Pesten

Pesten: slachtoffers

Kerncijfers

In 2018 zegt 10 procent van de kinderen in het basisonderwijs en het speciaal basisonderwijs dat zij minstens een keer per maand slachtoffer geweest zijn van pesten. Hiervan geeft bijna 7 procent aan maandelijks gepest te zijn en ruim 3 procent wekelijks. Tussen 2014 en 2016 was sprake van een daling van 14 procent naar 11 procent van het aantal slachtoffers van pesten in het basisonderwijs. In 2018 is deze daling gestabiliseerd.

Binnen het voortgezet onderwijs zegt 5 procent van de leerlingen slachtoffer te zijn van pesten, waarbij bijna 2 procent maandelijks en ruim 3 procent wekelijks is gepest. Ook binnen het voortgezet onderwijs en het speciaal voortgezet onderwijs is sprake van een daling. In 2014 ging het om 11 procent van de leerlingen en in 2016 om 8 procent.

Van de slachtoffers van pesten in het basisonderwijs meldt ruim 66 procent persoonlijk gepest te zijn. Bij bijna 8 procent gaat het om pesten via e-mail, chatgesprekken of sms. Andere manieren waarop kinderen gepest worden, zijn onder meer via telefoongesprekken en briefjes. Ook in het voortgezet onderwijs worden leerlingen met ruim 47 procent vooral persoonlijk gepest. Pesten via internet komt in het voortgezet onderwijs, met ruim 20 procent, meer voor dan in het basisonderwijs.

Deze gegevens zijn afkomstig uit de Monitor Sociale Veiligheid in en rond school, waarin de ervaringen met pesten en geweld van leerlingen worden gemeten. In de vragenlijst wordt het begrip pesten niet gedefinieerd. De beleving van de slachtoffers staat centraal; wat zij onder 'pesten' verstaan kan verschillen (Nelen e.a., 2018).

Laatst bewerkt: 25 april 2019


Gebruikte publicaties

  • Nelen, W., de Wit, W., Golbach, M., van Druten, L., Deen, C. & Scholte R. (2018). Sociale veiligheid in en rond scholen. Nijmegen: Praktikon B.V.

Pesten onder scholieren van 12-16 jaar (2017)

In 2017 zegt bijna 6 procent van de leerlingen in groep 8 van de basisschool in de maanden voorafgaand aan het onderzoek regelmatig gepest te zijn; dat wil zeggen minstens twee keer per maand. Voor scholieren in het voortgezet onderwijs gaat het om 4,5 procent. In 2017 is zowel in het basisonderwijs als in het voortgezet onderwijs ten opzichte van eerdere jaren sprake van een daling van het aantal slachtoffers van pesten. In 2001 zei ruim 12 procent van de basisschoolleerlingen minstens twee keer per maand gepest te worden. In 2017 is dit gedaald naar bijna 6 procent.

Ook in het voortgezet onderwijs is het percentage jongeren dat gepest wordt afgenomen. In 2001 zei 9,5 procent gepest te worden, in 2017 is het gedaald naar 4,5 procent.

Deze gegevens zijn afkomstig uit het vierjaarlijks HBSC-onderzoek naar gezondheid en welzijn van scholieren.

In de meeste onderzoeken naar pesten en gepest worden, wordt aan kinderen en jongeren zelf gevraagd wat hun ervaringen hiermee zijn. Doordat elk onderzoek het begrip 'pesten' anders definieert, is het moeilijk om de resultaten onderling te vergelijken.

Laatst bewerkt: 25 april 2019


Gebruikte onderzoeken en/of registraties

Gebruikte publicaties

  • Stevens, G., van Dorsselaer, S., de Boer, M., de Roos, S., Duinhof, E., ter Bogt, T., van den Eijnden, R., Kuyper, L., Visser, D., Vollebergh, W. & de Looze, M. (2018). HBSC 2017 Gezondheid en welzijn van jongeren in Nederland. Utrecht: Universiteit Utrecht.
Vragen?

Mirella van den Burg is contactpersoon.

Foto Mirella van den Burg

Mirella is contactpersoon voor vragen van beroepskrachten. Ouders en kinderen kunnen terecht op Pestweb.nl.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies. Sluit mededeling over cookies