• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR

Kenmerken

Bij deze problematiek is er sprake van het gebruik van een middel op een zodanige manier dat hierdoor lichamelijke, psychische of sociale problemen ontstaan bij een gezinslid anders dan ouders of jeugdige (bijvoorbeeld broer, zus of een inwonende oma), of op een zodanige manier dat maatschappelijke overlast ontstaat. Problematisch gebruik is niet gelijk aan verslaving.

Het gebruik van middelen of de verslaving van het andere gezinslid vormt een aanhoudend waarneembare belemmering van diens sociale functioneren en veroorzaakt een aanzienlijke invloed op het leven van de jeugdige. Er kan sprake zijn van:

  • inadequate verzorging of leiding
  • sociaal vreemd of pijnlijk gedrag
  • leeftijdsinadequate verantwoordelijkheden voor de jeugdige. 

Subtypes en/of specificaties

Het andere gezinslid kan problemen hebben met of verslaafd zijn aan alcohol, drugs of gokken.

Alcoholproblemen

Hierbij gaat het om overmatig gebruik van alcohol en/of een stoornis in het gebruik van alcohol (beschreven in de DSM 5).

Drugsprobleem

Hierbij gaat het om overmatig gebruik van drugs en/of een stoornis in het gebruik van middelen (beschreven in de DSM 5).

Gokproblemen

Hierbij gaat het om overmatig gokken en/of een gokstoornis (beschreven in de DSM 5).

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies