Ik heb nog jonge kinderen. Welke vragen hebben zij?

Onderzoek laat zien dat kinderen tussen de 6 en 12 jaar vaak het thema kennen van school of van de tv. Zij zullen dit niet altijd ophangen aan een vaag begrip zoals ‘klimaat’. Maar ze horen wel over stormen en overstromingen waarvan gezegd wordt dat ze vaker zullen voorkomen, of over dieren die bescherming nodig hebben. Er is nog niet zoveel bekend over de vragen die dit bij jonge kinderen oproept. Hier bespreken we een aantal waarvan we denken dat die zullen spelen.

Wat is klimaatverandering?

Leg uit dat veel mensen denken dat het in Nederland en in de andere landen van de wereld warmer wordt. Noem voorbeelden die de kinderen al kennen of waarvan ze hebben gehoord. Een geef aan dat de meeste landen in de wereld met elkaar afgesproken hebben er wat aan te gaan doen. Deze filmpjes vertellen kinderen meer over wat er aan de hand is.

Ik word bang als ik over klimaatverandering hoor. Andere kinderen ook?

Niet alle kinderen maken zich druk om de berichten over klimaatverandering. Maar er zijn ook veel kinderen die zich wel zorgen maken. En het maakt sommige kinderen ook bang. Geef aan dat het heel normaal is als je bang bent. Maar dat het ook niet fijn is. Je kunt je kind vertellen wat hij of zij het beste kan doen:

  • Praat erover in de klas, met je vader of moeder, of met andere mensen.
  • Kijk wat je zelf aan de klimaatverandering kunt doen.
  • Doe ook dingen die je leuk vindt.

Wie doet er iets aan?

Veel kinderen vinden dat de regering en fabrieken actie moeten ondernemen. Daar hebben ze gelijk in. Dat moet ook. Er gebeurt gelukkig al veel om de klimaatverandering aan te pakken. Dit zijn voorbeelden die je kunt noemen (afhankelijk van de leeftijd en kennis van je kind):

  • De Nederlandse regering voert allerlei maatregelen in.
  • Er zijn allerlei bedrijven, zoals Ikea, Albert Heijn en Arla die zeggen dat ze flink aan het veranderen zijn. Kijk maar eens op hun websites.
  • De stad of het dorp waar jij woont, maakt ook plannen om klimaatverandering tegen te gaan. Ze vragen soms ook kinderen om mee te denken. Wil je vertellen wat er in de plaats waar jij woont gebeurt? Kijk dan eens op de internetpagina van jouw woonplaats.

Voor kinderen vanaf groep 6:

  • De landen van Europa maken nog extra afspraken met elkaar.
  • De Verenigde Naties – een samenwerking van bijna alle landen in de wereld – maken met elkaar afspraken om de opwarming van de aarde minder te maken.

Wat kan ik als kind zelf doen?

Veel kinderen vinden het fijn als ze zelf wat kunnen doen. Dat is goed, want alle beetjes helpen. Er zijn op internet allerlei ideeën te vinden. Bijvoorbeeld:

Het is ook goed om op school en thuis met elkaar te praten over wat je kunt doen. Samen weet je meer.

Er zijn ook kinderen en grote mensen die weinig weten over de opwarming van de aarde, of alle aandacht ervoor raar vinden. Waarom?

Niet iedereen weet er evenveel van. Dat is met alles zo. En ja, er zijn mensen die alle aandacht voor de opwarming overdreven vinden. Het is erg belangrijk dat kinderen weten dat je van mening mag verschillen. Goed naar elkaar luisteren en respect voor elkaar is belangrijk. Over en weer. Vertel ook dat de meeste mensen vinden dat het nodig is om de klimaatverandering aan te pakken. Daarom komen er veranderingen die misschien niet iedereen leuk vindt.

Lees ook

Tom van Yperen

Dr. Tom van Yperen

expert kwaliteit jeugdstelsel