Cijfers over relaties en seksueel gedrag
Op deze pagina staan cijfers over relaties en seksueel gedrag van jongeren in Nederland. De cijfers komen uit verschillende onderzoeken en beschrijven verschillende aspecten van relaties en seksueel gedrag, zoals de eerste verliefdheid, de eerste verkering en de eerste keer geslachtsgemeenschap.
Definitie
Seksueel gedrag staat voor gedrag dat kan leiden tot seksuele opwinding bij de persoon zelf of bij een ander. Het gaat om alle vormen van seksueel contact: van knuffelen en zoenen tot masturbatie en geslachtsgemeenschap. Ook online seksueel gedrag valt hieronder. Zoals sexting en porno kijken.
Onder relaties verstaan we de verbinding of verhouding tussen mensen. De cijfers op deze pagina gaan specifiek over romantische relaties onder jongeren, zoals verliefdheid en verkering.
Wat zijn de belangrijkste cijfers?
- Jongeren hebben op steeds latere leeftijd voor het eerst vaginale seks. In 2023 had de helft van de jongeren vaginale seks gehad met 18,7 jaar. In 2017 was dat 18 jaar en in 2012 17 jaar (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- 18,5 jaar was de mediane leeftijd waarop jongeren voor het eerst seks hadden met iemand van hetzelfde geboortegeslacht (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- Jongeren van 13 tot 25 jaar ervaren de interactie en seks met hun laatste sekspartner als overwegend positief.
Verliefdheid en verkering
Verliefd zijn
- 66 procent van de leerlingen in groep 8 van het basisonderwijs zegt weleens verliefd te zijn geweest (HBSC, 2021).
- In 2012 was 91 procent van de 13- tot en met 17-jarigen weleens verliefd geweest. In 2023 is dit percentage gedaald naar 75 procent bij jongens en 73 procent bij meiden van 13 tot en met 17 jaar (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- 1,5 procent van de basisschoolleerlingen zegt te vallen op iemand van hetzelfde geslacht. Onder leerlingen in het voortgezet onderwijs gaat het om 2,5 procent (HBSC, 2021).
Eerste verkering
- In 2012 had 76 procent van de jongens en 69 procent van de meiden weleens verkering gehad (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- In 2023 is dit gedaald naar 53 procent bij zowel jongens als meiden (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Eerste seksuele ervaringen
Vergeleken met 2012 waren in 2017 jongeren ouder tijdens hun eerste ervaring met verschillende vormen van seks. Deze trend zet zich door in 2023 (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Zelfbevrediging
- In 2023 gaf de helft van de jongeren aan dat ze rond 14,5 jaar al eens gemasturbeerd hebben. Deze leeftijd is ongeveer hetzelfde als in 2017 en 2012.
- Het aantal jongeren dat aangeeft weleens gemasturbeerd te hebben, neemt toe met de leeftijd. In 2023 gaf 35 procent van de 13- en 14-jarigen aan weleens gemasturbeerd te hebben. 90 procent van de 21- tot en met 24-jarigen geeft aan gemasturbeerd te hebben (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- Onder 13- tot en met 15-jarigen heeft 61 procent van de jongens weleens gemasturbeerd, tegenover 21 procent van de meiden.
- 97 procent van de jongens van 22 tot en met 24 jaar geeft aan weleens gemasturbeerd te hebben. 85 procent van de meiden van deze leeftijd geeft aan weleens gemasturbeerd te hebben (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Eerste seksuele ervaringen
- Jongeren doen steeds later hun eerste seksuele ervaringen op. Met 18,7 jaar heeft de helft van de jongeren vaginale seks gehad. In 2017 was dat 18 jaar en in 2012 17 jaar. (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- Iets meer dan 1 op de 20 jongeren (5,7 procent) heeft ooit seks gehad met iemand van hetzelfde geboortegeslacht (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- 18,5 jaar was de mediane leeftijd waarop jongeren voor het eerst seks hadden met iemand van hetzelfde geboortegeslacht (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- Van jongeren die ooit seks hebben gehad met iemand van hetzelfde geboortegeslacht, is gevraagd naar de context waarin deze seks plaatsvond. Seks met een seksegenoot is bij jongens orale of anale seks en bij meisjes orale seks en vingeren.
Seksuele gemeenschap
Ervaring met seksuele gemeenschap
- Circa 10 procent van de jongens en meiden op het voortgezet onderwijs zegt weleens seksuele gemeenschap te hebben gehad (HBSC, 2021).
- Tussen 2001 en 2021 blijkt sprake te zijn van een dalende trend in het aantal scholieren dat seksuele gemeenschap heeft gehad. In 2001 ging het om 16 procent van de scholieren. In 2021 is dit gedaald naar 10 procent (HBSC, 2021).
- Met vaginale seks heeft 26 procent van de jongens en 25 procent van de meiden van 13 tot en 17 jaar ervaring in 2012. Deze percentages zijn in 2023 gedaald naar respectievelijk 13 en 14 procent. (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Plezierbeleving tijdens seks
- 45 procent van de jongeren van 13 tot 25 jaar geeft aan de eerste keer vaginale seks als fijn te hebben ervaren.
- Jongens en meiden verschillen in deze beleving. 64 procent van de jongens geeft aan de eerste keer als fijn te ervaren, tegenover 28 procent van de meiden.
- Of de eerste keer vaginale seks als vervelend wordt ervaren, hangt sterk samen met het ervaren van pijn. De meeste meiden geven aan dat de eerste keer vaginale seks een beetje (49 procent) of veel (25 procent) pijn deed. (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
- 57 procent van de jongeren die ooit seks hadden met iemand van hetzelfde geboortegeslacht ervaarde de eerste keer seks als fijn.
- Meiden geven dit vaker aan (67 procent) dan jongens (47 procent) (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Interactie met sekspartner
Jongeren van 13 tot 25 jaar geven aan de interactie en seks met hun laatste sekspartner overwegend positief te ervaren. Jongens zijn over het algemeen iets positiever dan meiden. 93 procent van de jongeren gaf aan zich meestal of altijd fijn te voelen bij de seks met de laatste sekspartner. 78 procent liet meestal of altijd aan hun partner weten wat ze lekker vonden.
Verschil in klaarkomen tussen jongens en meiden
85 procent van de jongens gaf aan meestal of altijd klaar te komen tijdens de seks, tegenover 49 procent van de meiden (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Online seksueel gedrag
Sexting
- In 2023 gaf 15 procent van de jongeren tussen de 13 en 25 jaar aan de afgelopen zes maanden minstens één keer aan sexting te hebben gedaan.
- Ze stuurden een naaktfoto of seksfilmpje van zichzelf aan iemand (13 procent), lieten hun penis, borsten of vagina zien tijdens een videochat (7 procent), of trokken zichzelf af of vingerden zichzelf tijdens een videochat (6 procent: Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Porno kijken
De mate waarin jongeren aangeven dat ze porno kijken neemt toe met de leeftijd.
- In de groep met 13- tot en met 15-jarigen heeft 65 procent van de jongens en 22 procent van de meiden in het laatste halfjaar porno gekeken.
- In de leeftijd 22 tot en met 24 jaar hebben nagenoeg alle jongens en driekwart van de meiden porno gekeken in de laatste zes maanden (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Jongens en meiden verschillen sterk van elkaar in de mate waarin ze aangeven in de afgelopen zes maanden porno te hebben gekeken.
- 45 procent van de jongens gaf in 2023 aan het laatste halfjaar wekelijks porno te hebben bekeken, tegenover 10 procent van de meiden.
- Van de meiden gaf 45 procent aan in de afgelopen zes maanden nooit porno te hebben gekeken. Dit gold voor 14 procent van de jongens (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Veilig seksueel gedrag
Gebruik anticonceptie
Aan meiden tussen 13 en 16 jaar die aangeven ervaring te hebben met vaginale seks is gevraagd of zij anticonceptie gebruiken met hun laatste sekspartner. Opvallend is dat aan jongens niet dezelfde vraag is gesteld als aan meiden.
- 28 procent geeft aan geen anticonceptiemethoden te gebruiken.
- Meer dan de helft van de meiden geeft aan de pil te gebruiken. Daarnaast zijn er meiden die aangeven een condoom (3 procent) of de pil en condoom tegelijkertijd (15 procent) te gebruiken. 1 procent geeft aan een andere methode te gebruiken.
Aan meiden van 17 tot en met 24 jaar die ervaring hebben met vaginale seks is ook gevraagd welke anticonceptiemethode ze gebruiken met hun laatste sekspartner. Ook in deze leeftijdsgroep is dezelfde vraag niet aan jongens gesteld.
- 20 procent geeft aan geen anticonceptiemethode te gebruiken.
- De meest gebruikte methode is de pil (39 procent), gevolgd door een hormoonspiraaltje (18 procent), condooms (8 procent) en de pil en condooms tegelijkertijd (7 procent).
Gebruik morning-afterpil
17 procent van de meiden van 13 tot 25 jaar die ervaring hebben met vaginale seks geven aan dat ze het afgelopen jaar de morning-afterpil gebruikt hebben (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Soa-testen en soa’s
Aan jongeren tussen de 13 tot 25 jaar met seksuele ervaring is gevraagd of ze een soa-test hebben gedaan. Ze kregen de vraag of ze dit ooit hebben gedaan, en of dit in de afgelopen twaalf maanden is voorgekomen.
- 21 procent van de jongens en 35 procent van de meiden gaf aan ooit een soa-test te hebben gedaan.
- In de afgelopen twaalf maanden was dit respectievelijk 11 procent en 16 procent.
- 6 procent van de jongens en 11 procent van de meiden die aangeven ooit een soa-test te hebben gedaan, geeft aan dat uit de test bleek dat ze een soa hadden (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2024).
Seksueel gedrag in het speciaal voortgezet onderwijs
In 2019 is het onderzoek 'Seks onder je 25e' ook uitgevoerd onder scholieren in cluster 3 en 4 van het speciaal voortgezet onderwijs. Hieruit blijkt dat deze jongeren minder ervaring hebben met zoenen en seks dan jongeren in het regulier onderwijs.
- 88 procent van de jongens en 87 procent van de meiden is weleens verliefd is geweest (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2019).
- Deze scholieren hebben minder vaak getongzoend of seks gehad dan hun leeftijdsgenoten in het regulier onderwijs. Van de jongens heeft 32 procent ooit getongzoend en van de meiden 36 procent (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2019).
- 9 procent van de jongens zegt ooit geslachtsgemeenschap te hebben gehad. Onder de meiden gaat het om 16 procent (Rutgers & Soa Aids Nederland, 2019).
Meer achtergrond bij dit onderwerp
Deze pagina bevat cijfers over seksueel gedrag onder kinderen en jongeren. Uitleg en verdieping over seksuele ontwikkeling en seksuele opvoeding in verschillende levensfasen is te vinden op verschillende kennispagina's:
Bronnen
- Akkermans, M., E. Derksen, R. Kloosterman e.a. (2022). 'Prevalentiemonitor Huiselijk Geweld en Seksueel Overschrijdend Gedrag 2022 (PHGSG). Den Haag: Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum en Centraal Bureau voor de Statistiek'.
- Boer, M., van S. Dorsselaer, M. de Looze, S. de Roos e.a. (2022). HBSC 2021. 'Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland Utrecht'. Universiteit Utrecht, Trimbos instituut, Sociaal en Cultureel Planbureau.
- De Graaf, H., M. Bultinck, F. van den Brink, I. Coehoorn (2019). 'Seks onder je 25e vso. Seksuele gezondheid van jongeren in cluster 3 en 4 van het voortgezet speciaal onderwijs'. Rutgers/Soa Aids Nederland.
- De Graaf, H. (red), A. Oldenhof, Y. Kraan, T. Beek, L. Kuipers, K. Vermey. (2024). 'Seks onder je 25e. Seksuele gezondheid van jongeren in Nederland anno 2023 '. Rutgers/Soa Aids Nederland.