• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Cijfers over Jeugd en Opvoeding

Migrantengezin

De term 'migrantengezin' is de meest gangbare term voor gezinnen met een migratiegeschiedenis, maar pas sinds een aantal jaren. Er is geen eenduidige definitie voor. Om een beeld te geven van het aantal migrantengezinnen geven we cijfers over het aantal gezinnen met minimaal één allochtone ouder. Allochtonen zijn volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) personen met minstens één ouder die in het buitenland geboren is. Autochtonen hebben twee ouders die in Nederland geboren zijn, ongeacht waar ze zelf geboren zijn. Allochtonen worden vaak verder ingedeeld als westerse en niet-westerse allochtonen.

Eerste, tweede en derde generatie

Allochtonen die zelf in het buitenland zijn geboren en vervolgens naar Nederland zijn geëmigreerd, worden allochtonen van de eerste generatie genoemd. Mensen die zelf in Nederland zijn geboren, maar van wie één van de ouders in het buitenland is geboren, noemen we allochtonen van de tweede generatie. Als de grootouders naar Nederland zijn gekomen, wordt soms gesproken over een derde generatie. Ook worden allochtonen die als tiener naar Nederland zijn gekomen wel eens de 'tussengeneratie' genoemd. Zowel de derde generatie als de tussengeneratie wordt door het CBS niet onderscheiden. Een migrant van de derde generatie is volgens de CBS-definitie een autochtoon. En het CBS rekent de tussengeneratie tot de eerste generatie allochtonen.

Westerse en niet-westerse allochtonen

In onderzoek wordt vaak onderscheid gemaakt tussen allochtonen van westerse en van niet-westerse afkomst. Het CBS gebruikt de term 'niet-westerse allochtonen' als het gaat over allochtonen met als herkomst Turkije, Afrika, Latijns-Amerika en Azië, met uitzondering van Indonesië en Japan. Het CBS rekent ook Surinamers en Antillianen tot de niet-westerse migranten. De term 'westerse allochtonen' wordt gebruikt voor allochtonen met als herkomst Europa, Noord-Amerika, Oceanië, Indonesië en Japan. Allochtonen met als herkomst Indonesië en Japan vallen als Aziaten onder de 'westerse allochtonen' vanwege hun sociaal-economische en sociaal-culturele positie. In de praktijk zijn dit vaak mensen die in voormalig Nederlands-Indië zijn geboren of werknemers van Japanse bedrijven die voor hun werk in Nederland gevestigd zijn.

Niet-westerse gezinnen het meest onderzocht

In onderzoek is vooral aandacht voor gezinnen met allochtone ouders van niet-westerse herkomst. De reden daarvoor is dat de ouders in deze groep vaak een lage opleiding en een laag inkomen hebben. Deze kenmerken vergroten het risico op een belastende gezinssituatie. Daardoor is er meer over deze gezinnen bekend, dan over gezinnen met allochtone ouders van westerse herkomst.

Bron

Kerncijfers

In 2013 is volgens het CBS bij 33,4 procent van alle gezinnen met thuiswonende kinderen minimaal een van de ouders van niet-Nederlandse herkomst. Bij 22,2 procent heeft ten minste een van de ouders een niet-westerse achtergrond. Bij 11,2 procent is de niet-Nederlandse ouder van westerse herkomst. In het westen van Nederland, en vooral in de grote steden, wonen meer migrantengezinnen dan in de rest van het land.
Van alle kinderen tot 18 jaar groeit 30 procent op in een gezin waarin een van de ouders in het buitenland is geboren. Veel van deze gezinnen wonen in het westen van het land.

Laatst bewerkt: 23 januari 2015


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

  • Centraal Bureau voor de Statistiek (2014)

Percentage eenoudergezinnen naar herkomst moeder (2010)

Onder gezinnen met ouders met een niet-westerse allochtone herkomst komen meer alleenstaande ouders voor dan onder autochtone gezinnen. Dit geldt in het bijzonder voor gezinnen met ouders van Surinaamse, Antilliaanse en Arubaanse herkomst. Respectievelijk 43,9 en 47,8 procent van deze gezinnen is een eenoudergezin. Onder autochtone gezinnen (17,8 procent) en gezinnen van Marokkaanse en Turkse herkomst (19,1 en 19,6 procent) is het aandeel eenoudergezinnen veel kleiner (Huishoudensstatistiek).

Laatst bewerkt: 23 januari 2015


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Meer migrantengezinnen in het westen van het land

In het westen van Nederland, en vooral in de grote steden, wonen meer migrantengezinnen dan in de rest van het land. Een groot deel van de kinderen in de grote steden groeit op in een migrantengezin. In 2010 heeft ongeveer de helft van de kinderen van 0 tot 15 jaar in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag een niet-westerse allochtone herkomst (Bevolkingsstatistiek). Overigens wonen migranten die via de asielprocedure in Nederland zijn gekomen meer verspreid over Nederland. Dit is het resultaat van het zogenaamde 'spreidingsbeleid' voor asielzoekers zoals de 'IntegratieBarometer Vluchtelingenwerk' laat zien (Klaver en Van der Welle 2009).

Laatst bewerkt: 23 januari 2015


Gebruikte publicaties

  • Klaver, J. en I. van der Welle (2009). 'Vluchtelingenwerk IntegratieBarometer 2009 : een onderzoek naar de integratie van vluchtelingen in Nederland'. Amsterdam: Vluchtelingenwerk Nederland.

Kindertal naar herkomst moeder (1996 - 2009)

Het gemiddeld aantal kinderen in een gezin varieert tussen verschillende herkomstgroepen. Vrouwen van westerse, Surinaamse en Turkse herkomst krijgen gemiddeld minder kinderen (respectievelijk 1,5, 1,7 en 1,7) dan vrouwen van autochtone afkomst, die gemiddeld 1,8 kinderen krijgen, net als Antilliaanse en Arubaanse vrouwen. Vrouwen van een andere niet-westerse afkomst komen iets hoger uit met 1,9 kinderen. Marokkaanse vrouwen zijn met 2,6 kinderen een uitschieter. De afgelopen tien jaar is het aantal kinderen per gezin bij de meeste groepen lager geworden. Onder autochtone vrouwen nam het kindertal enigszins toe en bij Antilliaanse en Arubaanse gezinnen schommelde het. Over het geheel genomen is het gemiddelde kindertal bij verschillende herkomstgroepen dichter bij elkaar gekomen (Bevolkingsstatistiek).

Kindertal naar herkomst van de moeder van 1996 tot 2009

96 97 98 99 00 01 02 03 04 05 06 07 08 09
Autochtoon 1,5 1,5 1,6 1,6 1,7 1,7 1,7 1,7 1,7 1,7 1,7 1,7 1,8 1,8
Westerse allochtoon 1,4 1,4 1,4 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5 1,5
Suriname 1,5 1,5 1,5 1,6 1,7 1,7 1,7 1,6 1,6 1,6 1,6 1,6 1,7 1,7
Turkije 2,3 2,4 2,3 2,2 2,2 2,1 2,0 1,9 1,9 1,9 1,8 1,8 1,8 1,7
Nederl. Antillen en Aruba 1,5 1,5 1,7 1,7 1,8 1,8 1,8 1,7 1,7 1,6 1,7 1,8 1,9 1,8
Marokko 3,3 3,2 3,2 3,1 3,2 3,1 3,0 2,9 2,9 2,9 2,8 2,7 2,6 2,6
Overig niet-westers 2,2 2,3 2,3 2,3 2,4 2,3 2,2 2,1 2,0 1,9 1,9 1,9 1,9 1,9

Laatst bewerkt: 23 januari 2015


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies