Kennis
Zoek

Wat werkt?

Effectieve bestrijding van kindermishandeling vraagt om een samenhangend programma van activiteiten op verschillende niveaus, zowel preventief als curatief.

Universele/selectieve preventie
Universele preventie richt zich op alle ouders, andere opvoeders en kinderen. Universele preventie kan bijvoorbeeld bestaan uit beleid en wetgeving, opvoedingsondersteuning aan alle ouders en voorlichting en training aan alle kinderen. Selectieve preventie is het aanbieden van voorlichting en training aan groepen waarin kindermishandeling meer dan gemiddeld voorkomt. Vormen van selectieve preventie voor kindermishandeling zijn bijvoorbeeld het zorgen voor een grotere beschikbaarheid van reguliere zorg in risicowijken, het organiseren van buurtprogramma’s en het stimuleren van intensieve betrokkenheid van ouders bij programma’s ter bestrijding van onderwijsachterstanden.

Geïndiceerde preventie
Geïndiceerde preventie is gericht op gezinnen die gescreend en geselecteerd zijn op de aanwezigheid van individuele risicofactoren. Voor deze gezinnen kunnen intensieve homevisitingprogramma’s ingezet worden. Deze programma’s zijn gericht op het vergroten van kennis en vaardigheden die bijdragen aan de gezonde ontwikkeling van ouders, kinderen en gezinnen. Over het algemeen hebben deze programma’s positieve effecten als zij aan een aantal voorwaarden voldoen, bijvoorbeeld een tijdige start, een meervoudig aanbod en een focus op risico- en beschermende factoren.

Interventies bij vroege signalen
Deze vorm van preventie is gericht op ouders, op andere opvoeders of op kinderen bij wie al signalen van opvoedingsproblemen zijn te zien. Een aantal programma's kan deze gezinnen waarschijnlijk helpen. Al deze programma's hebben een cognitief-gedragsmatige basis. Daarnaast bestaan er ook gezinsondersteuningsprogramma’s die intensiever zijn of langer duren. In deze zogeheten homevisitingprogramma’s krijgen gezinnen praktische hulp op meerdere levensgebieden. Homevisitingprogramma's kunnen positieve effecten hebben op gevoelens van competentie, ondersteuning en opvoedingsvaardigheden. In combinatie met speciale onderdelen voor kinderen of interventies gericht op concrete opvoedingsvaardigheden kunnen deze effecten nog groter zijn.

Hulpverlening
Bij vermoedens of feitelijke constatering van kindermishandeling moet zo snel mogelijk worden ingegrepen. Interventies bestaan dan uit hulpverlening, strafrechtelijke of civielrechtelijke (jeugdbeschermings)maatregelen of combinaties daarvan. Bij seksueel misbruik is aangifte bij de politie de standaardprocedure. Interventies kunnen zich richten op het kind, de ouders en het gezin. Over het algemeen geeft een cognitief-gedragsmatige behandeling de beste resultaten. Bij kinderen is deze behandeling vooral gericht op zelfregulatie van hun gedachten, gevoel en gedrag. Bij ouders is de behandeling vooral gericht op het reguleren van hun eigen gedrag en van gewenst en ongewenst gedrag van hun kinderen. Het meest effectief blijkt een zogenoemde multimodale aanpak te zijn. Dat betekent dat het hulpaanbod aan de verschillende betrokkenen voldoende onderlinge samenhang heeft, dat het gericht is op meerdere systemen tegelijk -  bijvoorbeeld ouders, kinderen, familie en sociaal netwerk -en dat het gebaseerd is op een gemeenschappelijke visie, analyse en behandelingsplanning van de verschillende instellingen die erbij betrokken zijn.

Meer informatie
Meer informatie over werkzame principes bij kindermishandeling vindt u in onderstaand document: Wat werkt bij de aanpak van kindermishandeling?  pdf

Reacties
Heeft u aanvullingen of commentaar op deze pagina? Uw reactie kan leiden tot uitwisseling met collega’s of aanpassing van de inhoud.
Er zijn nog geen reacties van bezoekers.