• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Cijfers over Jeugd en Opvoeding

Eetstoornissen

Eetstoornissen zijn psychische stoornissen die worden gekenmerkt door verstoord eetgedrag en/of inadequaat compensatiegedrag (braken, laxeren). Kinderen en jongeren met een eetstoornis hebben een verstoord lichaamsbeeld. Ze zijn erg bezig met hun gewicht of lichaamsvorm en zijn erg bang om aan te komen.

De meest voorkomende eetstoornissen zijn:

  • Anorexia nervosa
    Anorexia nervosa wordt gekenmerkt door gewichtsverlies of ondergewicht en een afwijkend eetpatroon dat of gedomineerd wordt door vasten in combinatie met hyperactiviteit, of gekenmerkt wordt door vasten, afgewisseld met vreetbuien, braken en laxeren. Het gaat gepaard met een sterke angst om dik te worden en een vertekend lichaamsbeeld. De piek van het ontstaan van de klachten ligt tussen de 14 en 18 jaar.
  • Boulimia nervosa
    Bij boulimia nervosa is er ook sprake van een afwijkend eetpatroon. Hierbij gaat het om ongecontroleerde vreetbuien. Het gewicht valt meestal binnen de normale grenzen, wel wordt de zelfbeoordeling van de jongere door het ongecontroleerde eetgedrag gedomineerd.
  • Eetbuistoornis
    Eetbuistoornis, of 'binge-eating disorder', is een eetstoornis waarbij er steeds terugkerende perioden zijn waarin het kind of de jongere vreetbuien heeft. Deze buien worden niet gecompenseerd. Over het algemeen ontstaat er hierdoor overgewicht.

Bron

  • American Psychiatric Association (2013). Diagnostic and statistical manual of mental disorders. Fifth edition (DSM-5). Arlington: American Psychiatric Association.

Kerncijfers

Exacte cijfers van het aantal kinderen en jongeren met een eetstoornis ontbreken. Onderzoek uit 1997 laat zien dat ongeveer 0,3 procent van de 13- tot 18-jarigen lijdt aan anorexia nervosa (Verhulst e.a 1997). Een zelfde percentage lijdt volgens dit onderzoek aan boulimia nervosa.  In 2010 verschenen de resultaten van het tweede NEMESIS onderzoek naar de psychische gezondheid van volwassenen. Bij de jongste groep die meedeed aan het onderzoek, 18 tot en met 24 jaar, heeft 1,4 procent ooit in het leven te maken gehad met een eetstoornis. In het jaar voorafgaand aan het onderzoek betrof het 0,8 procent. Anorexia nervosa kwam bij 0,4 procent ooit voor en boulimia nervosa bij 1,1 procent. Deze tweede studies maakte beide gebruik van interviews onder een steekproef van respondenten.

Op basis van huisartsenregistratie (CMR-peilstations) en internationaal onderzoek wordt geschat dat ongeveer 0,3 procent van alle jonge vrouwen in Nederland van 15 tot en met 29 jaar anorexia nervosa heeft. Het geschatte percentage boulimia patiënten ligt op 1 procent. Jaarlijks hebben naar schatting van de 100.000  jonge vrouwen 370 anorexia nervosa en 1500 boulimia nervosa (Hoek & Vandereycken, 2008).

Laatst bewerkt: 23 januari 2014


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

  • Hoek, H.W. & Vandereycken, W. (2008). Een kwarteeuw onderzoek en behandeling van eetstoornissen. In: Tijdschrift voor Psychiatrie 50 (2008).
  • Son, E. van, Hoeken, D. van, Bartelds, A. e.a. (2006). Time trends in the incidence of eating disorders: A primary case study in the Netherlands. In: International Journal of Eating Disorders 39:7 , 565-569.
  • Verhulst, F.C., Ende, J. van der, Ferdinand, R.F., Kasius, M.C. (1997). 'De prevalentie van psychiatrische stoornissen bij Nederlandse adolescenten'.

Toename van eetstoornissen bij kinderen en jongeren

In de leeftijdscategorie van 15 tot en met 19 jaar worden de meeste nieuwe gevallen van anorexia nervosa gemeld. Ten opzichte van de periode 1985-1989 is het aantal 15- 19-jarigen die met anorexia nervosa bij de huisarts kwam verdubbeld. Het is niet bekend of deze trend zich heeft voortgezet in de latere jaren (Van Son e.a. 2006). Bij gebrek aan actueel landelijk onderzoek bij kinderen en jongeren blijft het bij schattingen. Het aantal kinderen en jongeren dat met eetstoornissen bij de huisarts komt, kan een indicatie geven van de omvang van het probleem. Op basis van de Continue Morbiditeits registratie (CMR-peilstations) zijn de absolute aantallen van het aantal nieuwe gevallen per jaar omgezet in cijfers per 100.000 personen in de periode van 1995 tot en met 1999.

Laatst bewerkt: 14 januari 2014


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies