• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Scheiding

Ontwikkelingen

Betere positie kinderen in vechtscheiding

Een landelijke voorlichtingscampagne, een online workshop, lokale preventieve hulp, proeven met een regierechter en de inzet van de bijzondere curator moeten de positie van kinderen in een vechtscheiding verbeteren. Dat staat in een plan dat de staatssecretarissen van Veiligheid en Justitie (VenJ) en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) eind maart 2014 aan de Tweede Kamer hebben gestuurd. Voor het plan is gesproken met ouders, kinderen, rechters, advocaten, gemeenten, hulpverleningsorganisaties, wetenschappers en de Kinderombudsman, die eind maart ook een rapport publiceerde over vechtscheidingen.

Begin 2015 is, als onderdeel van de campagne ‘Voor een veilig thuis', aandacht besteed aan vechtscheidingen. In onder andere radiocommercials werden mensen opgeroepen om in actie te komen bij een vechtscheiding in hun omgeving. Door er over te praten met de ruziënde ouders en zo nodig hulp in te schakelen, kunnen de nadelige gevolgen van een vechtscheiding voor kinderen worden verminderd.

Bij de campagne is een handreiking gemaakt voor professionals van Veilig Thuis. Verder is er een factsheet met cijfers over echtscheiding en een factsheet over wat professionals en andere betrokkenen kunnen doen bij een vechtscheiding.

Scheiden zonder rechter misschien mogelijk

Echtparen regelen zelf hun scheiding via de ambtenaar van de burgerlijke stand als ze het onderling eens zijn en geen minderjarige kinderen hebben. Dit staat in het wetsvoorstel 'Scheiden zonder rechter'.

Bij de huidige echtscheidingsprocedure is tussenkomst van de rechter verplicht, evenals de bijstand van een advocaat. Dat is bij de nieuwe regeling voor echtparen zonder kinderen niet meer het geval. De echtscheiding kan dan veertien dagen nadat het echtpaar het verzoek heeft ingediend bij de ambtenaar van de burgerlijke stand, worden uitgesproken. De ambtenaar gaat hierbij eerst na of de echtgenoten voldoen aan de voorwaarden. De echtscheidingsprocedure voor echtgenoten met minderjarige kinderen blijft ongewijzigd. Zij zijn verplicht om een ouderschapsplan te maken dat door de rechter wordt getoetst.

De Raad van State adviseert om waarborgen in de wet op te nemen om te voorkomen dat een kwetsbare partij de dupe wordt van een echtscheiding uitgesproken via de burgerlijke stand. De Raad wil dat de ambtenaar actief nagaat of de echtgenoten de gevolgen van de echtscheiding in ogenschouw hebben genomen. Verder moet de ambtenaar om een echtscheidingsconvenant vragen. Staatssecretaris Klaas Dijkhoff van Veiligheid en Justitie is het daar niet mee eens. Hij geeft in een nader rapport aan dat indien de echtgenoten een convenant willen afsluiten ontbinding via burgerlijke stand niet geschikt is.

Veranderingen kinderalimentatie

Het voorstel ’Wet herziening kinderalimentatie’ (2014) is aangenomen door de Eerste kamer.
In de huidige wetgeving is bepaald dat ouders alimentatie betalen aan hun kinderen. Bij de bepaling van het bedrag wordt rekening gehouden met de behoeften van kinderen en de draagkracht van de tot uitkering verplichte ouder. De rechter maakt hierbij gebruik van de aanbevelingen in het rapport Alimentatienormen (ook bekend als het Tremarapport). De initiatiefnemers van de wet (Tweede Kamerleden Ard van der Steur VVD en Jeroen Recourt PvdA) willen met het wetsvoorstel de berekeningsmethodiek voor kinderalimentatie wettelijk vaststellen.

De hoofdlijnen van het wetsvoorstel zijn:

  • De kinderalimentatie wordt beperkt tot 18 jaar in plaats van tot 21 jaar, tenzij het kind studeert of naar school gaat. In dat geval ontstaat een recht op kinderalimentatie tot 23 jaar.
  • De hoogte van de kinderalimentatie blijft gerelateerd aan de welstand tijdens het huwelijk.
  • De hoogte van de kinderalimentatie houdt rekening met de zorgverdeling tussen ouders.
  • Ouders moeten afspraken maken over wie welke kosten betaalt.
  • Er geldt niet langer een alimentatieverplichting voor stiefouders.
  • Financiële verplichtingen voor kinderen uit een eerdere relatie worden niet aangepast als er financiële verplichtingen ontstaan jegens kinderen die later met een andere ouder zijn verwekt.
  • De tabellen van het Nibud voor de behoefte van de minderjarige(n) zijn leidend, in combinatie met de draagkracht van beide ouders.
  • Er is een minimumbijdrageverplichting van € 50,= per maand ongeacht de draagkracht.
  • Ouders moeten met een rekensysteem, dat in de wet wordt opgenomen, met behulp van een internettool de kinderalimentatie eenvoudig zelf kunnen berekenen.

Met behulp van een internettool kan de kinderalimentatie worden berekend in vijf stappen:

  1. Behoefte minderjarige
  2. Draagkracht ouders
  3. Toets: valt de behoefte van het kind binnen de draagkracht van de ouder
  4. Welke ouder is verantwoordelijk voor welke lasten
  5. Vaststelling van de te betalen kinderalimentatie

Gevolgen hervorming kindregelingen voor alimentatie

Door de per 1 januari 2015 ingevoerde Wet hervorming kindregelingen (WHK) is het stelsel van kindregelingen hervormd. Vanwege de invloed van de kindregelingen op het inkomen van ouders en op de tegemoetkoming in de kosten van kinderen, heeft de WHK gevolgen voor de vaststelling van kinderalimentatie.

Kamervragen over de doorwerking van de Wet hervorming kindregelingen op kinderalimentatie waren aanleiding voor de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Lodewijk Asscher, om de gevolgen van de wet nader in kaart te brengen.

De minister concludeert (2015) dat de inkomenseffecten overwegend positief zijn. In specifieke gevallen treden er negatieve inkomenseffecten op. Deze kunnen in bepaalde gevallen worden beperkt door een hogere partneralimentatie. De minister ziet geen noodzaak tot generieke compensatie.

Bronnen

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.