Jongere in instelling rookt en drinkt vaker

Het middelengebruik onder jongeren in de residentiële jeugdzorg is sinds 2008 flink afgenomen, maar ligt nog steeds veel hoger dan bij hun leeftijdsgenoten in het regulier onderwijs. Het verbeteren van middelenpreventie binnen instellingen is nodig. Dat blijkt uit onderzoek van het Trimbos-instituut.

Een groot gedeelte van de jongeren zegt dat ze wel eens roken of cannabis gebruiken op het terrein van de instelling. Als redenen noemen ze vaak verveling en stress. Ook zegt een aanzienlijke groep jongeren rustiger te worden na het gebruik van tabak of drugs.

Grote verschillen

Net als in 2008 is in 2020 het middelengebruik onder jongeren in een instelling veel hoger dan onder leeftijdsgenoten in het regulier onderwijs. Zo rookt 26 procent van de jongeren in een instelling dagelijks, vergeleken met 2 procent van de jongeren in het regulier onderwijs. Ook de verschillen in het gebruik van drugs zijn groot. Van de jongeren in een instelling heeft bijvoorbeeld 31 procent de afgelopen maand geblowd. In het regulier onderwijs is dat 4 procent.

Ruimte voor verbetering

Volgens de meeste medewerkers heeft hun instelling een rookbeleid en een protocol met regels over middelengebruik door jongeren, maar het middelenbeleid is vaak verouderd. Ook verschilt de naleving van beleid vaak sterk per groep of locatie. Veel medewerkers zien mogelijkheden om de middelenpreventie in hun instelling te verbeteren. Meer kennis over middelengebruik, de inzet van interventies en nauwere samenwerking met verslavingszorg moeten hierbij helpen.

In gesprek

Anne Addink van het Nederlands Jeugdinstituut herkent het beeld dat jongeren in een instellingen meer middelen gebruiken dan andere jongeren. ‘Tegelijkertijd is het schokkend dat het verschil zo groot is. Het is een bekend maar ingewikkeld probleem. Er wordt binnen instellingen nog onvoldoende met jongeren gesproken over middelengebruik. Een open gesprek hierover moet vaker plaatsvinden. Het is belangrijk dat instellingen hun beleid hierop inrichten en groepsleiders daarin ondersteunen. Op die manier kan toegewerkt worden naar effectieve preventie van middelengebruik, om te voorkomen dat het blijft bij controle en repressie.’

Bron: Trimbos-instituut

Lees ook