Home  > Kennis  > Dossiers  > Mediaopvoeding  > Feiten en cijfers > Definitie en functie

Seksualisering, reden tot zorg? (2009)
Rapport over de invloed van seksualisering op jongeren.

Jongeren, media en seksualiteit (2007)
Onderzoek naar de invloed van media op seksueel gedrag van jongeren.

Kenniskring Media-opvoeding
Ontwikkelt een product dat ouders helpt bij media-opvoeding.



Peter  Nikken Peter Nikken is specialist op het gebied van jeugd, media en opvoeding.

Stel een vraag


Bekijk de video
Bekijk de video Peter Nikken legt uit wat mediaopvoeding is.
Print Print pagina of dossier

Print deze pagina

Print het complete dossier

Of print een selectie
Nieuws
Feiten en cijfers
Praktijk
Beleid
Onderzoek
Literatuur
Agenda
Links
Begrippen

Definitie en functie

Mediaopvoeding vormt een onderdeel van de dagelijkse opvoeding door ouders. Bij mediaopvoeding gaat het erom dat ouders ervoor zorgen dat hun kinderen uiteindelijk:

  • media zelfstandig kunnen gebruiken en daarbij hun tijdsbesteding in de gaten kunnen houden;
  • de informatie die ze in de media tegenkomen kunnen begrijpen, dat ze kunnen doorzien wat waar en onwaar is en wat waardevol is, en dat ze weten hoe de media invloed kunnen uitoefenen.

Met de term 'mediaopvoeding' wordt meestal de omgang bedoeld met audiovisuele media, zoals films, televisie, radio, internet, games en mobiele telefonie. Het omgaan met kranten, tijdschriften en boeken behoort echter ook tot de mediaopvoeding.

Drie vormen van begeleiding

Mediaopvoeding kent drie varianten. Uit onderzoek blijkt dat zij alledrie zowel bij televisiekijken als bij gamen en internetten effectief kunnen zijn:

  • Restrictieve begeleiding: het reguleren van wat kinderen met de media doen, zoals het verbieden van bepaalde programma's, zenders of games, en het maken van afspraken over hoe lang en wanneer kinderen mogen kijken, gamen, surfen of lezen.
  • Actieve begeleiding: het uitwisselen van meningen, commentaar en informatie bij wat kinderen in de media tegenkomen, zoals motiveren waarom bepaalde sites, tijdschriften, programma's of games 'goed' of 'fout' zijn, uitleg geven bij onderwerpen die kinderen nog niet goed kunnen begrijpen, waardering uitspreken voor leuke en geschikte films, games, boeken of programma's. Deze begeleiding wordt soms ook evaluatief of informatief genoemd.
  • Gezamenlijke mediabeleving: het bewust samen kijken, gamen of surfen, waarbij ouders en kinderen samen genieten, griezelen of meeleven. Hierbij gaat het vooral om de uitwisseling van emoties tijdens het gezamenlijke mediagebruik.

Mediagedrag in goede banen leiden

In de afgelopen jaren is het gebruik van media en het bezit van audiovisuele apparaten door kinderen en jongeren sterk toegenomen. Steeds meer kinderen hebben op jonge leeftijd al een eigen televisietoestel, een computer of laptop en een high-tech mobieltje. Gemiddeld besteden kinderen en jongeren tegenwoordig enkele uren per dag aan televisiekijken, gamen en internetten. De tijd die zij besteden aan lezen neemt de laatste jaren juist af. Mediaopvoeding is erop gericht het mediagedrag van kinderen en jongeren in goede banen te leiden.

Leren van de media

Mediaopvoeding door ouders is voor kinderen van belang omdat het hen kan helpen bewust om te gaan met het enorme aanbod van mediaproducten. Mediaopvoeding thuis is waarschijnlijk zelfs belangrijker dan media-educatie op school. Als ouders van jongsaf aan hun kinderen bijvoorbeeld stimuleren tot lezen, kan dat ertoe bijdragen dat kinderen meer plezier krijgen in lezen en dat ze betere lezers worden. Selectief kiezen voor bepaalde tv-programma's, films of games en een gerichte interesse van ouders voor wat hun kinderen op internet doen, kan er ook toe bijdragen dat kinderen meer positieve invloeden van de media ondervinden. Ze kunnen daardoor meer leren van de media waarmee ze zich vermaken.

Riskant mediagebruik

Als de mediaopvoeding thuis tekortschiet kan het mediagebruik door kinderen en jongeren risico's met zich meebrengen. Dan zijn er twee belangrijke gevaren:

  • Kinderen besteden (te) veel tijd aan de media, waardoor andere activiteiten in het gedrang komen. Daardoor kan hun gezondheid worden bedreigd of kunnen schoolprestaties achterblijven.
  • Kinderen worden met zaken in de media geconfronteerd waar zij emotioneel of cognitief nog niet aan toe zijn. Daardoor kunnen ze ongewenst gedrag gaan vertonen, verkeerde denkbeelden krijgen of emotioneel overbelast raken.

Mediawijsheid

Mediaopvoeding hangt nauw samen met 'mediawijsheid', een term die de Raad voor Cultuur heeft geïntroduceerd in een advies in 2005. De Raad bedoelt daarmee: 'het geheel van kennis, vaardigheden en mentaliteiten waarmee burgers zich bewust, kritisch en actief kunnen bewegen in een complexe, veranderlijke en fundamenteel gemedialiseerde wereld'. Volgens de Raad is mediawijsheid niet alleen voor kinderen en jongeren noodzakelijk, maar dient iedere burger mediawijs te zijn. Daarom is in 2008 het mediawijsheid-expertisecentrum Mediawijzer.net opgericht. Het centrum is niet alleen bedoeld voor kinderen en ouders maar ook voor bijvoorbeeld docenten en mediaprofessionals. Het centrum wordt aangestuurd door vijf organisaties, waaronder de publieke omroepen en de openbare bibliotheken.
Meer informatie over het Mediawijzer.net.

Bron