• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Kindermishandeling

Stap 1. Beoordeel de situatie in uw gemeente

Preventiebeleid van gemeenten is effectiever wanneer dit gebaseerd is op informatie over het aantal kinderen dat risico loopt op of te maken heeft met kindermishandeling, en waar deze kinderen zich bevinden. Zo maak je vraag en aanbod beter sluitend.

Breng risicofactoren en omvang in kaart 

Ga na welke informatie er in uw gemeente al beschikbaar is (per wijk) over de risicofactoren en omvang van kindermishandeling. Voor lang niet alle risicofactoren zal het voor gemeenten mogelijk zijn om hierover informatie en prevalentiegegevens te verzamelen. Maar er is vaak al veel kennis aanwezig in de gemeenten, de zorginstellingen en wijkteams over problematiek en hulpvragen in specifieke wijken. Maak waar nodig impliciete kennis meer expliciet.

Hoe vaak is er melding gedaan van huiselijk geweld en kindermishandeling?

Raadpleeg daarvoor de Monitor Aanpak Kindermishandeling en Huiselijk Geweld: deze monitor is een sturingsinstrument waarmee gemeenten beleidsontwikkelingen kunnen volgen, de effecten van hun beleid kunnen meten en waar nodig bijsturen. Zo kan de monitor gemeenten ook helpen bij het in de praktijk brengen van hun regiovisie, met name als het gaat om het preventiebeleid.

Hoe vaak komen bepaalde risicofactoren en problemen in de gemeente/wijk voor?

Er zijn verschillende manieren om dit in kaart te brengen:

  • Ga na hoe vaak er een beroep is gedaan op een bepaalde voorziening, regeling of vorm van hulp. Raadpleeg hiervoor de Stapelingsmonitor via www.waarstaatjegemeente.nl. Deze  monitor geeft inzicht in het gebruik, per gemeente, van voorzieningen in het sociale domein.
  • Raadpleeg de gegevens van politie of veiligheidshuis, GGD en jeugdgezondheidszorg.
  • Voor het maken van wijkprofielen op het gebied van gezondheid, veiligheid, leefbaarheid etcetera, zijn er diverse goede instrumenten, zoals de ROS-wijkscan en de Leefbarometer.
  • Raadpleeg de Jeugdmonitor van CBS en als onderdeel daarvan de lokale jeugdspiegel. Deze databank biedt lokale, cijfermatige informatie over de situatie van de jeugd in Nederland. De jeugdmonitor geeft zicht op de prevalentie van een aantal risicofactoren op kindermishandeling (zoals het aantal eenoudergezinnen).

Voorbeelden

Rotterdam maakt bij het vormgeven van beleid op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling onder meer gebruik van gegevens uit de Sociale Index, een meetinstrument voor sociale kwaliteit in de gemeente en wijken. Hierin zijn cijfers opgenomen over onder andere veiligheid, participatie, werk en inkomen, gezondheid, onderwijs. Inmiddels is de sociale index opgenomen in een nieuw instrument: het Wijkprofiel.

Amsterdam maakt voor haar regioaanpak bij de start onder meer gebruik van een onderzoek door de GGD naar lokale prevalentie (per gemeente en wijk) van kindermishandeling. Deze prevalentieschatting voor Amsterdam is berekend door het NJi op basis van een landelijke studie waarin naast meldingen ook signalen en vermoedens zijn geïnterpreteerd. De ambities van de regionale aanpak Huiselijk Geweld en Kindermishandeling in Amsterdam-Amstelland worden naast Veilig Thuis, vertaald naar vier sporen: preventie, signaleren en melden, analyseren en onderzoeken, en interveniëren en nazorg. Om de voortgang en resultaten te kunnen volgen wordt een monitor ingericht die put uit verschillende bronnen, zoals de procesmonitor en registratiedata van Veilig Thuis, de gezondheidsmonitor en politieregistratie. Aansluiting bij nog andere (lokale) monitoringsgegevens wordt onderzocht.

Den Haag gaat via de Monitor Aanpak Kindermishandeling prevalentiegegevens op wijkniveau genereren, zodat een gedifferentieerde aanpak van kindermishandeling mogelijk wordt. Tevens wil de gemeente informatie over het effect van interventies vanuit  het programma Veilig Verder opnemen in de Monitor. Op meerdere momenten tijdens het hulptraject wordt middels schaalscores (gebaseerd op de werkwijze van Signs of Safety) de mate van (on)veiligheid in kaart gebracht. Zowel hulpverlener als ouders en kinderen kunnen scores geven. Zo wordt in beeld gebracht of de veiligheid voor kinderen vergroot is door deze interventies, en ook of ouders, kinderen en hulpverleners hier gelijk over denken of niet. Deze gegevens maken het mogelijk een monitor op te zetten over het effect van interventiebeleid.

Ga in gesprek met betrokkenen

Het is belangrijk met de betrokken partijen in de wijk om te toetsen wat burgers, professionals en vrijwilligers in de wijk zelf ervaren en waar volgens hen behoeften en kansen voor verbetering liggen. Gebruik daarbij de verzamelde gegevens over risicofactoren en omvang. Zie voor voorbeelden van deze dialoog op wijkniveau het programma Preventie in de buurt van Loketgezondleven.nl.

Tijdens de dialoog kunnen ook beschermende factoren in de wijk of buurt aan de orde komen en de vraag hoe de balans is tussen risico- en beschermende factoren. Zie voor een uitwerking hiervan het balansmodel Huiselijk geweld in de publicatie Factor veiligheid: de rol van het sociaal wijkteam bij huiselijk geweld.

Wat gemeenten kunnen doen om beschermende factoren in het gezin, kinderopvang, school en de wijk te versterken is te lezen in de publicatie Wat werkt bij het bevorderen van een positieve ontwikkeling?.

Maak een vraag-aanbod-analyse 

In de voorgaande stap is 'de vraag' rond kindermishandeling in beeld gebracht. Minstens zo belangrijk is het 'aanbod' in uw gemeente in kaart te brengen: is het beschikbare zorgaanbod voldoende en wat ontbreekt er nog? Wie zou het ontbrekende zorgaanbod kunnen bieden? Meer informatie over het maken van een vraag-aanbod analyse vindt u in dossier Transformatie jeugdhulp


NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.