|
|
De informele steun die ouders elkaar bieden is veelal de sterkste en meest gewenste vorm van opvoedingsondersteuning. Ook het (overheids)beleid kan deze sociale steun bevorderen.
De bekendste functies en vormen van ouderondersteuning zijn: signaleren, informeren, adviseren, sociale en praktische steun. Deze ondersteuning zou voor alle ouders in de buurt, in een gevarieerd basisaanbod, beschikbaar moeten zijn. Dit vraagt samenwerken, een samenwerkingsstructuur, van alle instellingen
Een gevarieerd aanbod kan bestaan uit individuele begeleiding en groepsgewijze opvoedingsondersteuning, het kan plaatsvinden in een voorziening of tijdens huisbezoek, in een specifieke voorziening zoals een Opvoedbureau of op een plaats waar ouders toch al komen met hun kinderen, zoals de school.
Opvoedingsondersteuning is via verschillende media, middelen en werkwijzen beschikbaar: persoonlijk contact, televisie, internet (Ouders Online), telefoon, brochures en handboeken.
Naast een vrij aanbod voor alle ouders is het nodig dat instellingen actief en volhardend contact zoeken met gezinnen die extra steun behoeven. Een gevarieerd basisaanbod is vaak een voorwaarde voor het bereiken van risicogroepen. Afhankelijk van de aard en ernst van de situatie zal de interventie intensiever zijn: van advies tot trainen van opvoedingsvaardigheden, van informatie tot hulpverlening. In de matrix van Kousemaker & Timmers wordt de mate van ernst van problemen in schema gezet met de functies van opvoedingsondersteuning. Invulling van de matrix voor de lokale situatie levert een beeld op van het aanbod: wie biedt wat aan wie?.
Onderzoek toont aan dat een gelijktijdige aanpak van alle betrokkenen en (omgevings)factoren het meest effectief is: een aanbod voor zowel de kinderen, hun ouders en mede-opvoeders als intermediairen. Deze vorm van hulpverlening krijgt gestalte in zogenaamde multimodale programma's.
In enkele plaatsen in Nederland wordt het lokale aanbod aan ouders al door één voorziening, bijvoorbeeld een Steunpunt Opvoeding, aangeboden en gecoördineerd. Daarmee kunnen beleidsdoelen gerealiseerd worden als 'samenhang in het aanbod', 'sluitende aanpak', 'ketenbenadering' en 'vraag/aanbodafstemming'; die doelen vragen om lokale coördinatie onder gemeentelijke regie.