Persoonlijke beschermingsmiddelen

Over het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) tijdens je werk zijn veel vragen. Op deze pagina geven we vuistregels en informatie voor specifieke situaties.

De uitgangspunten voor persoonlijke beschermingsmiddelen gelden ook voor zorgmedewerkers die gevaccineerd zijn tegen het coronavirus. Als je gevaccineerd bent, wordt je niet of minder ziek na besmetting met het coronavirus. Het is nog niet bekend of je anderen kunt besmetten. Daar wordt komende tijd onderzoek naar gedaan.  

Afweging gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen

Het is belangrijk dat je in elke situatie een goede afweging maakt waarom je wel of geen gebruik maakt van persoonlijke beschermingsmiddelen. Een gedegen afweging maak je op basis van jouw ervaring, professioneel inzicht en met behulp van afwegingskaders. Persoonlijke beschermingsmiddelen zijn een aanvulling op de algemene hygiënemaatregelen en richtlijnen om verspreiding van het coronavirus te voorkomen.  

Persoonlijke beschermingsmiddelen voor mantelzorgers

Met de volgende vuistregels voor mantelzorgers, inclusief vrijwilligers in palliatieve zorg en PG-gefinancierde (in)formele zorgverleners bepaal je meestal snel of en welke persoonlijke beschermingsmiddelen je nodig hebt.

Wat zijn persoonlijke beschermingsmiddelen?

Persoonlijke beschermingsmiddelen beschermen het kind, de jongere, andere betrokkenen en de professional tegen het coronavirus. Het gaat hier expliciet om medische beschermingsmiddelen.

Dit zijn:

  • Een wegwerpschort met lange mouwen. Als zo'n schort niet voorradig is, zijn een doktersjas met lange mouwen en een halterschort veilige alternatieven.
  • Een chirurgisch mondneusmasker type IIR of eventueel een FFP2-masker. Lees hieronder wanneer je een mondmasker gebruikt.  
  • Een beschermende bril.
  • Handschoenen.

Wanneer zijn persoonlijke beschermingsmiddelen nodig?

Zorg dat je op de hoogte bent van het beleid van de organisatie waar jij werkzaam bent. Sommige organisaties of locaties kunnen besluiten dat medewerkers gedurende hun werk continu een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II dragen. Dit kan van toepassing zijn vanaf het inschalingsniveau 'zorgelijk' van de routekaart van de Rijksoverheid. Daarnaast kun je als professional in specifieke situaties een persoonlijke, professionele afweging maken over het preventief gebruik van een chirurgisch mondneusmasker ten minste type II. In bepaalde situaties moet je persoonlijke beschermingsmiddelen dragen. De noodzaak van het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen wordt tevens bepaald door de aan- of afwezigheid van klachten. Soms weet je dat niet. Ook dat beïnvloedt de afweging.

Lees op de website van RIVM meer over het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen

Contact en persoonlijke beschermingsmiddelen

Onder contact verstaan we alle contact in levende lijve met een persoon: op anderhalve meter afstand, op minder dan anderhalve meter afstand en persoonlijke verzorging en lichamelijk onderzoek. Voor kinderen en jongeren is fysiek contact belangrijk.

Je hoeft geen anderhalve meter afstand te houden van kinderen tot en met 12 jaar. Preventief gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen is niet nodig. Voor meekomende ouders, opvoeders, verzorgers moet je een aparte afweging maken. Volwassenen en jongeren vanaf 13 jaar moeten in principe wel anderhalve meter afstand houden tot elkaar. Soms kan dat niet, bijvoorbeeld in het geval van persoonlijke verzorging.

Let op: De CoronaMelder-app herkent niet of je tijdens contact op minder dan anderhalve meter met een kind of jongere adequate persoonlijke beschermingsmiddelen hebt gedragen. Het advies is daarom om de app tijdens dat contact tijdelijk uit te zetten. Lees hier hoe je de CoronaMelder-app tijdelijk kunt pauzeren.

Kind of jongere heeft geen klachten

  • Als een kind of jongere geen klachten heeft maar wel in quarantaine zit omdat hij/zij in het bron- en contactonderzoek zit van de GGD of vanwege terugkeer uit een risicogebied, dan draag je een chirurgisch mondmasker type IIR en handschoenen.
  • Vanaf het inschalingsniveau 'zorgelijk' kun je bij jongeren vanaf 13 jaar preventief een chirurgisch mondmasker ten minste type II dragen in situaties waarbij geen anderhalve meter afstand gehouden kan worden (bijvoorbeeld wanneer je op huisbezoek gaat en je in totaal meer dan vijftien minuten op minder dan anderhalve meter afstand contact hebt).
  • Let op: Wanneer het kind of de jongere tijdens contact op minder dan anderhalve meter geen klachten heeft, maar later blijkt dat hij of zij wel corona had, dan wordt je gezien als 'overig nauw contact' (categorie 2) in het bron- en contactonderzoek van de GGD. Lees meer over 'overige nauwe contacten'. Als je echter naast een chirurgisch mondmasker type II ook handschoenen droeg, of meer dan anderhalve meter afstand hebt gehouden, dan wordt je gezien als 'overig (niet nauw) contact'. Lees meer over 'overige (niet nauwe) contacten'.

Kind of jongere heeft wel klachten

  • Bij kinderen en jongeren met klachten die op corona duiden of bij een bevestigde corona, gebruik je persoonlijke beschermingsmiddelen: chirurgisch mondmasker ten minste type IIR, handschoenen, bril en schort.
  • Als er voor de persoonlijke verzorging intensief contact met de luchtwegen nodig is waarbij mogelijk veel aerosolen vrijkomen (bijvoorbeeld uitzuigen), dan gebruik je een FFP2-masker, handschoenen, een veiligheidsbril en een schort.

Je weet niet of kind of jongere klachten heeft

  • Voor jongeren vanaf 13 jaar geldt dat je bij twijfel vanaf het inschalingsniveau 'zorgelijk' kunt overwegen om preventief een chirurgisch mondmasker ten minste type II te dragen. Bijvoorbeeld omdat de jongere niet goed kan uitleggen of hij of zij klachten heeft en je deze informatie ook niet van andere betrokkenen kunt krijgen, of omdat er een crisissituatie waardoor er van tevoren geen gezondheidscheck kan worden gedaan.

Let op: Wanneer het kind of de jongere tijdens contact op minder dan anderhalve meter geen klachten heeft, maar later blijkt dat hij of zij wel corona had, dan wordt je gezien als 'overig nauw contact' (categorie 2) in het bron- en contactonderzoek van de GGD. Lees meer over 'overige nauwe contacten'. Als je echter naast een chirurgisch mondmasker type II ook handschoenen droeg, of meer dan anderhalve meter afstand hebt gehouden, dan wordt je gezien als 'overig (niet nauw) contact'. Lees meer over 'overige (niet nauwe) contacten'. Vervoer van kinderen en jongeren met klachten

Soms moet je als professional kinderen of jongeren in jouw auto vervoeren die verdacht worden van corona. Bijvoorbeeld om naar een teststraat te gaan. Je wilt dan wel goed beschermd zijn om zelf niet besmet te raken. Dit protocol voor professionals is oorspronkelijk ontwikkeld door Nidos en de GGD Utrecht.

Bekijk hier het protocol Noodzakelijk zittend vervoer van het RIVM

Contact met ouders, opvoeders en andere betrokkenen

Professionals hebben meestal niet alleen contact met het kind of de jongere, maar ook met ouders, opvoeders of andere betrokkenen. Bijvoorbeeld tijdens een huisbezoek of een kantoorbezoek. Je dient dan ook rekening te houden met eventuele klachten bij huisgenoten.

Vraag van tevoren altijd naar de eventuele aanwezigheid van klachten. Dat doe je door het uitvoeren van een gezondheidscheck.

Ouders, opvoeders en andere betrokkenen hebben geen klachten

  • Als geen van de betrokkenen klachten heeft, blijven de algemene regels van kracht. Dat wil zeggen: anderhalve meter afstand tussen de professional en alle huisgenoten vanaf 13 jaar en eventueel andere aanwezige volwassenen. Kinderen en jongeren tot 18 jaar hoeven onderling geen anderhalve meter afstand te houden.
  • Gezinsleden van het kind of de jongere kunnen geen klachten hebben, maar wel in de kwetsbare doelgroep vallen. Overleg dan hoe zij betrokken willen zijn bij het gesprek. Misschien dat zij liever online 'aanschuiven'.
  • Als gezinsleden geen klachten hebben maar wel in quarantaine zitten (vanwege contact in het bron- en contactonderzoek van de GGD of bij terugkeer uit een risicogebied), vraag hen dan of zij in een andere ruimte willen verblijven tijdens een huisbezoek of kijk of er bijvoorbeeld een andere betrokkene mee kan naar de afspraak op kantoor. Indien dat niet lukt en de persoon in quarantaine neemt deel aan het gesprek, draag dan een chirurgisch mondmasker type IIR en handschoenen.

Ouders, opvoeders en andere betrokkenen hebben wel klachten

  • Als je op huisbezoek gaat en een huisgenoot van het kind of de jongere heeft klachten of corona, overweeg om het huisbezoek te verplaatsen. Als dat niet wenselijk is vanwege het welzijn van het kind, vraag dan of de huisgenoot in een andere ruimte, in isolatie, verblijft. Misschien kan hij/zij online 'aanschuiven'. Gebruik ook persoonlijke beschermingsmiddelen: chirurgisch mondmasker type IIR, veiligheidsbril, schort en wegwerphandschoenen. 

Je weet niet of ouders, opvoeders en andere betrokkenen klachten hebben

  • Soms kun je geen informatie verkrijgen of geen goede inschatting maken van de aanwezigheid van klachten bij de betrokkene(n), bijvoorbeeld omdat zij dit niet goed kunnen uitleggen of in een crisissituatie waarin je snel moet handelen, dan kun je vanaf het inschalingsniveau 'zorgelijk' preventief een chirurgisch mondmasker type II dragen.
  • Let op: Wanneer later blijkt  dat hij of zij wel corona had, dan word je gezien als 'niet nauw contact' in het bron- en contactonderzoek. Lees meer over 'overige (niet nauwe) contacten'. Wanneer je geen anderhalve meter afstand hebt gehouden, word je beschouwd als 'overig nauw contact' (categorie 2) in het bron- en contactonderzoek. Behalve wanneer je tijdens dat contact naast een chirurgisch mondmasker type II ook handschoenen droeg. Dan word je beschouwd als 'niet nauw contact'. Lees meer over overige nauwe contacten.

Contact met angstige of onzekere gezinnen

Het is belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen en jongeren dat hun normale leven zoveel mogelijk kan doorgaan. Wanneer je merkt dat dit door de angst voor coronabesmetting niet lukt, zoek je samen naar een passende oplossing om sociale isolatie of uitblijven van noodzakelijke behandeling te voorkomen. Je start dus altijd met een gesprek. Samen zoek je naar een passende oplossing. Dat is maatwerk. Je houd daarvoor in jouw professionele afweging altijd ruimte om, in het belang van het kind of de jongere, gemotiveerd af te wijken van bestaande protocollen. 

Persoonlijke beschermingsmiddelen bij eigen kwetsbaarheid

Risicogroep

Behoor je zelf tot de risicogroep, bijvoorbeeld door een chronische ziekte of een recente medische behandeling? Houd je dan altijd strikt aan de adviezen voor persoonlijke beschermingsmiddelen van het RIVM. Als persoonlijke beschermingsmiddelen niet of onvoldoende voorradig zijn, overleg dan met je werkgever of je ander werk kunt doen waarbij je afstand kunt houden van kinderen of jongeren met verkoudheidsklachten. Lees ook de adviezen van het RIVM.

Zwangerschap

Als je minder dan 28 weken zwanger bent, gebruik je persoonlijke beschermingsmiddelen volgens de adviezen van het RIVM. Je kan in principe alle werkzaamheden verrichten met inachtneming van de hygiënemaatregelen. Doe dit wel in overleg met je leidinggevende.

Ben je 28 weken of langer zwanger, dan is het niet verstandig om werkzaamheden in de coronagerelateerde zorg te verrichten. Er wordt hierbij door het RIVM een onderscheid gemaakt tussen intramurale- en extramurale zorg.

  • Werk je intramuraal (bijvoorbeeld in een woonvoorziening), dan wordt het afgeraden om coronagerelateerde zorg te bieden. Kijk samen met je leidinggevende welke niet-coronagerelateerde werkzaamheden je nog wel kunt verrichten.
  • Werk je extramuraal (zorg buiten een instelling), dan verleen je geen coronagerelateerde zorg. Bij al jouw overige werkzaamheden moet je kunnen voldoen aan algemene maatregelen zoals anderhalve meter afstand houden. Wanneer dit niet kan, kijk dan samen met jouw leidinggevende naar werkzaamheden waarin dat wel kan.
  • Lees ook de adviezen van het RIVM

Je bent (mogelijk) besmet maar hebt geen klachten

Wat als je in je besmettelijke periode met cliënten hebt gewerkt?

Indien je geen klachten hebt maar wel positief getest wordt, en je hebt in de besmettelijke periode met cliënten gewerkt, wordt er nagegaan of je tijdens het contact

  • geen klachten had,
  • een chirurgisch mondmasker type II droeg en
  • handschoenen droeg of een goede handhygiëne hebt toegepast.

Indien aan bovenstaande punten is voldaan én preventieve maatregelen goed zijn toegepast, is de kans dat een cliënt besmet is geraakt, minimaal. De cliënten die jij in de besmettelijke periode hebt gezien, worden daarom niet als contact in het bron- en contactonderzoek van de GGD beschouwd. Wanneer je twijfelt of het mondmasker adequaat is gebruikt, worden de cliënten als categorie 3 contact in het bron- en contactonderzoek beschouwd. Wanneer niet aan alle bovenstaande punten is voldaan, geldt dat cliënten als categorie 2 contact in het bron- en contactonderzoek worden beschouwd

Je zit in het bron- en contactonderzoek van de GGD

Je hebt zelf klachten

Wanneer je als professional coronagerelateerde klachten hebt, is het belangrijk je direct te laten testen. Tot de testuitslag blijf je thuis.

Als je getest bent op corona en de test is negatief, mag je met milde klachten zonder koorts weer aan het werk, maar wel met inachtneming van de algemene hygiënemaatregelen.

Als je getest bent op corona en de test is positief dan start het bron- en contactonderzoek van de GGD. Je mag pas weer aan het werk:

  • na minimaal 7 dagen na de start van de symptomen,
  • én als je 48 uur koortsvrij,

én ten minste 24 uur symptoomvrij bent.

Beschikbaarheid persoonlijke beschermingsmiddelen

Hoe kom ik aan persoonlijke beschermingsmiddelen?

Jouw organisatie koopt persoonlijke beschermingsmiddelen voor de eigen medewerkers bij hun reguliere leverancier. Als dat niet lukt, dan kunnen persoonlijke beschermingsmiddelen besteld worden via de portals bij het Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH). Het LCH is een noodvoorraad.  

Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen

Hoe gebruik ik persoonlijke beschermingsmiddelen?

In deze video zie je hoe je de persoonlijke beschermingsmiddelen goed aan- en uittrekt. Het is belangrijk dat je dit in de goede volgorde doet. Bekijk deze video voor een instructie voor gebruik van een mondmasker en bekijk deze video voor een instructie voor gebruik van handschoenen. Handschoenen en wegwerpschort gooi je weg na ieder contact. Een chirurgisch mondmasker kun je 3 uur dragen, mits je het niet met je handen aanraakt. Een beschermende bril kan na desinfectie met 70 procent alcohol hergebruikt worden. Volg hierbij de instructies van jouw instelling.

Hoe weet ik dat het ik het goede mondmasker gebruik?

In de handreiking voor professionals lees je welk mondmasker en andere persoonlijke beschermingsmiddelen je dient te gebruiken. Het is belangrijk dat je jezelf niet 'onderbeschermt' maar ook niet 'overbeschermt'. Dat is niet nodig en bij eventuele schaarste aan persoonlijke beschermingsmiddelen ook niet wenselijk. Het gebruik van mondmaskers stem je zoveel mogelijk af op het kind of de jongere.

Voorbeeld: voor het contact met kinderen met een auditieve beperking kun je een 'doorzichtig masker' gebruiken.

Bekijk ook de website van het RIVM voor het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.

Waarvoor zijn plexiglas schermen bedoeld?

Plexiglas schermen kunnen professionals beschermen tegen het contact met druppeltjes die mensen kunnen verliezen als zij hoesten, niezen of spreken. Zo beschermen ze bijvoorbeeld baliemedewerkers die niet altijd op anderhalve meter afstand kunnen zitten van de persoon die zich bij hen meldt.

Het RIVM geeft antwoord op veel gestelde vragen over persoonlijke beschermingsmiddelen.

Jouw reactie

Heb je vragen of opmerkingen over de informatie over omgaan met de gevolgen van het coronavirus op onze website? Dan kun je reageren via coronavirus@nji.nl. Hiermee kunnen we de informatie op onze website actualiseren.