Projecten
Zoek

Eerste plannen

In de eerste plannen van de twaalf deelnemende gemeenten komen twee typen activiteiten naar voren.

Activiteiten gericht op brede groep ouders

Het eerste type activiteiten richt zich op het versterken van de opvoedkracht van sociale netwerken rond een brede groep ouders, zoals:

  • Inloopmogelijkheden in het CJG in de vorm van een huiskamer. Of in voorzieningen waar veel ouders komen, zoals peuterspeelzaal, kinderdagverblijf, brede school, sportkantine.
  • Bijeenkomsten bij mensen thuis, al dan niet volgens het Tupperware principe. Gericht op ontmoeting en ondersteuning bij eenvoudige opvoedvragen.
  • Realiseren van een chatvoorziening in een virtueel CJG.
  • Gebruik maken van acteurs die op het schoolplein met ouders een gesprek aangaan over dagelijkse opvoedvragen.

Allemaal activiteiten gericht op ontmoeting, netwerkvorming en ondersteuning rond eenvoudige opvoedvragen.

Activiteiten gericht op gezinnen met problemen

Het tweede type activiteiten dat de pilotgemeenten willen gaan uitvoeren richt zich ook op het versterken van de opvoedkracht rond gezinnen. De focus is hierbij echter specifiek gericht op gezinnen waar problemen dreigen of op het aanpakken van dreigende problemen. Het gaat dan om activiteiten zoals:

  • Sportverenigingen een rol geven in het signaleren van gezinsproblematiek en het voeren van een dialoog over opvoeding.
  • Lotgenotengroep van ouders na afloop van een individuele interventie.

Opvallend in eerste plannen

Wat opvalt in de plannen van de gemeenten is dat zij zich in sterke mate richten op ouders van kinderen van nul tot twaalf jaar. In het vervolg van de pilot bekijken we met de gemeenten hoe ouders van kinderen en jongeren van twaalf jaar en ouder, én jongeren zelf ook in de plannen opgenomen kunnen worden. Eén van de doelstellingen van het project is het realiseren van een gedeelde verantwoordelijkheid voor opvoeden. Hoe gaan jongeren meer verantwoordelijkheid nemen voor elkaar? Bijvoorbeeld voor hun gedrag in de wijk. Ook hier bekijken we op welke manier het Centrum voor Jeugd en Gezin daarin een rol kan spelen.