Wat zegt de wetenschap over de invloed van sociale media op het welbevinden van kinderen?

Veel ouders, opvoeders en professionals maken zich zorgen over de invloed van sociale media op het welbevinden van kinderen. De wetenschap doet veel onderzoek naar de mogelijke effecten. Op deze pagina lees je wat op dit moment bekend is over de rol van sociale media in het dagelijks leven, en welke effecten dat kan hebben op het welbevinden. Ook lees je waarom het voor de wetenschap lastig is om daar één duidelijke conclusie uit te trekken.

Sociale media hebben negatieve en positieve effecten 

Onderzoek laat zien dat sociale media zowel positieve als negatieve effecten kunnen hebben op kinderen en jongeren. Aan de ene kant kan het bijvoorbeeld zorgen voor onzekerheid of minder concentratie. Aan de andere kant kan het juist helpen om te ontdekken wie je bent en om contact te houden met anderen. Voor zowel de negatieve als positieve effecten geldt dat ze klein zijn. Ook zijn de effecten niet voor ieder kind hetzelfde.

Wil je meer weten over de effecten per leeftijd? In onze Toolbox Mediaopvoeding vind je uitgebreide informatie per leeftijdsgroep. 

Wat is er bekend over de rol van sociale media in het dagelijkse leven? 

Sociale media spelen een belangrijke rol in het dagelijks leven van kinderen en jongeren. Door veel schermgebruik blijft er minder tijd over voor andere activiteiten, zoals spelen en sporten. Sociale media hebben ook verslavende functies die ervoor zorgen dat kinderen de apps langer blijven gebruiken. Daarnaast kunnen sociale media gebeurtenissen in het dagelijks leven groter en zichtbaarder maken. 

De tijd die kinderen besteden achter een scherm, besteden ze niet aan andere activiteiten die bijdragen aan hun ontwikkeling. Veel schermtijd betekent dat kinderen minder tijd hebben om zelf te spelen, met andere kinderen te spelen en te bewegen. Schermen en media kunnen het één-op-één contact met anderen niet vervangen. Veel schermtijd kan daardoor invloed hebben op de sociale en cognitieve ontwikkeling. 

Het doel van sociale media-bedrijven is om geld te verdienen. Daarom proberen ze ervoor te zorgen dat mensen zo lang mogelijk op hun apps blijven. Hiervoor gebruiken ze functies die verslavend kunnen werken. 

Voorbeelden van verslavende functies 

  • Snapstreak: een streak betekent dat je elke dag een foto of bericht moet sturen. Een teller in de app laat zien hoeveel dagen dat achter elkaar is gelukt. Als je een dag overslaat, gaat dat getal terug naar nul. Daardoor kun je de druk voelen om het vol te houden. 
  •  Autoplay: autoplay betekent dat video's automatisch afspelen. Als de video klaar is, start de volgende video meteen. Daardoor blijf je makkelijk langer kijken dan je van plan was. 

Voor volwassenen is het al moeilijk om deze verslavende functies te weerstaan, maar voor kinderen en jongeren is dat nog lastiger. Zij zijn er gevoeliger voor en hebben vaak minder zelfcontrole. Daardoor is stoppen moeilijker. De belonende effecten van sociale media voelen voor hen extra sterk, en het is lastiger om deze beloningen te missen. 

Dit komt ook doordat smartphones overal worden gebruikt. Als kinderen en jongeren geen sociale media gebruiken, kan het voelen alsof ze buitengesloten worden of er niet bij horen. 

Sociale media kunnen gebeurtenissen versterken. Een vechtpartij die gefilmd wordt en online wordt geplaatst, kan bijvoorbeeld veel meer mensen bereiken dan alleen de mensen die erbij waren. Ook kan het sterkere reacties oproepen. 

Dit komt doordat online berichten makkelijk gedeeld kunnen worden en snel veel mensen bereiken. Ook speelt mee dat mensen online soms anoniem zijn en minder direct contact hebben met anderen. In de wetenschap wordt dit ook wel het "online ontremmingseffect" genoemd. Dat betekent dat sommige mensen zich online minder geremd voelen en sneller iets zeggen dat ze offline niet zouden zeggen. 

Daarnaast kunnen sociale media maatschappelijke ontwikkelingen versnellen, zoals individualisering, prestatiedruk en polarisatie

Waarom is het voor de wetenschap lastig om conclusies te trekken? 

Het is voor de wetenschap lastig om duidelijke conclusies te trekken over sociale media, omdat de effecten vaak moeilijk te bewijzen zijn. Het is niet altijd duidelijk wat oorzaak en gevolg is. Gebruiken kinderen sociale media en voelen ze zich daardoor anders, of gebruiken ze sociale media juist omdat ze zich al zo voelen?  

Daarnaast verschillen de effecten per persoon en kunnen ze in de tijd veranderen. Wat voor de één een negatief effect heeft, hoeft voor de ander niet zo te zijn. En wat nu geldt, kan later weer anders zijn. 

Het is wetenschappelijk moeilijk te bewijzen dat sociale media effect hebben op het welbevinden van kinderen en jongeren. Soms is er sprake van een wisselwerking. Kinderen die zich somber of eenzaam voelen, kunnen bijvoorbeeld meer tijd op sociale media doorbrengen om met hun gevoelens om te gaan. Dat kan die gevoelens daarna ook weer sterker maken. 

Onderzoeken naar de effecten van sociale media op welbevinden kijken vaak naar de effecten op de korte termijn. Maar negatieve effecten zijn pas later zichtbaar. Als een jongere bijvoorbeeld steeds meer online is en minder offline contact heeft, kan dat op de lange termijn leiden tot sociale isolatie. 

De grootste effecten zie je aan de twee uitersten van het spectrum. Aan de ene kant zijn dat jongeren die al kwetsbaar zijn. Zij zijn gevoeliger voor het veel gebruiken van sociale media en gevoeliger voor de negatieve effecten. Aan de andere kant zijn er jongeren die zich al goed voelen. Zij ervaren juist eerder de positieve effecten van sociale media.

Het is moeilijk om aan te tonen dat sociale media de oorzaak zijn van minder welbevinden. Dit komt omdat het lastig is om de effecten los van elkaar te zien. Want het offline en online leven van kinderen loopt door elkaar heen. Ze kunnen bijvoorbeeld online contact hebben met hun klasgenoten. Gesprekken of ruzies die online ontstaan kunnen zo in de klas verder gaan en andersom. 

Ook speelt het karakter van kind een rol. Wat een kind leuk vindt en hoe het zich voelt, bepaalt welk soort sociale media het gebruikt en hoe vaak. Tegelijk kan dat gebruik weer invloed hebben op hoe het kind zich voelt. Zo beïnvloeden gedrag en gevoel elkaar steeds opnieuw. 

Daarnaast hangen de lichamelijke, mentale en sociale effecten met elkaar samen. Veel schermtijd kan bijvoorbeeld zorgen voor minder beweging. Dat kan weer invloed hebben op hoe een kind zich lichamelijk en mentaal voelt. 

De invloed van sociale media op het welbevinden verschilt per persoon. Het hangt af van leeftijd, ontwikkelingsfase, persoonlijke eigenschappen, mediavaardigheden, omstandigheden, en hoe lang en welke media een kind gebruikt.  

Ook kunnen de effecten na verloop van tijd veranderen. Sommige gebieden in het brein van kinderen ontwikkelen sneller dan andere. Daardoor zijn kinderen tijdens verschillende fases op verschillende manieren gevoelig voor de positieve en negatieve effecten van sociale media. 

In het kort 

De wetenschap laat zien dat sociale media zowel positieve als negatieve effecten kunnen hebben op het welbevinden van kinderen en jongeren. Deze effecten zijn vaak klein en verschillen per kind. Het is moeilijk om hier duidelijke conclusies over te trekken. De effecten zijn lastig te meten, oorzaak en gevolg lopen door elkaar en de invloed verschilt per persoon en kan in de tijd veranderen. 

Foto Thibaut Coenegracht

Thibaut Coenegracht

inhoudsdeskundige Vakmanschap en professionalisering
t.coenegracht [at] nji.nl