Effectieve Jeugdinterventies
Databank met meer dan 100 erkende interventies.

Jeugdzorgaanbod met potentie
Quickscan om te toesten of een interventie in aanmerking komt voor opname in de databank Effectieve Jeuginterventies.


%fullname% Marleen Wilschut is coördinator van het Samenwerkings­verband Effectieve Jeugdzorg Nederland (SEJN).

Stel een vraag

SEJN projecten

Het SEJN voert in opdracht van de overheid en praktijkinstellingen door het hele land projecten uit op het gebied van effectiviteit.

Het werken met prestatie-indicatoren

De MO-groep Jeugdzorg en Interprovinciaal Overleg hebben het SEJN gevraagd een voorstel te doen voor landelijke gegevensverzameling en rapportage. De rapportages moeten onafhankelijk, wetenschappelijk verantwoord en nuttig zijn, voorzien van vergelijkingsmateriaal en context informatie. Meer informatie leest u in de folder Project rapportage prestatie-indicatoren pdf.

Voor meer informatie over prestatie-indicatoren is een speciale website ontwikkeld. Op deze website kunt u onder andere terecht voor de raamwerkafspraken prestatie-indicatoren, informatie over instrumenten, registratie en aggregatie. Maar ook voor informatie over trainingen en cursussen, de wetenschappelijke bijsluiter en veelgestelde vragen.

Beschrijven en onderbouwen interventies Provincie Utrecht

In opdracht van de Provincie Utrecht hebben zeven zorgaanbieders in deze provincie vier modules (één aanbieder vijf) beschreven met als doel deze in te dienen bij de Erkenningscommissie Jeugdinterventies. De betrokken instellingen waren; Centrum voor Wonen Zorg en Welzijn Midden- Nederland (Leger des Heils), JooZt (Leo Stichting Groep), Lijn 5 Meerwijck, De Rading, Timon, Trajectum en Maatschappij Zandbergen.

Project nulmeting

Het project nulmeting is gericht op de opbouw van een gegevensbestand, het zogenaamde TAZ-bestand (TAZ staat voor Thans Aangeboden Zorg). Het bestand bestaat uit diverse studies en registraties die zicht bieden op de effectiviteit van de jeugdzorg zoals deze in de afgelopen tien jaar in de dagelijkse praktijk van de jeugdzorg is uitgevoerd. Dit bestand dient drie doelen:

  1. Het bestand geeft een beeld van de effectiviteit van de dagelijkse praktijk bij een aantal hulpvormen. Het biedt een soort nulpunt voor de te behalen winst met (nieuwe) verbeterslagen in de sector.
  2. Het bestand biedt een verzameling van demografische en effectgegevens over een groot aantal cliënten in diverse werksoorten in de sector. Hieruit zijn voor wetenschappelijke onderzoeksdoeleinden TAZ-controlegroepen samen te stellen om de effectiviteit van experimentele interventies te bepalen.
  3. De gegevens die in het project bijeen worden gebracht zullen ‘gaten’ vertonen. Het bestand laat de ‘gaten’ zien en toont welke vervolgstudies nodig zijn om deze te dichten.

Beknopte informatie over het project vindt u in de brochure pdf. Voor uitgebreidere informatie verwijzen we u naar het startdocument pdf.

In september 2010 is het eindrapport van het project nulmeting uitgekomen: 'Over verandering gesproken' pdf.

Werken aan effectiviteit Noord-Holland

Jeugdzorgaanbieders in de provincie Noord-Holland verzochten het Nederlands Jeugdinstituut ondersteuning te bieden bij het beschrijven en theoretisch onderbouwen van een aantal modules richting interventies. Bij het project zijn de volgende vier Noord-Hollandse jeugdzorgaanbieders betrokken: OCK Het Spalier, Parlan, Maatschappij Zandbergen en Centrum voor Wonen, Zorg en Welzijn (CWZW). Informatie over het project.

Werken aan effectiviteit Jeugdzorg Limburg

Vertegenwoordigers van de provincie Limburg, Bureau Jeugdzorg, Rubicon, Xonar en Bureau van Montfoort zijn in overleg getreden over samenwerking op het gebied van effectieve interventies. Zij kwamen tot de gedeelde visie dat effectiviteit breder gezien moet worden dan alleen de inzet of ontwikkeling van interventies die in de databank Effectieve Jeugdinterventies zijn opgenomen. Een goed overzicht van de werkwijzen (interventies en algemene werkwijzen) die ingezet worden, en de effectiviteit daarvan ontbreekt vooralsnog. Een belangrijke stap op weg naar evidence based werken en effectmonitoring is het in kaart brengen van ingezette werkwijzen. Het SEJN is gevraagd voor ondersteuning hierbij.

Om een overzicht te krijgen van de gebruikte methoden, wordt een quickscan uitgevoerd. De term ‘methode’ wordt gebruikt als algemene aanduiding voor de werkwijze, zowel in het algemeen als in een interventie. Alle methoden worden in kaart gebracht en doorgelicht aan de hand van de eisen die de Databank Jeugdinterventies stelt. Er wordt onder meer gekeken naar de mate waarin de methoden duidelijk beschreven zijn, de visie en theoretische onderbouwing, en de algemeen en specifiek werkzame factoren. Vervolgens komen knelpunten en ontwikkelpunten aan het licht op basis waarvan een advies gevormd kan worden voor effectiever werken.

Naar een effectief jeugdzorgaanbod in Rotterdam

De stadsregio Rotterdam startte begin 2007 het programma Ieder Kind Wint. Het doel is een zorgaanbod samen te stellen dat optimaal aansluit op de vraag naar zorg. Als eerste stap werd hiervoor een vraagontwikkelingsonderzoek uitgevoerd. De rapportage daarvan verscheen in mei 2008 en geeft met name inzicht in het gebruik van het lokale en geïndiceerde hulpaanbod voor jeugd in de stadsregio en de gemeente Rotterdam (Van der Loos & Wever, 2008).

Een volgende stap is het optimaliseren van de effectiviteit van het zorgaanbod in de stadsregio. Hiertoe is de ambitie dat het deel van het geïndiceerde – provinciaal gefinancierde – jeugdzorgaanbod dat herkenbaar is als aanbod met potentie (‘een specifieke aanpak voor een specifieke doelgroep met specifieke doelen’ ofwel cure) eind 2010 op het niveau ‘in theorie effectief’ functioneert. Dit project is te zien als een onderdeel in het bereiken van deze ambitie Meer informatie.