De invloed van media op polarisatie

Media spelen een belangrijke rol in het leven van jongeren. Via media krijgen ze informatie en nieuws, en kunnen ze de wereld beter begrijpen. Media kunnen bijdragen aan kennis en begrip voor mensen met andere overtuigingen en achtergronden. Tegelijkertijd kunnen ze ook tegenstellingen tussen groepen versterken. Dit kan het proces van polarisatie versnellen. 

Media zijn belangrijk in een democratische rechtsstaat

Voor een goed werkende democratie is het belangrijk dat mensen toegang hebben tot betrouwbare en onafhankelijke informatie en kritische journalistiek. Ook voor jongeren is toegang tot informatie en media belangrijk. Het helpt hen om een genuanceerde mening te vormen en actief mee te doen in de samenleving.

Regelgeving voor media

Traditionele media, zoals kranten, televisie en radio, vallen al lang onder de Mediawet en moeten voldoen aan regels rond onafhankelijkheid, maar ook hoor en wederhoor en redactionele verantwoordelijkheid. Een belangrijk verschil met videoplatformdiensten, zoals YouTube, TikTok en Instagram, is dat deze net als traditionele media onder de Mediawet vallen, maar niet redactioneel verantwoordelijk zijn voor de inhoud van geüploade video's.

Jongeren volgen nieuws vaak via sociale media

Jongeren gebruiken sociale media steeds vaker als belangrijkste bron voor nieuws. Bijna de helft van de jongvolwassenen volgt dagelijks Nederlandse politiek via sociale media. En voor 60 procent van de jongeren vormen big tech-platforms zoals Snapchat, Instagram en TikTok, de belangrijkste toegang tot nieuws. Dat betekent dat sociale media veel invloed hebben op hoe jongeren de wereld zien.

De voordelen van sociale media als nieuwsbron

Door sociale media kunnen jongeren meer te weten komen over maatschappelijke onderwerpen. Ook kunnen sociale media jongeren meer betrekken bij de samenleving. Door de verschillende bronnen en meningen op sociale media leren jongeren bovendien om informatie beter te beoordelen. En om meer begrip en empathie te krijgen voor mensen met andere ideeën en achtergronden.

De invloed van sociale media op polarisatie

Veel mensen denken dat sociale media polarisatie voeden. Wetenschappers hebben hier verschillende meningen over. Polarisatie ontstaat door een combinatie van online én offline factoren. Hierbij vormen sociale media een katalysator of aanjager. Dit heeft te maken met processen en mechanismen zoals de confirmatiebias, echokamers en algoritmes.

De confirmatiebias

Mensen hebben op sociale media vooral aandacht voor informatie die hun bestaande ideeën en wereldbeelden bevestigt. Informatie die daar niet bij past, negeren ze bewust of onbewust. Dit psychologische proces heet de confirmatiebias of het bevestigingsvoordeel. Mensen zoeken en vinden vooral informatie over wat ze eigenlijk al wisten, of informatie die hun eigen ideeën bevestigt. Dit kan ook nepnieuws en desinformatie zijn.

Voorbeeld van confirmatiebias

Een jongere is ervan overtuigd dat klimaatverandering vanzelf gebeurt. Deze jongere ziet een video op YouTube over de opwarming van de aarde. In de video wordt gezegd dat mensen invloed hebben op de opwarming. En er wordt verteld dat klimaatverandering vroeger ook bestond. De jongere heeft vooral aandacht voor dat laatste, omdat dit past bij diens overtuiging. De informatie over de invloed van mensen zal de jongere waarschijnlijk negeren.

Door de confirmatiebias voelen jongeren steeds meer bevestiging voor hun eigen ideeën en meningen. Ze voelen zich ook steeds meer onderdeel van de groep mensen met dezelfde meningen en ideeën. Dit versterkt de verschillen tussen groepen mensen met andere meningen en ideeën. Dit kan leiden tot polarisatie.

Echokamers

Sommige wetenschappers zeggen dat op sociale media zogenoemde echokamers ontstaan. Een echokamer houdt in dat je eigen ideeën bevestigd worden, doordat je alleen berichten tegenkomt die jouw ideeën ondersteunen. Daardoor blijf je je eigen ideeën steeds opnieuw horen, net als een echo in de kamer.

Algoritmes

Sociale media werken met een verdienmodel dat draait om aandacht. Algoritmes laten daarom vooral berichten zien die emoties oproepen, zoals verontwaardiging en boosheid. Want deze berichten zorgen voor meer clicks, reacties en kijktijd.

Hierdoor krijgen extreme, haatdragende en xenofobe berichten structureel meer zichtbaarheid. Berichten die gaan over solidariteit, empathie, liefde en begrip komen juist minder in beeld.

Het uitvergroten van tegenstellingen tussen groepen is dus economisch aantrekkelijker voor sociale mediabedrijven en de technologiebedrijven die deze platforms beheren. Want deze berichten zorgen voor meer aandacht en dus voor meer inkomsten.

Wat zegt de wetenschap over sociale media en polarisatie?

Wetenschappelijk onderzoek laat een genuanceerd beeld zien van de invloed die sociale media hebben op polarisatie. 

Sociale media beïnvloeden vooral gevoelens, niet overtuigingen

In een Amerikaans experiment kregen Facebook‑gebruikers nieuwsberichten te zien over de politieke tegenpartij. Zij kregen minder negatieve gevoelens over die partij, maar hun politieke overtuigingen veranderden niet. In een ander onderzoek gebruikten mensen een maand lang geen Facebook. Ze zagen daardoor minder polariserend nieuws, maar dit had geen effect op vijandige gevoelens. 

Sociale media kunnen groepen ook verbinden

Bij onderzoek in Bosnië en Herzegovina bleek dat het stoppen met Facebook juist leidde tot minder waardering voor andere etnische groepen, omdat mensen offline minder diversiteit tegenkwamen dan online. Sociale media kunnen dus ook verbindingen tussen groepen versterken.

Politieke voorkeur valt sterker samen met wie je bent

Onderzoek van de Universiteit van Amsterdam laat zien dat de rol van sociale media anders werkt dan vaak wordt gedacht. De effecten ontstaan niet omdat gebruikers geïsoleerd raken in echokamers, waarin zij alleen gelijkgestemde meningen tegenkomen. Integendeel: jongeren komen online juist regelmatig in contact met mensen met andere politieke opvattingen dan in hun dagelijks leven. 

Polarisatie ontstaat vooral doordat sociale media bijdragen aan een proces waarbij politieke voorkeur steeds sterker samenvalt met wie je bent en bij welke groep je hoort. Dit heet 'partisan sorting'.

Sociale media versterken het wij-zij-denken: affectieve polarisatie

Sociale media versterken wij-zij-denken door de manier waarop groepen, sociale netwerken en informatie worden ingedeeld en getoond. Hierdoor worden mensen niet inhoudelijk radicaler, maar ervaren wel sterker een tegenstelling tussen 'wij' en 'zij'. Onderzoekers noemen dit 'affectieve polarisatie'.

Sociale media kunnen het polarisatieproces versnellen

Sociale media sluiten jongeren dus niet af van andere meningen, maar zorgen er wel voor dat bestaande verschillen tussen groepen duidelijker zichtbaar worden. Digitale platforms kunnen dit proces versnellen, doordat algoritmes vooral berichten laten zien die inspelen op emoties en identiteit. Dit zijn precies de berichten die de meeste reacties, likes en interactie oproepen.

Framing: de invloed van hoe media nieuws brengen

Elk medium vertelt verhalen vanuit een bepaald perspectief. Onder traditionele media verstaan we kranten, televisie en radio. Vroeger waren deze vaak verbonden aan 'zuilen', bijvoorbeeld katholiek, protestants of socialistisch. Mensen kozen media die pasten bij hun eigen overtuigingen en hun bestaande wereldbeeld bevestigden. Tegenwoordig zijn traditionele media minder gebonden aan zuilen. Maar er bestaan nog steeds verschillen tussen media. Kranten, publieke omroepen en commerciële zenders hebben een eigen doelgroep, stijl en kijk op de wereld. Als je één bepaalde krant leest of een specifiek televisieprogramma kijkt, kun je een eenzijdiger beeld krijgen van de werkelijkheid. Dit kan bijdragen aan polarisatie.

De onderwerpen die wel of niet gekozen worden, de woordkeuze, de getoonde beelden en de toon van de verslaggeving vormen samen de 'framing'. Deze framing heeft grote invloed op hoe mensen nieuws ontvangen en begrijpen, en welke conclusies zij trekken.

Voorbeeld van hoe verschillende media nieuws brengen

Een nieuwssite en een tv-programma besteden aandacht aan dezelfde demonstratie. De nieuwssite noemt het een 'vreedzaam protest voor verandering', terwijl de talkshow het heeft over 'onrust en verstoring van de openbare orde'. Het gaat om dezelfde gebeurtenis, maar mensen krijgen een heel ander beeld door de verschillende framing.

Als er in de media vooral aandacht is voor één kant van een verhaal, kan dat een vertekend beeld geven van de werkelijkheid. Dit kan de kloof tussen groepen vergroten en bijdragen aan polarisatie. De toon, woordkeuze en framing in de media kunnen bepalen of een situatie uit de hand loopt of juist leidt tot gesprek.

Voorbeeld van hoe om te gaan met framing

Als een politicus opruiende en racistische uitspraken op sociale media doet, is het belangrijk dat media dat niet alleen melden, maar ook kritische vragen stellen en context bieden. Bijvoorbeeld door uit te leggen waarom de uitspraken schadelijk of onjuist zijn en wat de maatschappelijke gevolgen zijn van zulke uitspraken. Zo wordt voorkomen dat mensen denken dat extremisme en racisme normaal is of als aanvaardbare mening worden gepresenteerd.

Wisselwerking politiek, media en sociale media 

In het bovenstaande voorbeeld zien we ook hoe de wisselwerking tussen politiek, media en sociale media werkt. Recente bevindingen in Nederland laten zien dat politieke uitingen richtinggevend zijn en online snel worden uitvergroot. Ze hebben een duidelijke aanjagende werking. Wanneer politici vaker, negatiever of discriminerend spreken over bevolkingsgroepen in sociale media of in de politieke arena, volgen er in de periode daarna vergelijkbare uitingen, met name op sociale media. Daardoor kan vijandige taal 'gewoon' gaan voelen. Deze wisselwerking vergroot de normalisering van discriminerende taal en draagt bij aan een verharding van het publieke debat, waardoor maatschappelijke spanningen toenemen en de ervaren polarisatie wordt versterkt.

In het kort

Media geven jongeren informatie en helpen bij het vormen van een mening. Tegelijk kunnen media ook verbinden en zorgen voor meer begrip tussen groepen. Sociale media hebben veel invloed op jongeren, omdat ze deze vaak gebruiken voor nieuws en politiek. Media veroorzaken geen polarisatie, maar ze kunnen het proces wel versterken en versnellen. Onderzoek laat zien dat sociale media minder invloed hebben op inhoudelijke overtuigingen, maar vooral op gevoelens, zoals wij-zij-denken. 

Mechanismen zoals confirmatiebias, echokamers en algoritmes spelen hierbij een rol. Sociale media polariseren niet doordat jongeren alleen gelijkgestemden ontmoeten. Juist online komen zij in contact met verschillende opvattingen. Polarisatie ontstaat vooral doordat politieke voorkeur steeds meer onderdeel wordt van iemands identiteit en groepsgevoel, wat kan leiden tot wij‑zij‑denken en negatieve gevoelens tegenover anderen.

Hannes van de Ven

Hannes van de Ven

inhoudsdeskundige Kwaliteit, beleid en monitoring
h.vandeven [at] nji.nl