Wanneer je begint over 'Alle homo’s zijn …'of 'Vrouwen kunnen niet …' worden de associaties in de hersenen versterkt en bereik je een averechts effect. Probeer dus weg te blijven van stereotypen.
  • Ga niet in discussie over of je wel of niet mag discrimineren. Het is verboden bij de wet. Behandel het als vanzelfsprekend dat discrimineren verkeerd is. Vermijd tevens de discussie of iedereen gelijk is.
  • Maak van discriminatie geen spelletje. Een spelvorm kan een handige manier zijn om onderwerpen te laten beklijven bij leerlingen, maar zorg wel dat het niet te luchtig wordt. Het risico bestaat dat jongeren het onderwerp dan minder serieus nemen. Benadruk duidelijk dat er mensen zijn die dit hebben ervaren en ga in op wat de leerling zelf zou voelen in deze situatie.

Discriminatie moet aangepakt en besproken worden. Als docent heb je een belangrijke positie: je kunt onderwerpen aankaarten, het goede voorbeeld geven en de jeugd inspireren beter met elkaar om te gaan en zo meer kansen aan jongeren bieden.


Vragen?

Mirella van den Burg is contactpersoon.

Foto Mirella van den Burg

Mirella is contactpersoon voor vragen van beroepskrachten. Ouders en kinderen kunnen terecht op Pestweb.nl.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies