• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Overgewicht

Risicofactoren

  • Te weinig beweging
  • Ongezond voedingspatroon (niet ontbijten, veel ongezonde tussendoortjes, veel frisdrank, veel suiker, en veel verzadigde vetten)
  • Erfelijke aanleg
  • Een te hoog gewicht van moeder tijdens de zwangerschap
  • Roken tijdens de zwangerschap
  • Een te laag of te hoog geboortegewicht 
  • Onvoldoende slaap
  • Een omgeving die stimuleert om veel te eten en weinig te bewegen
  • Te lang (meer dan 2 uur per dag) televisie kijken en/of de computer gebruiken
  • Een buurt waarin nauwelijks plaats is om buiten te spelen
  • Reclame die aanzet tot ongezond eten
  • Frisdrank- en snackautomaten op school
  • Het gezin heeft een lagere sociaaleconomische status

Toelichting op de risicofactoren

Overgewicht is het gevolg van een langdurige positieve energiebalans: het kind neemt meer energie tot zich (voedsel) dan het nodig heeft (energiegebruik). Aan een verstoring in deze balans, en uiteindelijk overgewicht, kunnen een groot aantal factoren ten grondslag liggen. Deze factoren kunnen biologisch van aard zijn, maar ook omgevingsfactoren en sociaaleconomische factoren zijn van invloed op het gewicht en de leefstijl van het kind.

Erfelijke aanleg

Uit onderzoek is gebleken dat er erfelijke factoren zijn die een relatie hebben met overgewicht: je kunt ‘aanleg’ hebben voor overgewicht. Wat die aanleg precies inhoudt, is echter niet duidelijk.

Zwangerschap

Als de moeder rookt, te zwaar is of zwangerschapsdiabetes heeft, is er een grotere kans dat het kind overgewicht krijgt. Tijdens de zwangerschap worden de vetcellen en de hypothalamus voor een groot deel ontwikkeld. De hypothalamus is een klein orgaan in de hersenen dat invloed heeft op de eetlust en op de stofwisseling. Door zwangerschapsdiabetes maakt het kind extra insuline aan.

Geboorte

Kinderen met een te laag of juist te hoog geboortegewicht en kinderen die de eerste weken na de geboorte te snel aankomen hebben als volwassenen een grotere kans op overgewicht. De gewichtsverstoringen op zeer jonge leeftijd hangen samen met problemen in de energiebalans, de spierkracht en conditie.

Slaap

Bij kinderen die twee uur minder slaap krijgen dan ze gemiddeld nodig hebben of onderbroken slapen blijkt meer dan twee keer zo vaak overgewicht voor te komen dan bij kinderen die wel voldoende slapen of doorslapen. Mogelijke verklaringen zijn fysiologische, biologische en opvoedkundige aspecten. Zo spelen veranderingen in de warmteregulatie en een toenemend hongergevoel een rol, maar ook bewegen kinderen minder omdat zij overdag moe zijn en wordt de energieverbranding lager. Bovendien troosten ouders het kind vaak ‘s nachts met voeding waardoor het kind voeding zal associëren met troost.

Omgeving

Voedings- en beweeggedrag wordt voor een groot deel bepaald door de omgeving. Het kind kan zich bevinden in een omgeving waarin het gemakkelijk is om teveel energie in te nemen via voeding en/of te weinig energie te verbruiken door lichamelijke inactiviteit. Er is in de fysieke omgeving bijvoorbeeld geen speelplaats of de sociale omgeving is weinig motiverend. Mensen om het kind heen kunnen het verkeerde voorbeeld geven, of het kind kijkt teveel televisie op een dag. Zo is uit onderzoek gebleken dat kinderen die meer dan vier uur per dag televisie kijken een hogere BMI hebben dan kinderen die minder dan één uur per dag kijken. Ook is de economische en politieke omgeving van belang: als ongezonde voeding goedkoper is dan gezonde voeding of regelgeving over reclame aanzet tot ongezond eten.

Arme gezinnen

Overgewicht bij kinderen hangt ook samen met de sociaaleconomische positie van het gezin. Gezinnen met een lage sociaaleconomische status hebben mogelijk minder kennis van en geld voor een gezonde leefstijl zoals gezonde voeding en deelname aan een sport. Tot slot komen in niet-westerse gezinnen vaker ongunstige voedings- en beweeggewoonten voor vergeleken met Nederlandse gezinnen. Dit heeft te maken met verschillen in gewoonten en gedrag maar ook in opvoedstijl. Onder ‘opvoeding’ kunt u hierover meer lezen.

Borstvoeding ter preventie van overgewicht

Hoewel resultaten van verschillende onderzoeken niet allemaal dezelfde richting op wijzen, adviseert de richtlijn Overgewicht van het Nederlands Centrum Jeugdgezondheidszorg het geven van borstvoeding gedurende minimaal de eerste zes maanden na de geboorte. Borstvoeding zou het risico op overgewicht verkleinen.  Belangrijk is dat ouders hierover al tijdens de zwangerschap goed geïnformeerd worden zodat zij voldoende gemotiveerd raken voor het geven van borstvoeding, weten welke problemen zij kunnen verwachten en welke oplossingen daarvoor bestaan.

Beïnvloedbare factoren

In de risicofactoren kun je een onderscheid maken tussen beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare factoren. Bij niet-beïnvloedbare gaat het bijvoorbeeld om erfelijke aanleg.Voor een professional die werkt met kinderen met overgewicht of die een interventie wil ontwikkelen voor deze kinderen, zijn vooral de beïnvloedbare factoren interessant. Twee belangrijke beïnvloedbare factoren zijn de mate waarin het kind beweegt en het voedingspatroon. Deze factoren zijn bij wijze van spreken de knoppen waaraan een professional kan draaien om overgewicht te voorkomen of te verminderen. 

Van kennis naar praktijk

Hoe vertaalt een professional de kennis over beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare factoren naar de praktijk? Een interventie ter preventie of vermindering van overgewicht heeft de meeste kans van slagen wanneer de professional:

  • alle beïnvloedbare en niet-beïnvloedbare factoren in kaart brengt die overgewicht veroorzaken, in stand houden, verergeren of verzwakken;
  • doelen stelt die rechtstreeks verband houden met de beïnvloedbare risico- en beschermende factoren van overgewicht (bijv. het bevorderen van een gezond eetpatroon en meer beweging);
  • methodieken gebruikt waarvan bewezen is dat die de risicofactoren van overgewicht verminderen en de beschermende factoren vergroten (bijv. een integrale aanpak van voeding, beweging en opvoeding; ouders betrekken bij de interventie). 

Bronnen

  • Kist-van Holthe, J.E. et al. (2012). Richtlijn: Overgewicht. Utrecht: Nederlands Centrum Jeugdgezondheidszorg.
  • Mil, E. van, & Struik, A. (2015). Overgewicht en obesitas bij kinderen. Verder kijken dan de kilo’s. Amsterdam: Uitgeverij Boom.
Vragen?

Ria Schouten - de Vos is contactpersoon.

Foto Ria  Schouten - de Vos

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.